De raad voor maatschappelijk welzijn stelt haar deel van de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 vast. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor 2026.
Het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031, zie bijlage, wordt voorgelegd aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst het eigen deel van de aanpassing van het meerjarenplan vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van de aanpassing van het meerjarenplan, die de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 definitief is vastgesteld. Door die goedkeuring wordt het beleidsrapport in zijn geheel definitief vastgesteld.
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Het budget is geen afzonderlijk beleidsrapport meer, maar wordt geïntegreerd in het meerjarenplan. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor dat jaar. Vermits elke rechtspersoon (stad en OCMW) voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in het meerjarenplan wel een duidelijk onderscheid tussen de kredieten van de stad en die van het OCMW. Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (M3), waarin de kredieten voor de stad en het OCMW apart worden opgenomen.
Omdat de stad en het OCMW een geïntegreerd meerjarenplan maken, wordt het financieel evenwicht voor de twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld. Het meerjarenplan is financieel in evenwicht als het voldoet aan de volgende voorwaarden:
De twee bovenvermelde normen worden aangevuld met indicatoren over het geconsolideerd financieel evenwicht en de gecorrigeerde autofinancieringsmarge. Dit zijn evenwel geen afdwingbare normen.
In toepassing van de bepalingen van het decreet lokaal bestuur werd het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 op 10 juni 2026 aan de raadsleden bezorgd.
Voorstel van besluit:
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt haar deel van de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 vast, zoals in bijlage toegevoegd.
Het meerjarenplan 2026-2031, zie bijlagen, bestaat uit volgende onderdelen:
Het meerjarenplan 2026-2031 van stad en OCMW Aarschot is financieel in evenwicht vermits het voldoet aan de volgende voorwaarden:
Enig artikel
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt haar deel van de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 vast, zoals in bijlage toegevoegd. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor 2026.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt het eindrapport van het project lokaal activeringspact periode 01.12.2024 - 30.11.2025 goed.
In oktober 2024 stapte Aarschot mee in het project lokaal activeringspact (2) van de Vlaamse overheid. Dit project heeft als doel lokale besturen te stimuleren om meer (equivalent) leefloongerechtigden duurzaam naar werk te begeleiden. Het Vast Bureau gaf op 11.10.2024 goedkeuring voor de indiening van deze projectaanvraag voor de periode 1.12.2024 - 30.11.2025, inclusief het ondertekende plan van aanpak (zie bijgevoegd).
Bij de opmaak van de projectoproep werden voor Aarschot 192 cliënten geteld die gerechtigd waren op (equivalent) leefloon. Om het Vlaams gemiddelde te behalen, dienden er 38 mensen (20%) uit te stromen naar een duurzame tewerkstelling (= minstens 60 dagen tewerkgesteld in een periode van 4 maanden). Bovenop dit Vlaams gemiddelde engageerde Aarschot zich om bijkomend 40 personen duurzaam naar werk toe te leiden, wat het totale streefdoel op 78 personen bracht.
Op het einde van de projectperiode, op 30 november 2025, kon Aarschot een sterk eindresultaat voorleggen. 82,5% van het bijkomende engagement werd gerealiseerd. Concreet betekent dit dat 33 van de vooropgestelde 40 personen duurzaam uitstroomden naar werk, in totaal 71 personen. De uitstroom werd echter nog verder opgevolgd tot april 2026. Tegen die datum was er in totaal een uitstroom van 75 personen, waardoor slechts drie personen ontbraken om de vooropgestelde doelstelling van 78 personen te behalen.
Aan deze gerealiseerde uitstroom is een resultaatsgebonden financiering gekoppeld. Lokale besturen ontvangen per duurzame uitstroom bovenop het Vlaamse gemiddelde een subsidie van € 1.000, gekoppeld aan bewezen en aanvaarde kosten uit het actieplan.
De verwachte subsidie voor Aarschot bedraagt bijgevolg € 33.000. Hiervan werden reeds twee voorschotten ontvangen in 2025 en 2026, telkens ten bedrage van € 12.000. Het resterende saldo van € 9.000 zal uitbetaald worden na:
Vlaanderen, Departement Werk en Sociale Economie, oproep lokaal activeringspact
https://www.vlaanderen.be/departement-werk-sociale-economie/oproep-lokaal-activeringspact-2024
In oktober 2024 stapte Aarschot mee in het project lokaal activeringspact (2) van de Vlaamse overheid. Dit project heeft als doel lokale besturen te stimuleren om meer (equivalent) leefloongerechtigden duurzaam naar werk te begeleiden. Het Vast Bureau gaf op 11.10.2024 goedkeuring voor de indiening van deze projectaanvraag voor de periode 1.12.2024 - 30.11.2025, inclusief het ondertekende plan van aanpak (zie bijgevoegd).
Bij de opmaak van de projectoproep werden voor Aarschot 192 cliënten geteld die gerechtigd waren op (equivalent) leefloon. Om het Vlaams gemiddelde te behalen, dienden er 38 mensen (20%) uit te stromen naar een duurzame tewerkstelling (= minstens 60 dagen tewerkgesteld in een periode van 4 maanden). Bovenop dit Vlaams gemiddelde engageerde Aarschot zich om bijkomend 40 personen duurzaam naar werk toe te leiden, wat het totale streefdoel op 78 personen bracht.
Om dit doel te realiseren werd voornamelijk ingezet op individueel maatwerk in functie van gerichte activering via de aanstelling van een eigen arbeidstrajectbegeleider. De opstart hiervan verliep echter moeizaam door de (terminale) ziekte van deze collega, wat uiteraard een impact had op de resultaten van dit project. Flankerend werden enkele acties opgezet zoals cursusdagen "wegwijs in de opstart naar de arbeidsmarkt" en een lessenreeks(en) leren solliciteren i.s.m. Ligo. Een bijkomende geplande actie, namelijk speeddates met de uitzendkantoren van Aarschot, kon door de hierboven vermelde omstandigheden niet worden gerealiseerd.
Ondanks deze moeilijke start, werd het Vlaams gemiddelde van 38 personen al snel bereikt. Op het einde van de projectperiode, op 30 november 2025, kon Aarschot een sterk eindresultaat voorleggen. Uiteindelijk werd 82,5% van het bijkomende engagement gerealiseerd. Concreet betekent dit dat 33 van de vooropgestelde 40 personen duurzaam uitstroomden naar werk, in totaal 71 personen. De uitstroom werd echter nog verder opgevolgd tot april 2026. Tegen die datum was er in totaal een uitstroom van 75 personen, waardoor slechts drie personen ontbraken om de vooropgestelde doelstelling van 78 personen te behalen.
Aan deze gerealiseerde uitstroom is een resultaatsgebonden financiering gekoppeld. Lokale besturen ontvangen per duurzame uitstroom bovenop het Vlaamse gemiddelde een subsidie van € 1.000, gekoppeld aan bewezen en aanvaarde kosten uit het actieplan.
De verwachte subsidie voor Aarschot bedraagt bijgevolg € 33.000. Hiervan werden reeds twee voorschotten ontvangen in 2025 en 2026, telkens ten bedrage van € 12.000. Het resterende saldo van € 9.000 zal uitbetaald worden na:
De uiterste indieningsdatum hiervoor is 30 september 2026.
In de kostenverantwoording werd voornamelijk de loonkost van de arbeidstrajectbegeleider opgenomen.
MJP202280: het subsidiebedrag van € 24.000 werd reeds uitbetaald (2025-2026). Onder voorbehoud van goedkeuring van het eindrapport, verwachten we nog een resterend saldo van € 9.000.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt het eindrapport van het project lokaal activeringspact periode 01.12.2024 - 30.11.2025 goed.
De raad voor maatschappelijk welzijn gaat akkoord met de ontwerpen van lastenkohier - eindelijke toewijs voor de gronden in Tielt-Winge (1), Halen en Kortenaken (2) en de gedetailleerde overzichten van de individuele loten.
Gelet op de beslissing van de OCMW-raad van 21.12.2023 houdende principieel akkoord tot verkoop van het patrimonium van onroerende goederen, gelegen buiten het grondgebied van Aarschot.
Gelet op de beslissing van het vast bureau van 02.02.2024 houdende aanstelling van de 4 notariskantoren van Aarschot voor het voorbereiden van de dossiers, het organiseren van de verkoop en het verlijden van de authentieke aktes tot de verkoop van het patrimonium van onroerende goederen van het OCMW van Aarschot, gelegen buiten Aarschot.
Gelet op de 2 ontwerpen van lastenkohier - eindelijke toewijs - opgemaakt door notarissen Bert & Koen Boogaerts voor de gronden in Tielt-Winge (1), Halen en Kortenaken (2) en de gedetailleerde overzichten van de individuele loten.
Aan de raad wordt voorgesteld akkoord te gaan met de 2 ontwerpen van lastenkohier - eindelijke toewijs - opgemaakt door notarissen Bert & Koen Boogaerts voor de gronden in Tielt-Winge (1), Halen en Kortenaken (2) en de gedetailleerde overzichten van de individuele loten.
De OCMW-raad ging op 21.12.2023 principieel akkoord tot verkoop van het patrimonium van onroerende goederen, gelegen buiten het grondgebied van Aarschot.
Het patrimonium van onroerende goederen van het OCMW van Aarschot, gelegen buiten Aarschot bestaat uit een 180-tal percelen, deels verpacht, die her en der verspreid liggen.
De percelen kunnen onderverdeeld worden in 4 clusters:
De bestemmingen volgens het gewestplan zijn o.a. agrarisch gebied, agrarisch gebied met ecologisch karakter, natuurgebied, woonuitbreidingsgebied, ...
De procedure zal verlopen met voldoende openbaarheid en transparantie. Het bestuur zal voldoende en gepaste publiciteit voeren om alle mogelijk geïnteresseerden te bereiken.
De 4 notariskantoren van Aarschot hebben zich bereid verklaard om hieraan mee te werken.
Op 02.02.2024 werden de 4 notariskantoren van Aarschot aangesteld voor het voorbereiden van de dossiers, het organiseren van de verkoop en het verlijden van de authentieke aktes tot de verkoop van het patrimonium van onroerende goederen van het OCMW van Aarschot, gelegen buiten Aarschot. Elk notariskantoor kreeg een cluster toevertrouwd.
Voor de verkoop van de percelen in Tielt-Winge, Halen en Kortenaken werden door het notariskantoor Boogaerts reeds volgende voorbereidende stappen ondernomen:
De verdere procedure, met inbegrip van de publiciteit, de openbare verkoop, de betaling van de koopprijs en het verlijden van de authentieke akte, zal worden georganiseerd door de instrumenterende notaris. De concrete data worden vastgesteld rekening houdend met de datum van goedkeuring van onderhavige beslissing, de termijnen van administratief toezicht en de wettelijke voorschriften die op de verkoop van toepassing zijn.
In het meerjarenplan, zoals goedgekeurd door de raad op 18 december 2025 is de opbrengst m.b.t. de verkoop van de gronden opgenomen, BBC–actie 1.1.1, raming MJP200189 – ARK 26000000, beleidsveld 0050, nl.
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn gaat akkoord met bijgevoegde ontwerpen van lastenkohier - eindelijke toewijs - opgemaakt door notarissen Bert & Koen Boogaerts voor de gronden in Tielt-Winge (1), Halen en Kortenaken (2) en de gedetailleerde overzichten van de individuele loten.
Artikel 2
Bij de ondertekening van het proces-verbaal van toewijzing/notariële akte zal het OCMW vertegenwoordigd worden door de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en de algemeen directeur of hun afgevaardigden.
Artikel 3
Het vast bureau wordt belast met de verdere dossiervorming.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de documenten gewijzigd in het kader van het revisietraject 2025 van het Organisme voor de Financiering van Pensioenen (OFP) Prolocus goed.
Het OCMW Aarschot is met ingang van 01.01.2022 toegetreden tot het Organisme voor de Financiering van Pensioenen (OFP) Prolocus voor de tweede pensioenpijler. In de eerste helft van 2025 heeft het OFP Prolocus een aantal sleuteldocumenten herzien in het kader van haar revisietraject “passiva-zijde”(*), met name het financieringsplan en de beheersovereenkomst. Het betreft voornamelijk technisch-juridische aanpassingen, met als doel om de teksten beter te laten aansluiten bij de praktijk. Daarnaast werden er ook een aantal inhoudelijke wijzigingen aangebracht. In het kader van het revisietraject werden ook een aantal technisch-juridische wijzigingen aan het Kaderreglement Tweede Pensioenpijler Contractanten en aan het Bijzonder Reglement voorgesteld, hoofdzakelijk met als doel om het beheer van het DC-Plan te vereenvoudigen. Het Kaderreglement zelf bepaalde dat het begin 2025 door de sociale partners moest geëvalueerd worden, met mogelijks een bijsturing tot gevolg. De voorgestelde wijzigingen aan het Kaderreglement werden besproken in het Comité C1, goedgekeurd op de Raad van Bestuur van het OFP Prolocus van 23.05.2025, en bekrachtigd op de Algemene Vergadering van 17.06.2025.
Aan de raad voor maatschappelijk welzijn wordt dan ook gevraagd om de wijzigingen aan het Bijzonder (pensioen)Reglement voor de contractuele personeelsleden van MIPS_Aarschot (multi-inrichterspensioenstelsel) goed te keuren, en om in te stemmen met de Bijlage bij de Toetredingsakte tot goedkeuring van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan van het OFP Prolocus.
(*) Dit is het revisietraject dat betrekking heeft op de pensioenverplichtingen. In 2026 wordt het revisietraject met betrekking tot de “activa-zijde” (de assets) uitgevoerd.
het OFP Prolocus in de eerste helft van 2025 een aantal sleuteldocumenten herzien heeft in het kader van haar revisietraject “passiva-zijde” (*), met name:
het financieringsplan;
de beheersovereenkomst.
het voornamelijk gaat om technisch-juridische aanpassingen, met als doel om de teksten beter te laten aansluiten bij de praktijk;
er daarnaast ook een aantal inhoudelijke wijzigingen werden aangebracht, zoals bijvoorbeeld in de beheersovereenkomst:
de transparante beschrijving van de aangepaste (goedkopere) kostenregeling;
het inschrijven van een aantal aansprakelijkheidsbeperkingen n.a.v. een wijziging van het Burgerlijk Wetboek;
het bepalen van een praktische regeling m.b.t. de verworven pensioenrechten van aangeslotenen van een fusiebestuur dat haar pensioenverplichtingen niet langer toevertrouwt aan het OFP Prolocus, enz.;
en in het financieringsplan:
het vervangen van een aantal niet-gebruikte RSZ-inningspercentages door andere RSZ-inningspercentages die moeten toelaten om in de toekomst voor een aantal besturen fijnmaziger te innen;
beschrijving van de praktische toepassing van de pre-financiering bij fusies van besturen enz.;
in het kader van het revisietraject ook een aantal technisch-juridische wijzigingen aan het Kaderreglement Tweede Pensioenpijler Contractanten (hierna “het Kaderreglement”) en aan het Bijzonder Reglement werden voorgesteld, hoofdzakelijk met als doel om het beheer van het DC-Plan te vereenvoudigen;
ook het Kaderreglement zelf bepaalde dat het begin 2025 door de sociale partners moest geëvalueerd worden, met mogelijks een bijsturing tot gevolg;
de voorgestelde wijzigingen aan het Kaderreglement besproken werden in het Comité C1;
bovenvermelde documenten goedgekeurd werden op de Raad van Bestuur van het OFP Prolocus van 23.05.2025, en bekrachtigd werden op de Algemene Vergadering van 17.06.2025;
het Kaderreglement werd goedgekeurd in het Protocol van Akkoord van 12.11.2025 van het Comité C1;
in navolging van het bovenvermelde aan het bestuur gevraagd wordt om de wijzigingen aan haar Bijzonder Reglement goed te keuren, en om in te stemmen met de Bijlage bij de Toetredingsakte tot goedkeuring van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan, in concreto:
het Bijzonder (pensioen)Reglement van het Defined Contribution Plan in uitvoering van het Kaderreglement gehecht aan het Protocol nr. 2025/02 van het Onderhandelingscomite C1 voor de contractuele personeelsleden van MIPS_Aarschot (multi-inrichterspensioenstelsel), zoals gevoegd in bijlage 1;
de Bijlage bij de Toetredingsakte van het OCMW Aarschot tot goedkeuring van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan van het OFP Prolocus, zoals gevoegd in bijlage 2;
(*) Dit is het revisietraject dat betrekking heeft op de pensioenverplichtingen. In 2026 wordt het revisietraject met betrekking tot de “activa-zijde” (de assets) uitgevoerd.
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn heeft kennis genomen van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan van het OFP Prolocus, alsook van het gewijzigde Kaderreglement en het in uitvoering daarvan gewijzigde Bijzonder (pensioen)Reglement.
Artikel 2
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de wijzigingen aan het Bijzonder (pensioen)Reglement van het Defined Contribution Plan in uitvoering van het Kaderreglement gehecht aan het Protocol nr. 2025/02 van het Onderhandelingscomite C1 voor de contractuele personeelsleden van MIPS_Aarschot (multi-inrichterspensioenstelsel), zoals gevoegd in bijlage 1 van dit besluit, goed.
Artikel 3
De raad voor maatschappelijk welzijn stemt in met de Bijlage bij de Toetredingsakte tot goedkeuring van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan, zoals gevoegd in bijlage 2 bij dit besluit.
Artikel 4
De raad voor maatschappelijk welzijn geeft aan de algemeen directeur en de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn het mandaat om het Bijzonder (pensioen)Reglement en de Bijlage bij de Toetredingsakte - respectievelijk bijlage 1 en bijlage 2 bij dit besluit - te ondertekenen, en verzoekt de personeelsdienst om deze documenten op de gevraagde wijze zo spoedig mogelijk ter beschikking te stellen van het OFP Prolocus.
De raad hecht goedkeuring aan de agenda van de algemene vergadering van IGO div op 26 juni 2026 en draagt de vertegenwoordiger van het OCMW op zijn stemgedrag hierop af te stemmen.
IGO div organiseert op 26 juni 2026 een algemene vergadering met volgende agendapunten:
De raad voor maatschappelijk welzijn in vergadering van 13.02.2025 stelde de heer Marnik Jordens aan als afgevaardigd vertegenwoordiger van de stad Aarschot in de algemene vergaderingen van IGO en dit voor de duur van de legislatuur.
Aan de raad wordt voorgesteld de agenda goed te keuren.
Gelet op
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de agenda van de algemene vergadering van IGO div op 26 juni 2026 goed.
Artikel 2
Raadslid Marnik Jordens wordt aangeduid als vertegenwoordiger om namens het bestuur alle akten en bescheiden met betrekking tot deze algemene vergadering van IGO div te onderschrijven en hun stemgedrag af te stemmen op het in de beslissing van de raad van heden bepaalde standpunt met betrekking tot de agendapunten van voormelde algemene vergadering.
De raad voor maatschappelijk welzijn verleent goedkeuring aan de agendapunten van de algemene vergadering van Clova vzw en stelt het mandaat van de vertegenwoordiger vast.
CLOVA vzw organiseert op 30 juni 2026 een Algemene vergadering met volgende agendapunten:
Aan de raad voor maatschappelijk welzijn wordt voorgesteld goedkeuring te verlenen aan deze agendapunten en het mandaat van de vertegenwoordiger zo vast te stellen.
Agendapunten:
Gelet op
Artikel 1
De heer Kurt Lemmens, lid van de raad voor maatschappelijk welzijn, wonende Leuvensesteenweg 199, 3200 Aarschot wordt aangeduid om de raad te vertegenwoordigen in de algemene vergaderingen van Clova vzw en wordt gevolmachtigd in naam van de raad deel te nemen aan al de beraadslagingen en stemmingen, alle notulen, de aanwezigheidslijst en andere documenten te tekenen en in het algemeen alles te doen wat nodig is om de belangen van de raad te behartigen op deze vergaderingen.
Artikel 2
lndien de raad dit besluit niet herroept, blijft het geldig tot de eerstvolgende vernieuwing van de raad voor maatschappelijk welzijn.
Artikel 3
Een afschrift van dit besluit zal per elektronische post (info@clova.be) gestuurd worden.
Notulen en zittingsverslag vergadering 21.05.2026
Notulen
Gelet op het huishoudelijk reglement van de raad voor maatschappelijk welzijn, goedgekeurd door de raad van maatschappelijk welzijn in vergadering van 13.03.2025, inzonderheid artikel 24 §1;
Aangezien verder tijdens de vergadering geen bezwaren tegen de notulen van de vergadering van 21.05.2026 werden ingebracht;
zijn de notulen van de vergadering van 21.05.2026 goedgekeurd.
Zittingsverslag
In toepassing van artikel 278 §1 van het decreet over het lokaal bestuur en artikel 28 §2 van het huishoudelijk reglement van de raad voor maatschappelijk welzijn is het zittingsverslag vervangen door de integrale audio-opname van de openbare zitting van de raad voor openbaar welzijn.