De politiezorgkrachtmeting brengt in kaart hoe de verhouding vandaag is tussen de opdracht van de lokale politie in de politiezone enerzijds, en haar capaciteit om deze opdracht te volbrengen anderzijds. De analyse hiervan moet toelaten na te gaan of de politiezone voldoende middelen heeft en deze ook inzet om haar taakstelling op een kwaliteitsvolle manier in te vullen. Vanuit het resultaat van de analyse wordt gezocht naar de best mogelijke manier om – gegeven de situatie – de ‘politiezorgkracht’ te versterken.
De raad neemt kennis van de zorgkrachtmeting.
Het document voor de zorgkrachtmeting wordt door de korpschef voorgesteld aan de leden van de gemeenteraad.
De lokale politiezorg staat onder druk. Politiezones lijken uit hun voegen te barsten. Er wordt gesproken over fusies van politiezones, maar wie is de beste partner? Hoe groot is groot genoeg om de uitdagingen van het terrein aan te kunnen? En welke parameters bepalen dat dan?
De politiezorgkrachtmeting brengt in kaart hoe de verhouding vandaag is tussen de opdracht van de lokale politie in de politiezone enerzijds, en haar capaciteit om deze opdracht te volbrengen anderzijds. De analyse hiervan moet toelaten na te gaan of de politiezone voldoende middelen heeft en deze ook inzet om haar taakstelling op een kwaliteitsvolle manier in te vullen. Vanuit het resultaat van de analyse wordt gezocht naar de best mogelijke manier om – gegeven de situatie – de ‘politiezorgkracht’ te versterken.
De politiezorgkrachtmeting heeft in eerste instantie een op zichzelf staand resultaat. De aanbevelingen die eruit voortvloeien zijn in de eerste plaats bruikbaar om de ‘politiezorgkracht’ van de politiezone te verhogen, op welke manier dan ook. De nadruk ligt op ‘leren en verbeteren’. Het resultaat doet dienst als een signaal, van waaruit naar een meer gewenste toekomst kan worden gewerkt. Er komen enkele kritieke succesfactoren naar voren die een kader kunnen vormen voor een personeelsuitbreiding van de zone.
Gelet op de resultaten van de MTO dd december 2023 over de werkdruk, de stijging van de oproepen, het bevolkingsaantal in Aarschot en diverse veiligheidsfenomenen, lijkt deze politiezorgkrachtmeting ook voor PZ Aarschot een nuttig instrument om de overheden (die na de verkiezingen een nieuw meerjarenplan op- en voorstellen) correct te informeren over de politietaken en hun toekomstplannen voor de politiezone gefundeerd te laten maken.
De gemeenteraad neemt kennis van de zorgkrachtmeting en neemt deze resultaten mee in besprekingen voor de toekomst van de politiezone.
De gemeenteraad gaat akkoord met de instap van de Politiezone Aarschot in de raamovereenkomst met één ondernemer voor de levering van dranken, bijproducten en toebehoren voor het lokaal bestuur Aarschot bij de opdrachtnemer aan wie de opdracht is gegund door de stad Aarschot als aankoopcentrale volgens de resultaten van de marktconsultatie en de modaliteiten ter zake. Het maximale bestelbedrag is € 803.700,00 excl. btw. De looptijd van de raamovereenkomst is 48 maanden vanaf de sluiting van de opdracht.
In het kader van de opdracht 'Raamovereenkomst met één ondernemer voor de levering van dranken, bijproducten en toebehoren voor het lokaal bestuur Aarschot' werd een bestek met nr. 2025/006 opgesteld door de stad Aarschot die optreedt als aankoopcentrale.
Gelet op:
Stad Aarschot treedt op als aankoopcentrale voor de Politiezone Aarschot overeenkomstig artikel 2,7°b) van de wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd in te stemmen met de instap van de Politiezone Aarschot in de opdracht 'Raamovereenkomst met één ondernemer voor de levering van dranken, bijproducten en toebehoren voor het lokaal bestuur Aarschot'.
In het kader van de opdracht 'Raamovereenkomst met één ondernemer voor de levering van dranken, bijproducten en toebehoren voor het lokaal bestuur Aarschot' werd een bestek met nr. 2025/006 opgesteld door de stad Aarschot die optreedt als aankoopcentrale. De looptijd van de raamovereenkomst is 48 maanden.
De uitgave voor deze opdracht werd geraamd op € 730.635,72 excl. btw of € 747.455,09 incl. btw en het maximale bestelbedrag bedraagt € 803.700,00 excl. btw.
Deze raming overschrijdt de limieten van de Europese bekendmaking.
Het college van burgemeester en schepenen verleende in vergadering van 15.05.2025 goedkeuring aan het bestek, de lastvoorwaarden, de raming en de plaatsingsprocedure van deze opdracht, met name de openbare procedure.
De aankondiging van de opdracht werd gepubliceerd op 19.05.2025 op nationaal niveau en in het publicatieblad van de Europese Unie.
Op 17.06.2025 werd een rechtzettingsbericht via e-Procurement gepubliceerd.
De offertes dienden het bestuur ten laatste op 07.07.2025 vóór 14.00 uur te bereiken.
De verbintenistermijn van 90 kalenderdagen eindigde op 05.10.2025.
Er werden 3 offertes ontvangen:
| Nr. |
Naam |
Postcode |
Woonplaats |
Prijs incl. btw |
Kortingspercentage catalogus |
Verzendwijze |
| 1 |
Asterx Dranken |
2630 |
Aartselaar |
€ 750.976,04 |
0% |
Elektronisch |
| 2 |
Alken-Maes |
2800 |
Mechelen |
€ 865.690,70 |
10% |
Elektronisch |
| 3 |
A. Pelgrims en Cie |
3200 |
Aarschot |
€ 634.970,42 |
35% |
Elektronisch |
De offerte van Asterx Dranken werd uitgesloten wegens het ontbreken van het UEA en omdat het indieningsrapport niet was ondertekend met een gekwalificeerde elektronische handtekening.
De verbeteringen resulteerden in volgende eindoffertes:
| Nr. |
Naam |
Postcode |
Woonplaats |
Prijs incl. btw |
Kortingspercentage catalogus |
| 2 |
Alken-Maes |
2800 |
Mechelen |
€ 869.912,63 |
10% |
| 3 |
A. Pelgrims en Cie |
3200 |
Aarschot |
€ 665.389,03 |
35% |
Op 18.09.2025 werd het verslag van nazicht van de offertes opgesteld.
Gelet op de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 26.09.2025 houdende gunning van de opdracht 'Raamovereenkomst met één ondernemer voor de levering van dranken, bijproducten en toebehoren voor het lokaal bestuur Aarschot' aan de economisch meest voordelige bieder (op basis van de gunningscriteria), zijnde A. Pelgrims & Cie nv, 9de Liniestraat 9, 3200 Aarschot tegen de opgegeven eenheidsprijzen in de inventaris en het vaste kortingspercentage op de producten uit de catalogus. Het maximale bestelbedrag is € 803.700,00 excl. btw. De looptijd van de raamovereenkomst is 48 maanden vanaf de sluiting van de opdracht.
Stad Aarschot treedt op als aankoopcentrale voor de Politiezone Aarschot overeenkomstig artikel 2,7°b) van de wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten.
De nodige kredieten zijn ingeschreven op raming MJP101139 in de begroting van 2020 - 2025 en 2026 - 2031.
Artikel 1
De gemeenteraad gaat akkoord met de instap van de Politiezone Aarschot in de raamovereenkomst met één ondernemer voor de levering van dranken, bijproducten en toebehoren voor het lokaal bestuur Aarschot bij de opdrachtnemer aan wie de opdracht is gegund door de stad Aarschot als aankoopcentrale volgens de resultaten van de marktconsultatie en de modaliteiten ter zake, in concreto A. Pelgrims & Cie nv, 9de Liniestraat 9, 3200 Aarschot tegen de opgegeven eenheidsprijzen in de inventaris en het vaste kortingspercentage op de producten uit de catalogus en onder de voorwaarden vastgesteld in de opdrachtdocumenten ervan. Het maximale bestelbedrag is € 803.700,00 excl. btw. De looptijd van de raamovereenkomst is 48 maanden vanaf de sluiting van de opdracht.
Artikel 2
Het verslag van nazicht van de offertes in bijlage maakt integraal deel uit van deze beslissing.
Artikel 3
De uitvoering van de opdracht moet gebeuren overeenkomstig de lastvoorwaarden vastgelegd in het bestek met nr. 2025/006.
Artikel 4
De betaling zal gebeuren met de kredieten ingeschreven op raming MJP101139 in de begroting van 2020 - 2025 en 2026 - 2031.
De politiezone wenst over te gaan tot de aankoop van een anoniem personenvoertuig ter vervanging van de huidige Volkswagen Polo. Als merk en type wordt gekozen voor de Skoda Enyaq Corporate 85. Dit voertuig voldoet aan de specifieke eisen van de zone.
De gemeenteraad stemt ermee in dat een opdracht wordt gegund voor de aankoop van 1 anoniem politievoertuig via raamovereenkomst PZA/2021/418 (via minicompetitie).
De politiezone wenst over te gaan tot de aankoop van een nieuw anoniem personenvoertuig ter vervanging van de Volkswagen Polo, die sinds 2009 in dienst is. Het huidige voertuig voldoet niet langer aan de hedendaagse milieuwetgeving en beschikt bovendien niet meer over de noodzakelijke technische uitrusting, zoals een geluidstoestel en zwaailicht, waardoor het niet langer inzetbaar is voor operationele politietaken.
De vervanging kadert binnen een bredere visie op duurzame mobiliteit en milieubewust beleid. Door te investeren in een voertuig dat voldoet aan de actuele emissienormen, draagt de politiezone actief bij aan de vermindering van de ecologische voetafdruk van haar wagenpark. Dit sluit aan bij de doelstellingen van zowel de federale als lokale overheden inzake klimaat en luchtkwaliteit.
Het nieuwe anonieme voertuig zal flexibel inzetbaar zijn door diverse diensten binnen de politiezone, wat de operationele efficiëntie verhoogt. Tegelijk wordt met deze aankoop een stap gezet richting een duurzamer en toekomstgericht wagenpark.
Gelet op de noodzaak om voor de politiezone een nieuw anoniem politievoertuig aan te kopen;
Overwegende dat voorgesteld wordt de opdracht te gunnen bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking;
Overwegende dat het voertuig Skoda Enyaq corporate 85 voldoet aan de specifieke eisen van Politiezone Aarschot;
Overwegende dat dit perceel uitdrukkelijk voorziet in afname via mini-competitie tussen de gegunde leveranciers;
Overwegende dat uit de lijst van gegunde leveranciers binnen het betrokken perceel minstens drie leveranciers worden aangeschreven die het gevraagde type voertuig effectief in hun gamma hebben;
Overwegende dat de aankoopprocedure verloopt conform de voorwaarden van het raamcontract PZA/2021/418, via perceel 2 en perceel 11.
Binnen perceel 2 (Constructeur/invoerder van personenvoertuigen) werden de volgende inschrijvers weerhouden:
Bij het toekennen van de deelopdrachten (bestellingen) voor dit perceel, zal gebruik gemaakt worden van de minicompetitie.
De politiezone zal de volgende leveranciers aanschrijven. Zij kunnen het gevraagde voertuig aanleveren.
De politiezone houdt rekening met de economisch meest voordelige inschrijver.
Binnen perceel 11 (Anonieme ombouw) werden de volgende inschrijvers weerhouden:
Bij het toekennen van de deelopdrachten (bestellingen) voor dit perceel, zal gebruik gemaakt worden van de minicompetitie. De politiezone houdt rekening met de economisch meest voordelige inschrijver.
De offerte-aanvragen zullen worden uitgestuurd op 14 november 2025 en dienen het bestuur ten laatste te bereiken op 5 december 2025 om 10u.
De gepaste kredieten zijn voorzien in de politiebegroting 2025 e.v. - buitengewone dienst.
Artikelnummer: 330/743-98 "Aankoop van speciale en andere voertuigen"
Geraamd bedrag: 75.000 euro (inclusief BTW). Dit omvat de aankoop alsook de ombouw van het voertuig.
Artikel 1
Er zal een opdracht worden gegund met als voorwerp:
Aankoop van 1 anoniem politievoertuig via raamovereenkomst PZA/2021/418 (via minicompetitie).
Artikel 2
De prijs van deze opdracht wordt indicatief geraamd op 75.000 euro (inclusief BTW).
Artikel 3
De opdracht wordt gegund via de raamovereenkomst PZA/2021/418 van Politiezone Antwerpen.
Artikel 4
Deze opdracht zal worden gefinancierd via artikelnummer 330/743-98 met omschrijving "Aankoop van speciale en andere voertuigen".
Artikel 5
De offerte-aanvragen zullen worden uitgestuurd op 14 november 2025 en dienen het bestuur ten laatste te bereiken op 5 december 2025 om 10u.
De gemeenteraad gaat akkoord met de verlenging van het gratis project handhaving van de OVAM voor een onbepaalde termijn, en bestendigt de aanstelling van OVAM als gewestelijk vaststeller. De personeelsleden aangeduid door de leidende ambtenaar van deze entiteit krijgen een vaststellingsbevoegdheid voor de gemeentelijke administratieve sancties van de stad Aarschot, voor de vaststelling van overtredingen op zwerfvuil, hondenpoep, sluikstorten, ... Het handhavingsproject is kosteloos en wordt georganiseerd i.s.m. de OVAM.
De stad Aarschot is sinds 2023 ingestapt in het handhavingsproject van OVAM. De artikelen van het politiereglement waarop de OVAM-vaststellers mogen handhaven werden in voorgaande besluitvormingen reeds opgenomen:
Onder zwerfvuil vallen ook kleine partijen afval neergelegd door derden, al dan niet bewust. De definitie van zwerfvuil is als volgt: klein afval, ontstaan door consumptie buitenshuis, door mensen al dan niet onbewust achtergelaten op een daarvoor niet bestemde plaats. Bv. eet- en drankverpakking, papier en karton, kauwgom, peuken, hondenpoep en zakje.
De inbreuken worden verder gesanctioneerd door de GAS-ambtenaar.
De vaststellers hebben géén bevoegdheid tot het opvragen van e-ID. Indien hier problemen ervaren worden, kunnen zij zich beroepen op de ondersteuning van de politiezone.
Er wordt voorgesteld akkoord te gaan met het verderzetten van het project handhaving van de OVAM, in te stemmen met de gratis ondersteuning en met het permanente karakter van dit project.
Overwegende:
De uitvoering van de beschreven diensten en ondersteuning door de OVAM brengt géén kosten met zich mee. Hierdoor moeten geen gepaste kredieten worden voorzien in het meerjarenplan.
Enig artikel
Er wordt akkoord gegaan met de verlenging van het gratis project handhaving van de OVAM voor een onbepaalde termijn.
De OVAM wordt aangesteld als gewestelijk vaststeller, waarbij de personeelsleden aangeduid door de leidende ambtenaar van deze entiteit, een vaststellingsbevoegdheid krijgen voor de gemeentelijke administratieve sancties van de stad Aarschot voor de vaststelling van overtredingen op:
De OVAM - vaststellers dienen niet nominatief aangesteld te worden, maar dienen de nodige opleidingen met gunstig gevolg voltooid te hebben en te voldoen aan de vereisten zoals bepaald in het Koninklijk Besluit van 21 december 2013 tot vaststelling van de minimumvoorwaarden inzake selectie, aanwerving, opleiding en bevoegdheid van de ambtenaren en personeelsleden die bevoegd zijn tot vaststelling van inbreuken die aanleiding kunnen geven tot de oplegging van een gemeentelijke administratieve sanctie.
De gemeenteraad neemt kennis van de administratieve opvolging en modaliteiten aangaande de gunning van de overheidsoverdracht door de GSD-V voor een nieuwe kaderovereenkomst inzake de collectieve hospitalisatieverzekering.
De huidige overeenkomst van de stad Aarschot voor een collectieve hospitalisatieverzekering bij Ethias, in partnerschap met MedExel, loopt af op 31 december 2025. Bij gemeenteraadsbesluit van 24.04.2025 werd de aansluiting van de stad Aarschot bij de kaderovereenkomst aangaande de collectieve hospitalisatieverzekering bestendigd en de deelname van de stad Aarschot aan de overheidsopdracht inzake de collectieve hospitalisatieverzekering van de Gemeenschappelijke Sociale Dienst Lokale Besturen in Vlaanderen (GSD-V) goedgekeurd. Inmiddels werd de procedure voor de gunning van voormelde overheidsopdracht door de GSD-V succesvol afgerond. De opdracht werd toegewezen aan Ethias, dat (zonder tussenpersoon) zal instaan voor het beheer van de polis en ook naadloos het beheer van de lopende/openstaande dossiers zal overnemen van Ethias/MedExel. Bijgevoegd gaan de polis van de stad Aarschot en de informatiebrochure voor de verzekerden.
De gemeenteraad wordt hier kennis van gegeven.
Gelet op
De huidige overeenkomst van de stad Aarschot voor een collectieve hospitalisatieverzekering bij Ethias, in partnerschap met MedExel, loopt af op 31 december 2025. Bij gemeenteraadsbesluit van 24.04.2025 werd de aansluiting van de stad Aarschot bij de kaderovereenkomst aangaande de collectieve hospitalisatieverzekering bestendigd en de deelname van de stad Aarschot aan de overheidsopdracht inzake de collectieve hospitalisatieverzekering van de Gemeenschappelijke Sociale Dienst Lokale Besturen in Vlaanderen (GSD-V) goedgekeurd. Inmiddels werd de procedure voor de gunning van voormelde overheidsopdracht door de GSD-V succesvol afgerond. De opdracht werd toegewezen aan Ethias, dat (zonder tussenpersoon) zal instaan voor het beheer van de polis en ook naadloos het beheer van de lopende/openstaande dossiers zal overnemen van Ethias/MedExel. Bijgevoegd gaan de polis van de stad Aarschot met polisnummer 4.487.150 en de informatiebrochure voor de verzekerden. Het dossier werd voor verdere administratieve opvolging en uitwerking conform de onderrichtingen en modaliteiten ter zake door de personeelsdienst opgenomen met het oog op de aansluiting van de stad Aarschot bij de nieuwe kaderovereenkomst (raamakkoord) aangaande de collectieve hospitalisatieverzekering met ingang van 01.01.2026.
De opdracht wordt gefinancierd middels de kredieten voorzien in het meerjarenplan op ramingnummer MJP100672 - Hospitalisatieverzekering.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt, in het kader van de procedure voor de gunning van de overheidsopdracht inzake een nieuwe kaderovereenkomst (raamakkoord) aangaande de collectieve hospitalisatieverzekering, kennis van de toewijzing van de opdracht door de Gemeenschappelijke Sociale Dienst Lokale Besturen in Vlaanderen (GSD-V) aan Ethias, dat (zonder tussenpersoon) zal instaan voor het beheer van de polissen en ook naadloos het beheer van de lopende/openstaande dossiers zal overnemen van Ethias/MedExel.
Artikel 2
De polis van de stad Aarschot met polisnummer 4.487.150 en de informatiebrochure voor de verzekerden zijn gevoegd in bijlage bij dit besluit.
Artikel 3
Het dossier werd voor verdere administratieve opvolging en uitwerking conform de onderrichtingen en modaliteiten ter zake door de personeelsdienst opgenomen met het oog op de aansluiting van de stad Aarschot bij de nieuwe kaderovereenkomst (raamakkoord) aangaande de collectieve hospitalisatieverzekering met ingang van 01.01.2026.
De gemeenteraad stelt de compensatieregeling voor het gemeentepersoneel vast voor de feestdagen die in het jaar 2026 samenvallen met een zaterdag of een zondag.
Artikel 303 van de rechtspositieregeling van toepassing op het gemeentepersoneel stelt onder meer dat de raad jaarlijks bepaalt op welke wijze feestdagen, die samenvallen met een zaterdag of een zondag of in voorkomend geval, een normale inactiviteitsdag voor een voltijds werkend personeelslid krachtens de arbeidstijdregeling die op hem van toepassing is, gecompenseerd worden. De raad heeft hierbij de volgende mogelijkheden:
Er zijn in 2026 vier feestdagen die op een zaterdag of een zondag vallen:
In dit verband wordt voorgesteld om onderstaande compensatieregeling (*) voor het gemeentepersoneel vast te leggen voor de feestdagen die in het jaar 2026 samenvallen met een zaterdag of een zondag:
| FEESTDAGEN die op een zaterdag of een zondag vallen |
COMPENSATIEREGELING |
| zaterdag 11 juli 2026 |
op te nemen conform de modaliteiten van de jaarlijkse vakantie |
| zaterdag 15 augustus 2026 |
op te nemen conform de modaliteiten van de jaarlijkse vakantie |
| zondag 1 november 2026 | vervangende feestdag op donderdag 24 december 2026 |
| zaterdag 26 december 2026 | vervangende feestdag op donderdag 31 december 2026 |
Dit voorstel werd goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 02.10.2025 en door de representatieve vakorganisaties tijdens de vergadering van het syndicaal overleg- en onderhandelingscomité van 23.10.2025.
Aan de gemeenteraad wordt dan ook voorgesteld om in te stemmen met voorliggend voorstel.
(*) behoudens uitzondering
Artikel 303 van de rechtspositieregeling van toepassing op het gemeentepersoneel stelt onder meer dat de raad jaarlijks bepaalt op welke wijze feestdagen, die samenvallen met een zaterdag of een zondag of in voorkomend geval, een normale inactiviteitsdag voor een voltijds werkend personeelslid krachtens de arbeidstijdregeling die op hem van toepassing is, gecompenseerd worden. De raad heeft hierbij de volgende mogelijkheden:
Er zijn in 2026 vier feestdagen die op een zaterdag of een zondag vallen:
In dit verband wordt voorgesteld om onderstaande compensatieregeling (*) voor het gemeentepersoneel vast te leggen voor de feestdagen die in het jaar 2026 samenvallen met een zaterdag of een zondag:
| FEESTDAGEN die op een zaterdag of een zondag vallen |
COMPENSATIEREGELING |
| zaterdag 11 juli 2026 |
op te nemen conform de modaliteiten van de jaarlijkse vakantie |
| zaterdag 15 augustus 2026 |
op te nemen conform de modaliteiten van de jaarlijkse vakantie |
| zondag 1 november 2026 | vervangende feestdag op donderdag 24 december 2026 |
| zaterdag 26 december 2026 | vervangende feestdag op donderdag 31 december 2026 |
Dit voorstel werd goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 02.10.2025 en door de representatieve vakorganisaties tijdens de vergadering van het syndicaal overleg- en onderhandelingscomité van 23.10.2025.
(*) behoudens uitzondering
Artikel 1
De compensatieregeling voor het gemeentepersoneel voor de feestdagen die in het jaar 2026 samenvallen met een zaterdag of een zondag wordt vastgesteld als volgt:
| FEESTDAGEN die op een zaterdag of een zondag vallen |
COMPENSATIEREGELING (*) |
| zaterdag 11 juli 2026 |
op te nemen conform de modaliteiten van de jaarlijkse vakantie |
| zaterdag 15 augustus 2026 |
op te nemen conform de modaliteiten van de jaarlijkse vakantie |
| zondag 1 november 2026 | vervangende feestdag op donderdag 24 december 2026 |
| zaterdag 26 december 2026 | vervangende feestdag op donderdag 31 december 2026 |
(*) behoudens uitzondering
Artikel 2
Het gemeentepersoneel wordt hiervan in kennis gesteld.
De gemeenteraad beslist tot goedkeuring van het ontwerp van authentieke akte met AGB Aarschot met betrekking tot de beëindiging van de erfpacht met betrekking tot volgende onroerende goederen.
Het Autonoom Gemeentebedrijf Aarschot (erfpachter) wenst vervroegd een einde te maken aan de erfpacht met betrekking tot volgende onroerende goederen.
De stad Aarschot (erfpachtgever) is bereid om op dit verzoek in te gaan.
Dientengevolge verklaren partijen overeen te komen voorschreven erfpachtovereenkomsten vervroegd te beëindigen, doch enkel voor zover ze betrekking hebben op de voormelde goederen.
Partijen komen overeen dat de stad Aarschot aan het AGB Aarschot een vergoeding zal betalen ten belope van de som van de restwaarde, zijnde de netto boekwaarde ten bedrage van 888.682,76 euro, vermeerderd met de verschuldigde btw-herziening ten bedrage van 8.005,87 euro. De vergoeding zal dus in totaal 896.688,63 euro bedragen.
Deze beëindiging dient te worden vastgelegd in een notariële akte om de tegenstelbaarheid aan derden te waarborgen.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld om goedkeuring te hechten aan het voorliggende ontwerp van de notariële akte.
Gelet op de erfpachtakte dd. 19 september 2016 verleden voor notaris D. Michiels
Gelet op de erfpachtakte dd. 19 februari 2009 verleden voor notaris D. Geerinckx
Gelet op de erfpachtakte dd. 8 november 2011 verleden voor notaris K. Geysels
Het Autonoom Gemeentebedrijf Aarschot (erfpachter) wenst vervroegd een einde te maken aan de erfpacht met betrekking tot volgende onroerende goederen.
De stad Aarschot (erfpachtgever) is bereid om op dit verzoek in te gaan.
Dientengevolge verklaren partijen overeen te komen voorschreven erfpachtovereenkomsten vervroegd te beëindigen, doch enkel voor zover ze betrekking hebben op de voormelde goederen.
Partijen komen overeen dat de stad Aarschot aan het AGB Aarschot een vergoeding zal betalen ten belope van de som van de restwaarde, zijnde de netto boekwaarde ten bedrage van 888.682,76 euro, vermeerderd met de verschuldigde btw-herziening ten bedrage van 8.005,87 euro. De vergoeding zal dus in totaal 896.688,63 euro bedragen.
Deze vergoeding werd bepaald naar analogie met de voorafgaande beslissing van de Dienst Voorafgaande Beslissingen in fiscale zaken d.d. 30 juli 2024 met kenmerk 2024.0308.
Partijen verklaren deze vergoeding onderling te zullen vereffenen.
Deze beëindiging dient te worden vastgelegd in een notariële akte om de tegenstelbaarheid aan derden te waarborgen.
Het ontwerp van de authentieke akte, opgesteld door notariskantoor Michiels, Stroeykens en Pelgrims, gaat als bijlage.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld om goedkeuring te hechten aan het voorliggende ontwerp van de notariële akte.
Artikel 1
De gemeenteraad beslist tot goedkeuring van het ontwerp van authentieke akte met AGB Aarschot met betrekking tot de beëindiging van de erfpacht met betrekking tot volgende onroerende goederen.
Artikel 2
Bij het verlijden van de notariële akte zal de stad Aarschot vertegenwoordigd worden door de algemeen directeur en de voorzitter van de gemeenteraad (of hun afgevaardigden).
Artikel 3
Deze beëindiging van erfpacht kadert in het algemeen belang en is van openbaar nut is.
Artikel 4
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de verdere dossiervorming.
De gemeenteraad stemt in met het reglement betreffende de clubhuizen van motorbendes.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld om het reglement betreffende de clubhuizen van motorbendes goed te keuren.
Het doel van dit reglement is om motorclubs en straatbendes die veelal hiërarchisch zijn gestructureerd, te weren uit de gemeente om de verstoring van de openbare orde, met inbegrip van overlast, die zij veroorzaken, tegen te gaan.
Het is noodzakelijk om de risico’s die de inplanting en de exploitatie van clubhuizen van motorclubs met zich kunnen meebrengen (o.a. het aan- en afrijden van lawaaierige voertuigen, ’s nachts en overdag, wildparkeren, geluidsoverlast, enz.) te controleren ter vrijwaring van de openbare rust en veiligheid. Bovendien kan er met betrekking tot deze inrichtingen een risico op criminaliteit ontstaan.
De gemeente staat in voor de bewaking van de openbare rust, veiligheid, gezondheid en kan alle maatregelen nemen tegen het verstoren van de openbare orde (met inbegrip van overlast), inclusief het nemen van politiemaatregelen.
De gemeente heeft de plicht toe te zien op de veiligheid van haar burgers en inwoners.
De gemeente is zich bewust van de noodzaak van een goed georganiseerd bestuur, hetgeen onder andere betekent dat de gemeente over de nodige reglementen en verordeningen beschikt, waarbij de naleving ervan wordt gehandhaafd.
Het doel van dit reglement is om motorclubs en straatbendes die veelal hiërarchisch zijn gestructureerd, te weren uit de gemeente om de verstoring van de openbare orde, met inbegrip van overlast, die zij veroorzaken, tegen te gaan.
Het is noodzakelijk om de risico’s die de inplanting en de exploitatie van clubhuizen van motorclubs met zich kunnen meebrengen (o.a. het aan- en afrijden van lawaaierige voertuigen, ’s nachts en overdag, wildparkeren, geluidsoverlast, enz.) te controleren ter vrijwaring van de openbare rust en veiligheid. Bovendien kan er met betrekking tot deze inrichtingen een risico op criminaliteit ontstaan.
Ingevolge de bestuurlijke aanpak van criminele motorclubs in Nederland en Duitsland hebben tal van clubhuizen van motorclubs zich gevestigd in België of willen dit doen.
De aangrenzende provincies Limburg en Antwerpen treden reeds bestuurlijk op tegen de vestiging van motorclubs binnen hun gemeenten door het invoeren van reglementen op clubhuizen van motorclubs.
Er is sprake van een verplaatsing van de motorclubs vanuit Nederland en Duitsland naar België, maar ook van een verschuiving tussen de Belgische gemeenten onderling.
Er heerst een historische rivaliteit tussen motorclubs en gelijkaardig georganiseerde, hiërarchisch gestructureerde bendes, hun supportersclubs, leden en sympathisanten.
Zowel in Nederlands Limburg als in de Duitse Deelstaat Nordrein-Westfalen evenals in België hebben recent zware incidenten plaatsgevonden tussen motorclubs, namelijk:
Ook op het grondgebied van enkele gemeenten rondom Aarschot hebben zich al problemen voorgedaan met motorclubs.
Uit de aard en plaats van de bovenvermelde incidenten blijkt dat de leden van criminele motorclubs confrontaties op plaatsen en evenementen - publiek dan wel besloten - niet schuwen en mekaar met wapens bevechten. Het risico op provocatie of confrontatie tussen rivaliserende motorclubs is gezien het huidige spanningsveld in de Euregio zeer reëel.
Een reglement, waarbij een uitbatingsvergunning wordt afgeleverd na een grondig administratief onderzoek, is een waardevol instrument om deze inrichtingen zoveel mogelijk te beheersen en te controleren en hierdoor de openbare orde en het sociaal weefsel te vrijwaren en te garanderen.
De gemeente kan door dit reglement tegemoetkomen aan de wendbaarheid van criminelen die steeds veranderen van locatie en handelswijze omdat ze zoeken naar de minste weerstand om hun praktijken te ontplooien.
HOOFDSTUK 1. BEGRIPSOMSCHRIJVING
Artikel 1
Voor de toepassing van het politiereglement wordt verstaan onder:
HOOFDSTUK 2. TOEPASSINGSGEBIED
Artikel 2. De inrichtingen die een uitbatingsvergunning vereisen
§1.De bepalingen van dit reglement zijn van toepassing op volgende publiek toegankelijke inrichting(en):
§2. Elke uitbater van de inrichtingen vermeld in §1 op het grondgebied van de gemeente Aarschot moet voor het openen, het openhouden of het heropenen van de inrichting in het bezit zijn van een geldige uitbatingsvergunning. Het is verboden om op het grondgebied van de gemeente zonder vergunning een clubhuis van een motorclub uit te baten.
§3. Dit reglement doet geen afbreuk aan andere regelgeving van toepassing op de publiek toegankelijke inrichting.
HOOFDSTUK 3. PROCEDURE
Artikel 3. De aanvraag
§1. Voor het verkrijgen van een uitbatingsvergunning dient de uitbater een gemotiveerde aanvraag in bij de burgemeester.
§2. De vergunningsaanvraag verloopt in 2 stappen:
Stap 1 betreft de algemene aanvraag en bestaat minstens uit
Op basis van deze stukken vraagt de burgemeester een advies aan de politie en eventueel aan andere diensten.
Zij adviseren de burgemeester om:
In geval stap 2 van toepassing is, zal de burgemeester bij de aanvrager volgende bijkomende stukken opvragen:
Artikel 4. Ontvankelijkheid van de aanvraag
§1. De aanvraag is onvolledig wanneer de informatie en/of de documenten, vermeld in artikel 3 ontbreken. De aanvrager beschikt over een termijn van 30 kalenderdagen beginnend op de eerstvolgende dag na mededeling van de onvolledigheid, om ontbrekende informatie en/of documenten in te dienen. Zo niet, wordt de aanvraag onontvankelijk verklaard.
§2. De burgemeester kan beslissen dat nader te bepalen relevante documenten moeten overhandigd worden ter beoordeling van de uitbatingsvergunningaanvraag. Indien de documenten niet binnen een termijn van 30 kalenderdagen beginnend op de eerstvolgende dag na de mededeling van dit verzoek worden aangeleverd, wordt de aanvraag onontvankelijk verklaard.
§3. De aanvraag is onontvankelijk wanneer op de plaats van aanvraag de functie stedenbouwkundig onverenigbaar is met de bestemmingszone.
§4. Een nieuwe aanvraag van dezelfde uitbater, voor dezelfde plaats én voor dezelfde soort inrichting, volgend op een onontvankelijke aanvraag, kan ten vroegste zes maanden na de datum vermeld in de onontvankelijkheidsbeslissing worden ingediend, op straffe van onontvankelijkheid.
Artikel 5. Ten gronde
§1. Na de melding van een ontvankelijke aanvraag, volgen de onderzoeken zoals vermeld in hoofdstuk 4.
§2. Binnen een termijn van 90 werkdagen beginnend op de eerstvolgende dag na de melding van een ontvankelijke en volledige aanvraag, wordt de beslissing vermeld in hoofdstuk 5 genomen. Indien gerechtvaardigd door de complexiteit van het dossier, mag deze termijn éénmaal worden verlengd met maximaal dezelfde duur.
§3. Wanneer er geen beslissing wordt genomen binnen 90 werkdagen, of indien van toepassing 180 werkdagen bij complexe dossiers, wordt de vergunning geacht te zijn verleend.
Artikel 6. Geldigheid van de uitbatingsvergunning
§1. De uitbatingsvergunning is geldig te rekenen vanaf de datum die vermeld wordt in de vergunning of bij gebrek hieraan vanaf de ondertekening door de burgemeester.
§2. De uitbatingsvergunning wordt afgeleverd aan de uitbater vermeld in de ontvankelijke aanvraag voor een welbepaalde vestigingseenheid. De vergunning kan niet worden overgedragen aan een andere uitbater of naar een andere vestigingseenheid.
§3. Voor eenzelfde vestigingseenheid kan slechts één uitbatingsvergunning aangevraagd en afgeleverd worden voor éénzelfde clubhuis binnen dezelfde periode.
§4. Bij iedere wijziging van vestigingseenheid of wijziging met betrekking tot de uitbater dient er een nieuwe uitbatingsvergunning aangevraagd te worden. In de volgende gevallen is er sprake van een wijziging met betrekking tot de uitbater:
§5. De uitbater is verplicht alle wijzigingen in het clubhuis die een verandering uitmaken ten opzichte van de veiligheid, en alle wijzigingen van gegevens opgegeven in de aanvraag, met inbegrip van elke bestemmingswijziging, uiterlijk binnen de 10 werkdagen schriftelijk te melden aan de burgemeester. De uitbater is verplicht te melden aan de burgemeester wanneer zijn inrichting definitief sluit.
§6. De uitbatingsvergunning moet zichtbaar aangebracht worden aan de inrichting, zodat ze leesbaar is vanop de openbare ruimte. De vergunning moet bovendien steeds ter inzage liggen van de politie of een bevoegd controlerend ambtenaar.
§7. De burgemeester kan beslissen om de uitbatingsvergunning te beperken in de tijd en/of bijkomende voorwaarden te koppelen aan de vergunning.
§8. Dit reglement en in het bijzonder de uitbatingsvoorwaarden vermeld in hoofdstuk 4 en in de vergunning dienen nageleefd te worden zolang de uitbating duurt. De vergunning kan worden geschorst of opgeheven overeenkomstig hoofdstuk 7 van dit reglement met betrekking tot de administratieve sancties en maatregelen. Een nieuwe aanvraag van dezelfde uitbater, voor dezelfde plaats en voor dezelfde soort inrichting volgend op een opgeheven uitbatingsvergunning, kan ten vroegste 6 maanden na de datum vermeld in de beslissing tot opheffing ingediend worden, op straffe van onontvankelijkheid.
§9. De politie of controlerend ambtenaar kan te allen tijde een of meerdere geactualiseerde documenten opvragen die overeenkomstig artikel 3 aan de aanvraag toegevoegd moeten worden. De uitbater is ertoe gehouden deze documenten uiterlijk binnen 10 werkdagen aan de politie of controlerend ambtenaar te bezorgen, waarbij de termijn een aanvang neemt op de eerstvolgende dag na de mededeling van het verzoek tot actualisatie.
HOOFDSTUK 4. UITBATINGSVOORWAARDEN
AFDELING 1. ADMINISTRATIEF ONDERZOEK
Artikel 7. Voorafgaand administratief onderzoek
§1. Na de melding van een ontvankelijke aanvraag, volgt het administratief onderzoek. De uitbatingsvergunning kan enkel worden toegekend na een voorafgaandelijk administratief onderzoek dat gunstig wordt bevonden.
Dit voorafgaandelijk administratief onderzoek omvat volgende componenten:
§2. Het administratief onderzoek wordt verricht door de gemeente, de politie en de daartoe bevoegde externe diensten. De burgemeester kan steeds alle nuttige inlichtingen (laten) inwinnen.
§3. Het resultaat van deze onderzoeken wordt overgemaakt aan de burgemeester.
§4. De vereiste van een gunstige beoordeling van het administratief onderzoek geldt gedurende de ganse duur van de uitbating. Een negatieve beoordeling van één van deze onderzoeken tijdens de uitbating kan een schorsing of opheffing van de uitbatingsvergunning of een sluiting van de inrichting, overeenkomstig hoofdstuk 7 van dit reglement, tot gevolg hebben.
Artikel 8. Moraliteitsonderzoek
§1. Het moraliteitsonderzoek bestaat uit een onderzoek naar de administratieve, politionele en gerechtelijke antecedenten die relevant zijn voor het uitbaten van een clubhuis van een motorclub.
§2. Het moraliteitsonderzoek wordt, al naargelang het geval, uitgevoerd op de voor het publiek toegankelijke inrichting, op de uitbater, op de organen en/of vertegenwoordigers van de uitbater en op de natuurlijke personen die in feite belast zijn met de uitbating. Het moraliteitsonderzoek wordt in voorkomend geval ook uitgevoerd op de personen vermeld in de ledenlijst.
§3. Voor andere personen die, in welke hoedanigheid ook, deelnemen of zullen deelnemen aan de exploitatie van de inrichting, dient de uitbater te verklaren dat niemand van hen valt onder de hieronder vermelde weigeringsgronden.
§4. Het moraliteitsonderzoek wordt gevraagd aan en verricht door de politie of de daartoe bevoegde diensten.
§5. De burgemeester kan steeds alle nuttige inlichtingen inwinnen bij de politie of andere bevoegde diensten en beslist discretionair of het resultaat van het moraliteitsonderzoek zwaarwichtig genoeg is om de vergunning al dan niet te weigeren of op te heffen waarbij hij steeds het gevaar voor de openbare orde voor ogen zal houden.
AFDELING 2. UITBATINGSVOORWAARDEN
Artikel 9. Algemene verplichtingen
§1. Alle voorwaarden en verplichtingen opgenomen in dit reglement en in de vergunning zelf moeten steeds nageleefd worden zolang de uitbating duurt.
§2. De uitbatingsvergunning, de voor de inrichting vereiste attesten en het brandweerverslag dienen steeds aanwezig te zijn in de inrichting en moeten steeds op het eerste verzoek van een bevoegde controlerende ambtenaar ter inzage worden voorgelegd.
Artikel 10. Hygiëne en gezondheid
§1. Alle ruimtes, en de voorwerpen in de inrichting, moeten beantwoorden aan de in het dagelijks leven als normaal ervaren normen voor frisheid, netheid en hygiëne (vb. proper vloeroppervlak, proper materiaal, regelmatig verwijderen van afval). De gezondheid van de gebruikers en de openbare gezondheid mogen nooit gevaar lopen.
§2. Er moeten voldoende hulpmiddelen en voorzieningen aanwezig zijn die de frisheid, netheid en hygiëne garanderen.
§3. In het bijzonder moet in de inrichting minstens aanwezig zijn:
Artikel 11. Onderhoud
De uitbater staat, desgevallend in samenspraak met de eigenaar, in voor alle herstellingen en onderhoudswerken, van welke aard of oorzaak ook, met inbegrip van deze ingegeven door overmacht, slijtage, ouderdom, normaal gebruik en verborgen gebreken.
Artikel 12. Nutsvoorzieningen
De ruimtes die betrokken zijn bij de uitbating van de inrichting, de technische installaties voor nutsvoorzieningen en andere inrichtingselementen:
Artikel 13. Toegang tot de inrichting
§1. Tijdens de uitbating van de inrichting moet minstens één toegangsdeur van de inrichting en alle ruimtes in de inrichting onmiddellijk, zowel van binnen als van buiten, zonder tussenkomst van een derde geopend kunnen worden, met het oog op controle.
§2. Het is verboden om ramen van de inrichting, die zichtbaar zijn op de openbare weg, tijdens de uitbating ondoorzichtig te maken of voorwerpen te plaatsen zodat de inkijk ernstig bemoeilijkt of onmogelijk gemaakt wordt (bv. door het gebruik van folie, gekleurd of ondoorzichtig glas, posters, schermen enz.).
§3. De uitbater verleent te allen tijde toegang aan reguliere hulpverlening.
Artikel 14. Aansprakelijkheidsverzekering
De uitbater van een inrichting is verplicht de burgerlijke en professionele aansprakelijkheid van alle personen die, ongeacht hun arbeidsstatuut, werken in de inrichting, te allen tijde te verzekeren door een verzekeringsmaatschappij, die gerechtigd is om verzekeringspraktijken te voeren in België.
Artikel 15. Camerabewaking
Indien camerabewaking opgelegd is als voorwaarde in de uitbatingsvergunning, moet de uitbater of zijn aangestelde tijdens het openhouden van het clubhuis minstens één bewakingscamera in werking hebben die duidelijk herkenbare beelden opneemt van iedere toekomende bezoeker. Een automatische tijdsregistratie is hierbij verplicht.
De regelgeving inzake camerabewaking is integraal van toepassing.
Artikel 16. Ledenlijst
§1. De uitbater dient een ledenlijst bij te houden met vermelding van naam, voornaam, roepnaam of alias, geboortedatum, rijksregisternummer.
§2. Op eerste verzoek van de lokale politie of de gemeente dient de uitbater de volledige en actuele ledenlijsten gedurende de laatste 6 maanden te overhandigen.
HOOFDSTUK 5. BESLISSING
Artikel 17.
§1. Op basis van de hogervermelde onderzoeken kan de burgemeester beslissen om:
§2. De burgemeester kan de uitbatingsvergunning weigeren als:
§3. Een nieuwe aanvraag van dezelfde uitbater en voor dezelfde vestigingseenheid, volgend op een geweigerde aanvraag, kan ten vroegste 6 maanden na de datum vermeld in de weigeringsbeslissing worden ingediend, op straffe van onontvankelijkheid.
HOOFDSTUK 6. VERVAL VAN DE VERGUNNING
Artikel 18.
De uitbatingsvergunning vervalt van rechtswege:
Een nieuwe aanvraag van dezelfde uitbater, voor dezelfde plaats én voor dezelfde soort inrichting, nadat de uitbatingsvergunning van rechtswege vervallen is, kan ten vroegste 6 maanden na de datum van het verval worden ingediend, op straffe van onontvankelijkheid.
HOOFDSTUK 7. SANCTIES
Artikel 19.
§1. Voor zover wetten, decreten, besluiten, algemene of provinciale verordeningen geen andere straffen voorzien, kan elke overtreding van dit reglement worden bestraft met een gemeentelijke administratieve sanctie overeenkomstig de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties (BS 1 juli 2013):
Aan de sancties opgelegd door het college gaat een waarschuwing van de overtreder vooraf.
De sancties opgelegd door het college worden door de politie betekend en/of met een aangetekende brief ter kennis gebracht aan de overtreder.
§2. Onverminderd het voorgaande, kan de politie bij vaststelling van uitbating zonder uitbatingsvergunning de inrichting onmiddellijk en ter plaatse sluiten.
HOOFDSTUK 8. BEKENDMAKING EN INWERKINGTREDING
Artikel 20. Bekendmaking
§1. Dit reglement zal bekendgemaakt worden overeenkomstig de artikelen 285 - 287 van het decreet lokaal bestuur.
§2. Afschrift van dit reglement zal, conform artikel 40 decreet lokaal bestuur, worden verzonden aan de griffie van de rechtbank van eerste aanleg en aan de politierechtbank te Leuven.
Artikel 21. Inwerkingtreding
Dit reglement treedt onmiddellijk in werking.
De gemeenteraad hecht goedkeuring aan de agenda van de algemene vergadering van IGO div op 19.12.2025 en draagt de vertegenwoordiger van de stad op zijn stemgedrag hierop af te stemmen.
IGO div organiseert op vrijdag 19.12.2025 om 17u30 een algemene vergadering met volgende agendapunten:
De gemeenteraad in vergadering van 13.02.2025 stelde mevrouw Els Wouters aan als afgevaardigd vertegenwoordiger van de stad Aarschot in de algemene vergaderingen van IGO en dit voor de duur van de legislatuur.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld de agenda goed te keuren.
Gelet op
Artikel 1
De gemeenteraad keurt de agenda van de algemene vergadering van IGO div op 19.12.2025 goed.
Artikel 2
Raadslid Els Wouters wordt aangeduid als vertegenwoordiger om namens het bestuur alle akten en bescheiden met betrekking tot deze algemene vergadering van IGO div te onderschrijven en hun stemgedrag af te stemmen op het in de beslissing van de gemeenteraad van heden bepaalde standpunt met betrekking tot de agendapunten van voormelde algemene vergadering.
De gemeenteraad hecht zijn goedkeuring aan alle punten op de agenda van de algemene vergadering van CREAT Services dv van 16 december 2025. De raad draagt de vertegenwoordiger van de gemeenteraad op zijn stemgedrag hierop af te stemmen.
CREAT Services dv organiseert op 16 december 2025 een algemene vergadering met volgende agendapunten:
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld goedkeuring te verlenen aan deze agendapunten en het mandaat van de vertegenwoordiger zo vast te stellen.
Op 13.03.2025 duidde de gemeenteraad de heer Stef Van Calster aan als vertegenwoordiger en de heer Kurt Lemmens als plaatsvervangend vertegenwoordiger in de algemene vergadering van Creat Services dv en dit voor de duur van de legislatuur.
Gelet op
Artikel 1
De gemeenteraad beslist goedkeuring te verlenen aan alle punten op de agenda van de algemene vergadering van Creat Services dv van 17 juni 2025 en de daarbij horende documentatie nodig voor het onderzoek van de agendapunten:
Artikel 2
De gemeenteraad draagt de heer Stef Van Calster als aangeduid vertegenwoordiger of de heer Kurt Lemmens als aangeduid plaatsvervangend vertegenwoordiger op om namens het bestuur alle akten en bescheiden met betrekking tot de algemene vergadering van Creat Services dv vastgesteld op 16 december 2025, te onderschrijven en zijn stemgedrag af te stemmen op het in de beslissing van de gemeenteraad van heden bepaalde standpunt met betrekking tot de agendapunten van voormelde algemene vergadering.
Artikel 3
Een afschrift van dit besluit zal:
De gemeenteraad gaat akkoord met de toetredingsovereenkomst voor de opstart digitale aangifte overlijden via het eLys-platform.
In januari 2026 nemen alle Vlaamse lokale besturen het eLys-platform in gebruik en stappen ze zo over naar de digitale verwerking van een overlijden. Vóór de start van deze nieuwe werkwijze moeten de lokale besturen een toetredingsovereenkomst ondertekenen om te voldoen aan de AVG-wetgeving (Algemene Verordening Gegevensbescherming).
In januari 2026 nemen alle Vlaamse lokale besturen het eLys-platform in gebruik en stappen ze zo over naar de digitale verwerking van een overlijden. Vóór de start van deze nieuwe werkwijze moeten de lokale besturen een toetredingsovereenkomst ondertekenen om te voldoen aan de AVG-wetgeving.
De digitale aangifte overlijden: waarom?
Het overlijden van een persoon leidt in Vlaanderen tot een uitgebreid administratief proces, met uitwisseling van papieren attesten tussen de betrokken partijen (gemeenten, uitvaartondernemer en artsen) om aan hun wettelijke verplichtingen te voldoen. Ook nabestaanden krijgen te maken met deze administratieve rompslomp.
Het eLys-platform
Het digitaal uitwisselingsplatform eLys digitaliseert de administratieve processen en procedures die gepaard gaan met het overlijden van een persoon en zorgt voor een efficiënte en veilige gegevensdeling tussen alle betrokken stakeholders. Ondertussen bekrachtigde de Vlaamse Regering via een decreet de digitalisering van de overlijdensadministratie vanaf 1
januari 2026.
Voordelen
o Vermindering van de administratieve lasten en kosten: een geschatte besparing van 300 tot 1.400 euro per jaar aan portkosten per lokaal bestuur en een efficiëntiewinst van 20 tot 30 minuten per dossier.
o Verkorting van de doorlooptijd: de tijd tussen de vaststelling door de arts en de opmaak van de overlijdensakte wordt teruggebracht van 2,5 naar 1 werkdag, en de tijd tot de afgifte van de toestemming tot begraven of crematie kort in van 4 naar 2 werkdagen.
o Betere dienstverlening aan de burger die ontlast wordt van administratieve rompslomp.
AVG-wetgeving
De AVG-wetgeving (Algemene Verordening Gegevensbescherming) verplicht de gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken van het platform een toetredingsovereenkomst te ondertekenen. Die overeenkomst regelt de verdeling van de verantwoordelijkheden voor de verwerking van de persoonsgegevens. De werkgroep informatie & cyberveiligheid van VVSG die de DPO’s van de verschillende steden en gemeenten verenigt, keek dit document na en valideerde het.
Concreet sluit elk lokaal bestuur een toetredingsovereenkomst af met Athumi - het Vlaams Datanutsbedrijf, een verzelfstandigd Vlaams agentschap dat optreedt als neutrale partner die instaat voor de bouw en het beheer van eLys.
Er is geen kost verbonden aan de samenwerking.
De gemeenteraad gaat akkoord met de toetredingsovereenkomst voor de opstart digitale aangifte overlijden via het eLys-platform
De gemeenteraad stelt haar deel van de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2027 vast, zoals in bijlage toegevoegd.
De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn hebben op 12 december 2019 hun beleids- en financiële planning vastgelegd in een meerjarenplan voor de periode 2020 tot 2025. Gelet op de noodzaak tot wijziging van het meerjarenplan wordt het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan, zie bijlage, voorgelegd aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst het eigen deel van de aanpassing van het meerjarenplan vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van de aanpassing van het meerjarenplan, die de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor de aanpassing van het meerjarenplan definitief is vastgesteld. Door die goedkeuring wordt het beleidsrapport in zijn geheel definitief vastgesteld.
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Het budget is geen afzonderlijk beleidsrapport meer, maar wordt geïntegreerd in het meerjarenplan.
Vermits elke rechtspersoon (stad en OCMW) voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in het meerjarenplan wel een duidelijk onderscheid tussen de kredieten van de stad en die van het OCMW. Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (M3), waarin de kredieten voor de stad en het OCMW apart worden opgenomen.
Omdat de stad en het OCMW een geïntegreerd meerjarenplan maken, wordt het financieel evenwicht voor de twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld. Het meerjarenplan is financieel in evenwicht als het voldoet aan de volgende voorwaarden:
De twee bovenvermelde normen worden aangevuld met indicatoren over het geconsolideerd financieel evenwicht en de gecorrigeerde autofinancieringsmarge. Dit zijn evenwel geen afdwingbare normen.
In toepassing van de bepalingen van het decreet lokaal bestuur werd het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan op 29 oktober 2025 aan de raadsleden bezorgd.
Voorstel van besluit:
De gemeenteraad stelt haar deel van de aanpassing van het meerjarenplan 1 - 2025 vast, zoals in bijlage toegevoegd.
Gelet op
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Gelet op de noodzaak tot wijziging van het meerjarenplan wordt het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan, zie bijlage, voorgelegd aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn. Het budget is geen afzonderlijk beleidsrapport meer, maar wordt geïntegreerd in het meerjarenplan.
De aanpassing van het meerjarenplan, zie bijlage, bestaat uit de volgende onderdelen:
Het meerjarenplan is financieel in evenwicht als het voldoet aan de volgende voorwaarden:
Enig artikel
De gemeenteraad stelt haar deel van de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2027 vast, zoals in bijlage toegevoegd.
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2027, die de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld op 13 november 2025, goed, zoals in bijlage toegevoegd. Hierdoor is de aanpassing van het meerjarenplan in zijn geheel definitief vastgesteld.
De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn hebben op 12 december 2019 hun beleids- en financiële planning vastgelegd in een meerjarenplan voor de periode 2020 tot 2025. Gelet op de noodzaak tot wijziging van het meerjarenplan wordt het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan, zie bijlage, voorgelegd aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst het eigen deel van de aanpassing van het meerjarenplan vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van de aanpassing van het meerjarenplan, die de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor de aanpassing van het meerjarenplan definitief is vastgesteld. Door die goedkeuring wordt het beleidsrapport in zijn geheel definitief vastgesteld.
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Het budget is geen afzonderlijk beleidsrapport meer, maar wordt geïntegreerd in het meerjarenplan.
Vermits elke rechtspersoon (stad en OCMW) voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in het meerjarenplan wel een duidelijk onderscheid tussen de kredieten van de stad en die van het OCMW. Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (M3), waarin de kredieten voor de stad en het OCMW apart worden opgenomen.
Omdat de stad en het OCMW een geïntegreerd meerjarenplan maken, wordt het financieel evenwicht voor de twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld. Het meerjarenplan is financieel in evenwicht als het voldoet aan de volgende voorwaarden:
De twee bovenvermelde normen worden aangevuld met indicatoren over het geconsolideerd financieel evenwicht en de gecorrigeerde autofinancieringsmarge. Dit zijn evenwel geen afdwingbare normen.
In toepassing van de bepalingen van het decreet lokaal bestuur werd het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan op 29 oktober 2025 aan de raadsleden bezorgd.
Voorstel van besluit:
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het meerjarenplan 1 - 2025, die de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld op 13 november 2025, goed, zoals in bijlage toegevoegd. Hierdoor is de aanpassing van het meerjarenplan in zijn geheel definitief vastgesteld.
Gelet op
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Gelet op de noodzaak tot wijziging van het meerjarenplan wordt het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan, zie bijlage, voorgelegd aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn. Het budget is geen afzonderlijk beleidsrapport meer, maar wordt geïntegreerd in het meerjarenplan.
De aanpassing van het meerjarenplan, zie bijlage, bestaat uit volgende onderdelen:
Het meerjarenplan is financieel in evenwicht als het voldoet aan de volgende voorwaarden, zoals terug te vinden in het document M2 (staat van het financieel evenwicht):
Enig artikel
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2027, die de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld op 13 november 2025, goed, zoals in bijlage toegevoegd. Hierdoor is de aanpassing van het meerjarenplan in zijn geheel definitief vastgesteld.
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2027 van het AGB Aarschot, die door de raad van bestuur van het AGB Aarschot werd vastgesteld op 13 november 2025, goed. Hierdoor is de aanpassing van het meerjarenplan, in bijlage, in zijn geheel definitief vastgesteld.
De raad van bestuur van het AGB Aarschot heeft de beleids- en financiële planning vastgelegd in een meerjarenplan voor de periode 2020 tot 2027. Gelet op de noodzaak tot wijziging van het meerjarenplan wordt het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan, zie bijlage, eerst vastgesteld door de raad van bestuur en vervolgens voorgelegd aan de gemeenteraad ter goedkeuring. Na goedkeuring door de gemeenteraad is de aanpassing van het meerjarenplan definitief vastgesteld.
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Het budget is geen afzonderlijk beleidsrapport meer, maar wordt geïntegreerd in het meerjarenplan.
Het meerjarenplan van het AGB Aarschot is financieel in evenwicht als het geraamd beschikbaar budgettair resultaat in geen enkel jaar negatief is.
In toepassing van de bepalingen van het decreet lokaal bestuur werd het ontwerp van de aanpassing van het meerjarenplan op 29 oktober 2025 aan de raadsleden bezorgd.
Voorstel van besluit:
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2027 van het AGB Aarschot, die door de raad van bestuur van het AGB Aarschot werd vastgesteld op 13 november 2025, goed. Hierdoor is de aanpassing van het meerjarenplan, in bijlage, in zijn geheel definitief vastgesteld.
Gelet op
De aanpassing van het meerjarenplan, zie bijlagen, bestaat uit volgende onderdelen:
Het meerjarenplan van een autonoom gemeentebedrijf is financieel in evenwicht als het geraamd beschikbaar budgettair resultaat in geen enkel jaar negatief is, zoals terug te vinden in het document M2 (staat van het financieel evenwicht).
Enig artikel
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2027 van het AGB Aarschot, die door de raad van bestuur van het AGB Aarschot werd vastgesteld op 13 november 2025, goed. Hierdoor is de aanpassing van het meerjarenplan, in bijlage, in zijn geheel definitief vastgesteld.
De gemeenteraad stelt de lijst van nominatieve werkings- en investeringstoelagen 2025 vast.
In toepassing van artikel 41, 23° van het decreet lokaal bestuur kan de gemeenteraad haar bevoegdheid voor het toekennen van nominatieve subsidies niet toevertrouwen aan het college van burgemeester en schepenen. De bevoegdheid voor de toekenning van nominatieve subsidies ligt dus volledig bij de gemeenteraad. Tot en met 2019 was de lijst met nominatieve subsidies een verplichte bijlage bij het budget, de goedkeuring van het budget impliceerde automatisch ook de goedkeuring van de nominatieve subsidies. Vanaf BBC 2020 bestaat het beleidsrapport 'budget' en haar verplichte bijlagen niet meer. De nominatieve subsidies nemen vanaf BBC 2020 de vorm aan van een afzonderlijk besluit van de gemeenteraad.
Naar aanleiding van de aanpassing van het meerjarenplan, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad op 13 november 2025, wordt aan de gemeenteraad voorgesteld om de nominatieve werkings- en investeringstoelagen van 2025 vast te stellen zoals opgenomen in de lijst in bijlage.
Ontwerp besluit:
De gemeenteraad stelt de lijst van nominatieve werkings- en investeringstoelagen 2025 vast, zoals bepaald in het document in bijlage.
Gelet op
Naar aanleiding van de aanpassing van het meerjarenplan, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad op 13 november 2025, wordt aan de gemeenteraad voorgesteld om de nominatieve werkings- en investeringstoelagen van 2025 vast te stellen zoals opgenomen in de lijst in bijlage.
In het ontwerp van meerjarenplan, zoals goedgekeurd door de raad op 13 november 2025, zijn de nominatieve toelagen opgenomen.
Artikel 1
De gemeenteraad stelt de lijst van nominatieve werkings- en investeringstoelagen 2025 vast, zoals bepaald in het document in bijlage.
Artikel 2
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de verdere uitvoering conform het gemeentelijk reglement 'Controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen' zoals vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 10.03.2022.
De gemeenteraad keurt het aangepast prijssubsidiereglement goed m.b.t. de prijssubsidie die de stad Aarschot toekent aan het AGB Aarschot voor het recht op toegang tot de infrastructuur van het Autonoom Gemeentebedrijf Aarschot. Op basis hiervan zal dat de stad voor de periode vanaf 1 december 2025 tot en met 31 december 2025 geen prijssubsidie meer verlenen aan het AGB Aarschot.
Met beslissing ET.129.288 van 19 januari 2016 heeft de BTW administratie haar visie op het BTW-statuut van autonome gemeentebedrijven uiteengezet.
Van belang is onder meer dat werkingssubsidies (waarop geen BTW moet worden aangerekend) die door de gemeente aan het AGB worden toegekend, in principe niet in aanmerking mogen worden genomen voor de beoordeling van het winstoogmerk. Prijssubsidies (waarop wel BTW moet worden aangerekend) die door de gemeente aan het AGB worden toegekend, komen daarentegen wel in aanmerking voor de beoordeling van het winstoogmerk.
Het AGB Aarschot heeft haar inkomsten en uitgaven geraamd voor het kalenderjaar 2025 voor de exploitatie van de infrastructuur, zoals vastgelegd in het op 19 december 2024 goedgekeurd meerjarenplan. Op basis van deze ramingen heeft het AGB Aarschot vastgesteld dat voor het kalenderjaar 2025 de inkomsten uit prijssubsidies voor het verlenen van het recht op toegang tot de door het AGB geëxploiteerde infrastructuur minstens 1.353.063,29 euro (exclusief btw) moeten bedragen om economisch rendabel te zijn.
Op basis van een recente inschatting van kosten en opbrengsten van het AGB Aarschot blijkt dat het minimum bedrag van de prijssubsidie reeds zal gerealiseerd zijn op 1 december 2025 (mede door de verhoogde tarieven van het sportcentrum). Hiermee rekening houdende wordt het prijssubsidiereglement aangepast zodoende dat de stad vanaf 1 december 2025 tot en met 31 december 2025 geen prijssubsidie zal betalen aan het AGB Aarschot.
Ontwerp besluit:
De gemeenteraad keurt het aangepast prijssubsidiereglement voor de periode van 1 december 2025 t.e.m. 31 december 2025 goed op basis waarvan de stad Aarschot het AGB Aarschot een prijssubsidie toekent voor het recht op toegang tot de infrastructuur van het Autonoom Gemeentebedrijf Aarschot in 2025.
Met beslissing van ET.129.288 van 19 januari 2016 heeft de BTW administratie haar visie op het BTW-statuut van autonome gemeentebedrijven uiteengezet, nl.:
- Een AGB is in principe een gewone BTW-plichtige met recht op aftrek van BTW. Dat impliceert dus dat een AGB de BTW op de exploitatiekosten en de investeringskosten volgens de normale regels in aftrek kan brengen.
- Voorwaarde daartoe is wel dat het AGB een winstoogmerk heeft en dat dus statutair is bepaald dat eventueel gemaakte winsten moeten worden uitgekeerd en dat ook effectief gebeurt.
- Om te beoordelen of er winstoogmerk is, moet de globale activiteit van het AGB in aanmerking worden genomen.
- De administratie kan onderzoeken of die statutaire bepalingen niet louter theoretisch zijn. Dat zal het geval zijn wanneer systematisch tekorten voorkomen in hoofde van het AGB omdat de aan de bezoekers van de inrichting aangerekende prijzen niet volstaan om de exploitatiekosten van het AGB te dekken
- Werkingssubsidies waarop geen BTW moet worden aangerekend die door de gemeente aan het AGB worden toegekend, mogen in principe niet in aanmerking worden genomen voor de beoordeling van het winstoogmerk. Men kan hierbij wel niet terugkomen op beslissingen die de Rulingdienst in het verleden heeft genomen en die het tegenovergestelde zouden beweren.
- Prijssubsidies waarop wel BTW moet worden aangerekend die door de gemeente aan het AGB worden toegekend, komen daarentegen wel in aanmerking voor de beoordeling van het winstoogmerk.
- In de loop van het boekjaar is het mogelijk om het bedrag van de prijssubsidies aan te passen naar de toekomst toe.
Verder vermeldt voorgaande beslissing van de BTW-administratie:
De kwalificatie van een autonoom gemeentebedrijf als belastingplichtige met recht op aftrek van BTW belet niet dat de administratie later kan onderzoeken of de statutaire bepalingen niet louter theoretisch zijn.
Dit zal het geval zijn wanneer systematische tekorten voorkomen in hoofde van het autonoom gemeentebedrijf omdat de aan de bezoekers van de inrichting aangerekende prijzen niet volstaan tot dekking van de exploitatiekosten van het autonoom gemeentebedrijf. In dat verband kunnen de werkingssubsidies die door de gemeente aan het autonoom gemeentebedrijf worden ter beschikking gesteld, gelet op de nauwe band de tussen het autonoom gemeentebedrijf en de gemeente, niet worden aangemerkt als ontvangsten uit een bepaalde activiteit. De werkingssubsidies mogen bijgevolg niet als bijkomende ontvangsten worden aangemerkt en mogen evenmin in mindering worden gebracht van de gedane kosten voor het bepalen van het boekhoudkundig resultaat.
De door de gemeente aan het autonoom gemeentebedrijf toegekende subsidies die rechtstreeks verband houden met de prijs behoren tot de maatstaf van heffing van de BTW en mogen dan ook gevoegd bij de overige ontvangsten uit een bepaalde activiteit om te bepalen of de statutaire bepalingen inzake winstoogmerk en het doel winsten uit te keren al dan niet theoretisch zijn.
Van een rechtstreeks verband met de prijs is slechts sprake indien de subsidie specifiek aan het gesubsidieerde orgaan wordt betaald om een welbepaald goed te leveren of een welbepaalde dienst te verrichten. Dit verband tussen de subsidie en de prijs moet duidelijk blijken uit een onderzoek van de concrete omstandigheden die aan de basis van de betaling van de tegenprestaties liggen. Daarentegen is het niet nodig dat de prijs van het goed of de dienst, of een deel ervan, bepaald zou zijn. Het volstaat dat hij bepaalbaar is.
Voor het bepalen van de winst moet rekening gehouden worden met het boekhoudkundig resultaat (met inbegrip van afschrijvingen, aanleggen van provisies, …) en mag met niet louter vergelijken tussen het boek voor inkomende facturen enerzijds en het boek voor uitgaande facturen/dagboek voor ontvangsten anderzijds.
Het resultaat van de globale activiteit (dus niet activiteit per activiteit) van de instelling dient in aanmerking te worden genomen. Er wordt evenwel geen rekening gehouden met uitzonderlijke opbrengsten (vb. de inkomsten uit onroerende en financiële transacties). De winst/verliespositie moet structureel zijn en onafhankelijk van toevallige gebeurtenissen langs inkomsten- of uitgavenzijde.
Het AGB Aarschot heeft haar inkomsten en uitgaven geraamd voor het kalenderjaar 2025 voor de exploitatie van de infrastructuur, zoals vastgelegd in het op 19 december 2024 goedgekeurd meerjarenplan. Op basis van deze ramingen heeft het AGB Aarschot vastgesteld dat voor het kalenderjaar 2025 de inkomsten uit prijssubsidies voor het verlenen van het recht op toegang tot de door het AGB geëxploiteerde infrastructuur minstens 1.353.063,29 euro (exclusief btw) moeten bedragen om economisch rendabel te zijn.
Op basis van een recente inschatting van kosten en opbrengsten van het AGB Aarschot blijkt dat het minimum bedrag van de prijssubsidie reeds zal gerealiseerd zijn op 1 december 2025 (mede door de verhoogde tarieven van het sportcentrum). Hiermee rekening houdende wordt het prijssubsidiereglement aangepast zodoende dat de stad voor de periode vanaf 1 december 2025 tot en met 31 december 2025 geen prijssubsidie zal verlenen aan het AGB Aarschot.
Aan de gemeenteraad wordt het aangepast prijssubsidiereglement voor de periode van 1 december 2025 t.e.m. 31 december 2025 voorgelegd ter goedkeuring.
Artikel 1
Het prijssubsidiereglement voor het kalenderjaar 2025, zoals goedgekeurd door de raad op 19 december 2024, wordt vervangen door onderstaand prijssubsidiereglement voor de periode van 1 december 2025 t.e.m. 31 december 2025.
Artikel 2
De gemeenteraad geeft de goedkeuring aan het onderstaand prijssubsidiereglement voor de periode van 1 december 2025 t.e.m. 31 december 2025:
PRIJSSUBSIDIEREGLEMENT EXPLOITATIE BIBLIOTHEEK AARSCHOT
Rekening houdend met de socio-culturele en sociale functie van de door het AGB Aarschot geëxploiteerde bibliotheek en om de leesmotivatie te stimuleren en de toegang tot de bibliotheekinfrastructuur en haar collectie zo laagdrempelig mogelijk te maken, wenst de stad Aarschot de kosten voor de toegang van de door AGB Aarschot geëxploiteerde bibliotheekinfrastructuur op zich te nemen, nl. 266.386,99 euro (excl. btw) in 2025. Voor de periode van 1 december 2025 t.e.m. 31 december 2025 zal de stad geen prijssubsidie verlenen aan het AGB Aarschot m.b.t. exploitatie bibliotheek.
PRIJSSUBSIDIEREGLEMENT EXPLOITATIE MUSEUM AARSCHOT
Rekening houdend met de socio-culturele en sociale functie van het door het AGB Aarschot geëxploiteerd museum en om de toegang tot de museuminfrastructuur en haar collectie zo laagdrempelig mogelijk te maken, wenst de stad Aarschot de kosten voor de toegang van de door AGB Aarschot geëxploiteerde museuminfrastructuur op zich te nemen, nl. 203.324,47 euro (excl. btw), in 2025. Voor de periode van 1 december 2025 t.e.m. 31 december 2025 zal de stad geen prijssubsidie verlenen aan het AGB Aarschot m.b.t. exploitatie museum.
PRIJSSUBSIDIEREGLEMENT EXPLOITATIE CC HET GASTHUIS
Rekening houdend met de socio-culturele en sociale functie van het door het AGB Aarschot geëxploiteerd CC Het Gasthuis en om de toegang tot de voorstellingen in de theaterinfrastructuur zo laagdrempelig mogelijk te maken, wenst de stad Aarschot de tickets tot het theater van het CC Het Gasthuis te subsidiëren middels de toekenning van een prijssubsidie per toegangsticket. Het totale tekort van CC Het Gasthuis in 2025 wordt geraamd op 398.651,57 euro (excl. BTW). Voor de periode van 1 december 2025 t.e.m. 31 december 2025 zal de stad geen prijssubsidie verlenen aan het AGB Aarschot m.b.t. exploitatie CC Het Gasthuis.
PRIJSSUBSIDIEREGLEMENT EXPLOITATIE SPORTCOMPLEX
Rekening houdend met de sportieve en sociale functie van het door het AGB Aarschot geëxploiteerde sportinfrastructuur en om de toegang tot het zwembad zo laagdrempelig mogelijk te maken, wenst de stad Aarschot de tickets tot het zwembad te subsidiëren middels de toekenning van een prijssubsidie. Het totale tekort van het sportcomplex in 2025 wordt geraamd op 484.700,26 euro (excl. BTW). Voor de periode van 1 december 2025 t.e.m. 31 december 2025 zal de stad geen prijssubsidie verlenen aan het AGB Aarschot m.b.t. exploitatie Sportcomplex.
De gemeenteraad neemt kennis van de beslissing van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant van 30.10.2025 houdende goedkeuring van de begrotingswijziging 2025-02 van de politiezone Aarschot.
De gemeenteraad wordt kennis gegeven van de beslissing van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant van 30.10.2025 houdende goedkeuring van de begrotingswijziging 2-2025 van de politiezone Aarschot.
Gelet op het bijgevoegd besluit van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant van 30.10.2025 houdende goedkeuring van de begrotingswijziging 2025-02 van de politiezone Aarschot.
Enig artikel
De gemeenteraad neemt kennis van bovengenoemd besluit van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant van 30.10.2025.
De gemeenteraad adviseert gunstig over de jaarrekening 2024 van de voornoemde kerkfabriek dewelke afsluit met een overschot op exploitatie van 7.215,68 euro en een tekort op investeringen van 2.084,10 euro.
De beslissing van de kerkraad van Sint Cornelius en Sint Nikolaas Rillaar houdende de jaarrekening 2024 wordt voor advies voorgelegd aan de gemeenteraad.
Gelet op
Overwegende dat
Artikel 1
De jaarrekening 2024 van de voornoemde kerkfabriek dewelke afsluit met een overschot op exploitatie van 7.215,68 euro en een tekort op investeringen van 2.084,10 euro wordt gunstig geadviseerd door de gemeenteoverheid.
Artikel 2
Dit besluit wordt overgemaakt aan de provinciegouverneur (Diestsepoort 6 bus 1, 3000 Leuven).
De gemeenteraad adviseert gunstig over de jaarrekening 2024 van de voornoemde kerkfabriek dewelke afsluit met een overschot op exploitatie van 75.497,88 euro en een overschot op investeringen van 22.589,46 euro.
De beslissing van de kerkraad van de voornoemde kerkfabriek houdende de jaarrekening 2024 wordt voor advies voorgelegd aan de gemeenteraad.
Gelet op
Overwegende dat
Artikel 1
De jaarrekening 2024 van de voornoemde kerkfabriek dewelke afsluit met een overschot op exploitatie van 75.497,88 euro en een overschot op investeringen van 22.589,46 euro wordt gunstig geadviseerd door de gemeenteoverheid.
Artikel 2
Dit besluit wordt overgemaakt aan de provinciegouverneur (Diestsepoort 6 bus 1, 3000 Leuven).
De gemeenteraad adviseert gunstig over de jaarrekening 2024 van de voornoemde kerkfabriek dewelke afsluit met een tekort op exploitatie van 144.426,71 euro en een overschot op investeringen van 491.302,59 euro.
De beslissing van de kerkraad van OLV Aarschot houdende de jaarrekening 2024 wordt voor advies voorgelegd aan de gemeenteraad.
Gelet op
Overwegende dat
Artikel 1
De jaarrekening 2024 van de voornoemde kerkfabriek dewelke afsluit met een tekort op exploitatie van 144.426,71 euro en een overschot op investeringen van 491.302,59 euro wordt gunstig geadviseerd door de gemeenteoverheid.
Artikel 2
Dit besluit wordt overgemaakt aan de provinciegouverneur (Diestsepoort 6 bus 1, 3000 Leuven).
Dit agendapunt werd besproken. Voor de volledige bespreking verwijzen we naar het audioverslag van deze vergadering.
Thomas Salaets
“In juni 2025 stelden wij op de gemeenteraad de vraag om de automatische toekenning van de stedelijke premie voor thuisverzorging van kinderen met een handicap te onderzoeken.
Het schepencollege gaf positief antwoord op deze vraag.
Graag zouden wij om een update willen vragen. Zal Aarschot nu via de databank van agentschap Opgroeien overgaan tot een automatische rechtentoekenning?”
Mvg,
Thomas Salaets
Groen
Gevolg dat aan dit agendapunt werd gegeven:
Dit agendapunt werd besproken. Voor de volledige bespreking verwijzen we naar het audioverslag van deze vergadering.
Dit agendapunt werd besproken. Voor de volledige bespreking verwijzen we naar het audioverslag van deze vergadering.
Petra Vanlommel
In Aarschot wordt overal waar nodig, gescheiden riolering aangelegd met het oog op een gezond en duurzaam waterbeleid. Dankzij een gescheiden riolering kan het huishoudelijk water gesaneerd worden. Dit is belangrijk voor de bescherming van ons drinkwater, watervoorraad, grondwater, rivieren. Het bestaande en nog aan te leggen rioleringsnetwerk in Aarschot is groot. Het moet geen betoog dat dit heel veel werk is en een grote impact heeft op inwoners, maar ook op het gemeentelijk personeel dat betrokken is bij deze uitbouw.
Na de commissie Ruimte op 13 oktober 2025 over de uitbouw van het gemeentelijk rioleringsnetwerk, was duidelijk dat er heel veel werk op het bord van de betrokken gemeentelijke dienst ligt. Aarschot is ook verantwoordelijk voor de bovenbouw. Eens aangelegd blijft het zo voor vele komende jaren. Daarom is het belangrijk om voor de start van de werken goed na te denken hoe je de straten en buurt wil inrichten. Het werk beperkt zich dus niet alleen tot de technische dienst van de stad Aarschot. Het gaat over toegankelijkheid, verkeersveiligheid, vergroening, kindvriendelijkheid en zoveel meer. Voor Groen Aarschot is het ook belangrijk dat bewoners collectieve bekommernissen over de straat waar ze wonen kunnen meegeven.
Vragen
Hoe gaat het Aarschots bestuur, de dienst die de rioleringsprojecten opvolgt en de taken opneemt die aan Aarschot toekomen, ondersteunen?
Zal met de werkbelasting die meekomt met de uitbouw van de gemeentelijke rioleringsinfrastructuur, rekening gehouden worden in het MJP dat in opmaak is?
Gevolg dat aan dit agendapunt werd gegeven:
Dit agendapunt werd besproken. Voor de volledige bespreking verwijzen we naar het audioverslag van deze vergadering.
Notulen en zittingsverslag vergadering van 9 oktober 2025
Notulen
Gelet op het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad en de gemeenteraadscommissies, goedgekeurd door de gemeenteraad in vergadering van 13.03.2025, inzonderheid artikel 24 §1;
Aangezien verder tijdens de vergadering geen bezwaren tegen de notulen van de vergadering van 9 oktober 2025 werden ingebracht;
zijn de notulen van de vergadering van 9 oktober 2025 goedgekeurd.
Zittingsverslag
In toepassing van artikel 278 §1 van het decreet over het lokaal bestuur en artikel 28 §2 van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad en de gemeenteraadscommissies is het zittingsverslag vervangen door de integrale audio-opname van de openbare zitting van de gemeenteraad.