Overwegende dat het in het gebruik nemen van het openbaar domein voor de gemeente bijkomende kosten met zich meebrengt op het vlak van veiligheid, onderhoud van het openbaar domein, afvalbeheersing, openbare netheid, verkeersveiligheid en infrastructuur;
Gelet op de financiële toestand van de stad en de noodzaak om het budget in evenwicht te houden;
Artikel 1. heffingstermijn en belastbaar feit
Er wordt voor het aanslagjaar 2026 een belasting gevestigd op het gebruik van het openbaar domein ter gelegenheid van markten, tenzij deze ingebruikname het voorwerp uitmaakt van een overeenkomst.
Artikel 2. belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de gebruiker van het openbaar domein ter gelegenheid van markten.
Artikel 3. berekeningsgrondslag en tarief
De belasting wordt vastgesteld op:
Elk gedeelte van een lopende meter wordt als een volle lopende meter beschouwd.
Ingeval van werken waardoor de marktstandplaatsen moeilijk toegankelijk zijn, kan in verhouding tot de duur der werken een halvering van de belasting worden toegekend.
De belasting is niet verschuldigd voor acties van occasionele verkoop met niet-commercieel karakter, hiervoor is een toelating van het college van burgemeester en schepenen nodig. Deze verkopen zijn acties van verenigingen, scholen en particulieren om bijvoorbeeld culturele, sportieve, menslievende, sociale of educatieve doelstellingen te realiseren. Deze verkopen zijn niet onderworpen aan de bepalingen die voor de ambulante handelaars gelden.
Artikel 4. vaste deelnemers - abonnement
Voor het verwerven van een vaste standplaats op het openbaar domein, ter gelegenheid van markten, is een abonnement vereist.
De abonnementen worden toegekend voor onbepaalde duur. De prijs van een dergelijk abonnement wordt berekend overeenkomstig artikel 3.
De houders van een vaste plaats ontvangen het aanslagbiljet via eBox of via de post.
Artikel 5. losse deelnemers
De gemeentelijk aangestelde marktverantwoordelijke ontvangt ter plaatse de belasting van de losse marktkramers tegen afgifte van een kwitantie. Bij niet-betaling worden deze van de markt verwezen.
Artikel 6. bezwaar
Op grond van het decreet van 30 mei 2008 en volgens de daar beschreven voorwaarden kan tegen deze belasting een bezwaar ingediend worden bij het college van burgemeester en schepenen.
Behoudens latere wijzigingen bepaalt het decreet dat het bezwaar schriftelijk moet worden ingediend, en ondertekend en gemotiveerd zijn. Het moet op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag of vanaf de datum van contante inning.
Het bezwaar kan via een duurzame drager worden ingediend.
Artikel 7.
De daartoe beëdigde aangestelden van het stadsbestuur zijn gemachtigd alle inbreuken op deze verordening vast te stellen.
Artikel 8. bekendmaking
De bekendmaking van het besluit gebeurt overeenkomstig de artikelen 286 t/m 288 van het decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017. Overeenkomstig artikel 330 van hetzelfde decreet wordt de toezichthoudende overheid op de hoogte gebracht van de bekendmaking van het besluit.