De begrotingswijziging 1 - dienstjaar 2026 - gewone & buitengewone dienst van de politiezone Aarschot, in bijlage, wordt aangenomen.
De begrotingswijziging 1 - dienstjaar 2026 - gewone en buitengewone dienst van de Politiezone Aarschot wordt voor goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad. In toepassing van de bepalingen van het decreet lokaal bestuur werd het ontwerp van begrotingswijziging 1 - 2026 van de lokale politiezone op 10 juni 2026 aan de raadsleden bezorgd.
Het betreft een verhoging van het budget uitgaven gewone dienst met 524.784,84 euro, een verlaging van het budget ontvangsten gewone dienst met 34.816,16 en overdracht begrotingsresultaat 2025 met 559.601,00 euro, waardoor netto de gemeentelijke dotatie aan de politiezone stijgt met 20.020,71 euro.
Het budget uitgaven buitengewone dienst wordt verhoogd met 40.000,00 euro, waardoor ook de gemeentelijke investeringstoelage stijgt met 40.000 euro.
Voorstel van besluit:
De begrotingswijziging 1 - dienstjaar 2026 - gewone & buitengewone dienst van de politiezone Aarschot, in bijlage, wordt aangenomen.
Gelet op het ontwerp van de begrotingswijziging 1 - dienstjaar 2026 - gewone en buitengewone dienst van de Politiezone Aarschot.
Het betreft een verhoging van het budget uitgaven gewone dienst met 524.784,84 euro, een verlaging van het budget ontvangsten gewone dienst met 34.816,16 en overdracht begrotingsresultaat 2025 met 559.601,00 euro, waardoor netto de gemeentelijke dotatie aan de politiezone stijgt met 20.020,71 euro.
Het budget uitgaven buitengewone dienst wordt verhoogd met 40.000,00 euro, waardoor ook de gemeentelijke investeringstoelage stijgt met 40.000 euro.
In toepassing van de bepalingen van het decreet lokaal bestuur werd het ontwerp van begrotingswijziging 1 - 2026 van de lokale politiezone op 10 juni 2026 aan de raadsleden bezorgd.
Enig artikel
De begrotingswijziging 1 - dienstjaar 2026 - gewone & buitengewone dienst van de politiezone Aarschot, in bijlage, wordt aangenomen.
De gemeenteraad gaat akkoord met de vacantverklaring van één voltijdse betrekking van CALog niveau C "assistent onthaal" in statutair verband. Deze betrekking is te begeven via de klassieke mobiliteit.
Om de continuïteit van de dienstverlening te waarborgen, wordt aan de gemeenteraad voorgesteld één voltijdse betrekking van CALog niveau C "assistent onthaal" vacant te verklaren in statutair verband en de betrekking te begeven via de klassieke mobiliteit.
Gelet op
Om de continuïteit van de dienstverlening te waarborgen, wordt aan de gemeenteraad voorgesteld om de CALog niveau C-functie van "assistent onthaal" vacant te verklaren in statutair verband en de betrekking te begeven via de klassieke mobiliteit.
De personeelskosten zijn ingeschreven in de politiebegroting 2027 ev.
Artikel 1
De CALog functie van niveau C "assistent onthaal" wordt vacant verklaard in statutair verband vanaf de mobiliteitscyclus 2026-03. Deze betrekking is te begeven via de klassieke mobiliteit.
Artikel 2
De inhoud van de vacature zal er als volgt uitzien:
1° De categorieën van het personeel die zich voor de vacature mogen inschrijven:
Het ambt is voorbehouden aan Calog-personeelsleden van het niveau C;
2° Functiebeschrijving:
De medewerker staat onder de rechtstreekse leiding van de teamchef melding en interventie en zal onder andere uit volgende opdrachten bestaan:
3° Gewenst profiel
Van de medewerker wordt verwacht dat hij of zij:
4° Gewone plaats van het werk: Politiezone Aarschot, Demervallei 6, 3200 Aarschot.
5° Bijkomende inlichtingen betreffende de vacature: Politiezone Aarschot, adviseur beleid/PLIF: Lynsey Uyttebroeck - tel. 016/55.02.15 - Demervallei 6, 3200 Aarschot - mail: Lynsey.uyttebroeck@police.belgium.eu.
6° Vereiste bijzondere bekwaamheden: nihil.
7° Vacant ambt
8° Samenstelling van de plaatselijke selectiecommissie:
9° Kennistest: nog te bepalen.
Artikel 3
Er zal één exemplaar van dit besluit aan de algemene directie van het middelenbeheer en de informatie, directie van het personeel (DGR/DRP-P) van de federale politie bezorgd worden
De gemeenteraad gaat akkoord met de vacantverklaring van negen betrekkingen van inspecteur van politie (melding en interventie) in statutair verband vanaf de mobiliteitscyclus 2026-03, te begeven via de klassieke mobiliteit. Indien deze plaatsen niet ingevuld worden via de klassieke mobiliteit, worden de betrekkingen gepubliceerd voor de laureaten in de wervingsreserve.
De gemeenteraad stelde op 12 maart 2026 de formatie vast voor het operationeel personeel en van het administratief en logistiek personeel van de lokale politiezone Aarschot. Deze formatie werd door de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant goedgekeurd op 19 mei 2026.
Gelet op het feit dat het merendeel van kandidaten sinds het nieuwe rekruteringsmodel van de geïntegreerde politie dat van start ging eind 2022, aspirant-inspecteurs zijn die eerst nog een jaar naar de politieschool moeten vooraleer te starten in de politiezone, moeten we vanaf 2023 proactief rekruteren i.p.v. pas na het vertrek van de gepensioneerden de vacature open te stellen. In praktijk laat het proactief rekruteren toe dat de laureaten hun opleiding in de politieschool beëindigen rond de pensioneringsdatum van de vertrekkende collega's.
Om de continuïteit van de dienstverlening te waarborgen, wordt aan de gemeenteraad voorgesteld negen voltijdse betrekkingen van inspecteur van politie (melding en interventie) vacant te verklaren in statutair verband en de betrekkingen te begeven via de klassieke mobiliteit. Indien deze plaatsen niet ingevuld worden via de klassieke mobiliteit, publiceren we de betrekkingen voor de laureaten in de nationale wervingsreserve (pool met geslaagden in de selectieproeven om te mogen starten aan de politie-opleiding).
Verder vermeldt de ontwerpbeslissing de inhoud van de mededeling van de vacature die aan de algemene directie van het middelenbeheer en de informatie, directie van het personeel (DGR/DRP-P) van de federale politie dient overgemaakt te worden (wie mag zich inschrijven, functiebeschrijving, samenstelling selectiecommissie).
Er wordt geen lokale wervingsreserve aangelegd.
Gelet op
De personeelskosten zijn ingeschreven in de politiebegroting 2026 ev.
Artikel 1
Negen betrekkingen van inspecteur van politie (melding en interventie) worden vacant verklaard in statutair verband vanaf de mobiliteitscyclus 2026-03. Deze betrekkingen zijn te begeven via de klassieke mobiliteit. Indien deze plaatsen niet ingevuld worden via de klassieke mobiliteit, publiceren we de betrekkingen voor de laureaten in de wervingsreserve.
Artikel 2
De inhoud van de mededeling van de vacatures aan de algemene directie van het middelenbeheer en de informatie, directie van het personeel (DGR/DRP-P) van de federale politie bestaat minimum uit de volgende gegevens:
1° De categorieën van het personeel die zich voor de vacature mogen inschrijven:
2° Functiebeschrijving:
Als lid van de lokale politie is hij/zij een polyvalent medewerker welke ingezet wordt voor de verschillende functionaliteiten: interventie, melding, openbare orde, hycap, hulpverlening, toezicht en controle, verkeerstaken, slachtofferbejegening.
Naast deze algemene taken kan hij/zij zich specialiseren in andere taakaccenten van de politiezorg. Deze taakaccenten kunnen zowel operationeel, bestuurlijk of administratief van aard zijn.
Hierna volgt een niet limitatieve lijst: actieplannen, verkeersveiligheid, drugs, diefstalpreventie, projectwerking, functioneel systeembeheer, jeugd en gezin, slachtofferbejegening, vertrouwenspersoon, onderzoek, kantschriften,….
Polyvalente inzet met inbegrip van weekprestaties, weekendprestaties en nachtprestaties.
3° Gewenst profiel:
Kennis:
Attitude:
Beschikt over goede sociale vaardigheden waaronder assertiviteit, conflicthantering, goede contactuele en communicatieve vaardigheden.
Bevordert de goede verstandhouding en de samenwerking binnen de dienst.
Kan zowel zelfstandig als in teamverband werken.
4° Gewone plaats van het werk: Politiezone Aarschot, Demervallei 6, 3200 Aarschot.
5° Bijkomende inlichtingen betreffende de vacature: Teamchef melding en interventie: Stefan Vanderbruggen (jobinhoud) – tel. 016/550.202- Demervallei 6, 3200 Aarschot - mail: pz.aarschot@police.belgium.eu;
6° Vereiste bijzondere bekwaamheden: nihil.
7° Vacant ambt.
8° Samenstelling van de selectiecommissie:
9° Kennistest: nihil.
Artikel 3
Er zal één exemplaar van dit besluit aan de algemene directie van het middelenbeheer en de informatie, directie van het personeel (DGR/DRP-P) van de federale politie bezorgd worden.
De gemeenteraad keurt goed dat de politiezone Aarschot, in het kader van een voorzorgsmaatregel, intekent op de raamovereenkomst voor het aanmaken, verdelen en beheren van elektronische maaltijdcheques, die maandelijks worden toegekend, via Creat Services als aankoopcentrale, toegewezen aan Monizze, Gasthuisstraat 31, 1000 Brussel.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld met de politiezone Aarschot, in het kader van een voorzorgsmaatregel, in te tekenen op de raamovereenkomst voor het aanmaken, verdelen en beheren van elektronische maaltijdcheques, die maandelijks worden toegekend, via Creat Services als aankoopcentrale, toegewezen aan Monizze, Gasthuisstraat 31, 1000 Brussel. Deze beslissing wordt genomen als back-upregeling, teneinde de continuïteit te waarborgen in het geval de huidige raamovereenkomst niet zou worden verlengd of indien zich problemen zouden voordoen bij de gunning van het nieuwe dossier.
Overwegende dat
BIJDRAGE IN DE WERKING
Op deze overeenkomst is een éénmalige bijdrage in de werking van toepassing per werknemer. De prijzen zijn exclusief 21% btw.
Aantal werknemers - Bijdrage in de werking per werknemer:
< 1000 - € 3
1000 tot 1999 - € 2,50
2000 tot 2999 - € 2
> 3000 - € 1,50
PRIJZEN (ELEKTRONISCHE) MAALTIJDCHEQUES
Zichtwaarde van de maaltijdcheques: wordt door de politiezone (conform de vigerende wetgeving) bepaald.
Dienstverleningskost (inclusief setup): hiervoor wordt geen kost aangerekend.
Fysieke kaart: hiervoor wordt geen kost aangerekend:
PRIJZEN (ELEKTRONISCHE) ECOCHEQUES, SPORT-, CULTUUR- EN CADEAUCHEQUES
Zichtwaarde van de ecocheques en cadeaucheques wordt door de politiezone bepaald.
Dienstverleningskost is niet van toepassing.
Aanmaak en vervangen kaart: dezelfde voorwaarden als de elektronische maaltijdcheques.
Enkel na overleg en akkoord van de huidige leverancier kan bekeken worden of een verwerking van openstaande cheques, saldo’s en accounts per direct na instap en activatie van de Monizze kaarten, via bulktransfer overgezet kan worden.
PRIJSHERZIENING
Niet van toepassing (gezien geen dienstverleningskost).
OMSCHRIJVING VAN DE OPDRACHT
Raamovereenkomst voor het aanmaken en distribueren van elektronische maaltijdcheques, ecocheques, sport- en cultuurcheques en cadeaucheques.
CREAT treedt op als aanbieder van het raamcontract. Concreet houdt dit in dat er na instap een contractuele band ontstaat tussen de politiezone en Monizze. De politiezone kan dan rechtstreeks en voor eigen rekening een opdracht plaatsen bij de dienstverlener.
DIENSTVERLENER
Monizze, Gasthuisstraat 31, 1000 Brussel
SERVICE
Voor uw organisatie
Een uitstekende service, snelle opvolging en flexibele ondersteuning zorgen voor een vlotte onboarding.
Gebruiksvriendelijke en geavanceerde oplossingen.
Klantenservice van maandag tot zaterdag toegankelijk van 8u30 tot 18u.
Een stapsgewijze gebruikersgids voor het creëren van begunstigden is beschikbaar op uw Monizze klantenzone.
Maximale leveringstermijn kaarten: de gedeactiveerde (nog niet-actieve) kaarten worden binnen een halve dag na activering van het account of de blokkering ervan, aangemaakt. De leveringstermijn van de (fysieke) kaarten (via post) bedraagt vijf werkdagen na verwerking van de creatie van de begunstigden.
De kaarten kunnen, of gesorteerd per afdeling/locatie of individueel op het adres van de werknemer, geleverd worden. De gesorteerde levering geniet de voorkeur – ook omwille van het duurzame karakter ervan.
Voor uw werknemers
De werknemer kan met hetzelfde profiel inloggen op het portaal, de website en de app.
Maximale leveringstermijn ter beschikking stellen krediet: bij een correct uitgevoerde bestelling gebeurt de creditering van de accounts per direct na ontvangst van de maandelijkse bestelling (indien geen uitvoeringsdatum wordt gekozen).
Kaart:
INSTAPPEN EN BESTELLEN
Vertrekkende vanuit het instapmoment wordt elke klant individueel door Monizze opgezet en overgezet volgens een praktisch stappenplan wat een vlotte transitie en tijdige implementatie garandeert. Dit zou de minimale onderbreking van de dienstverlening en maximale begeleiding van alle betrokkenen moeten garanderen.
Stappen:
Opstart:
PROBLEMEN TIJDENS DE UITVOERING
De politiezone neemt hiervoor rechtstreeks contact op met Monizze. Alle nodige info wordt bezorgd na instap.
Contactgegevens Monizze:
Telefoon: 02 / 891 88 44
e-mail: supportclient@monizze.be
Deelopdrachten kunnen te allen tijde opgezegd worden, mits een vooropzeg van zes maanden, te betekenen bij aangetekend schrijven aan Monizze. U dient tevens CREAT te informeren via creat@creat.be.
FACTUREN
Facturen CREAT:
Bij opstart zal u een voorstelfactuur ontvangen van CREAT voor de bijdrage in de werking. Het aantal personeelsleden bij opstart zal hierbij bepalend zijn. Bij toetreding van extra (groepen van) personeelsleden zal u een nieuwe voorstelfactuur ontvangen voor de bijkomende personeelsleden.
Als de diensten van CREAT binnen de tien kalenderdagen geen reactie van u ontvangen op deze voorstelfactuur, wordt verondersteld dat ze correct is. Vervolgens wordt de voorstelfactuur omgezet naar een definitieve factuur.
U betaalt deze factuur aan de CREAT aankoopcentrale.
Facturen Monizze:
De facturen van de maandelijkse bestellingen worden door Monizze rechtstreeks ter beschikking gesteld en zijn bijgevolg NIET zichtbaar in het CREAT-webportaal. De politiezone ontvangt dus maandelijks een digitale factuur (met detail en voor de waarde van de som van de zichtwaardes van de bestelde cheques).
De politiezone betaalt deze facturen binnen de 30 dagen rechtstreeks aan Monizze.
De nominale waarde van een maaltijdcheque is 6 euro. De werkgeversbijdrage is 4,91 euro. De personeelsleden zullen zelf een klein deel van de maaltijdcheque betalen aangezien er een wettelijk verplichte minimale bijdrage is van 1,09 euro per ontvangen maaltijdcheque. Deze bijdrage wordt afgehouden van het nettoloon.
Deze uitgaven worden voorzien op artikelnummer MJP204534 -- 330/115-41 Maaltijdcheques en MJP203153 -- 330/12306 Prestaties van derden eigen aan de functie (MC + ondersteuning preventie).
De ontvangsten worden voorzien op artikelnummer MJP203119 -- 33091/16114 (calog) en MJP203046 -- 33001/16114 (operationeel).
Artikel 1
De politiezone Aarschot tekent, in het kader van een voorzorgsmaatregel, in op de raamovereenkomst voor het aanmaken, verdelen en beheren van elektronische maaltijdcheques, die maandelijks worden toegekend, via Creat Services als aankoopcentrale, toegewezen aan Monizze, Gasthuisstraat 31, 1000 Brussel. Deze beslissing wordt genomen als back-upregeling, teneinde de continuïteit te waarborgen in het geval de huidige raamovereenkomst niet zou worden verlengd of indien zich problemen zouden voordoen bij de gunning van het nieuwe dossier.
Artikel 2
LOOPTIJD VAN HET CONTRACT
Publicatiedatum: 1 april 2025
Start overeenkomst: 27 februari 2026
Einde overeenkomst: 26 februari 2030
De politiezone kan instappen en bestellen gedurende de volledige looptijd van deze overeenkomst. Het contract wordt steeds gesloten voor een periode van vier jaar en kan bijgevolg de einddatum van de basisovereenkomst overschrijden.
Artikel 3
Politiezone Aarschot staat volledig zelf in voor de uitvoering van de raamovereenkomst betreffende de toekenning van de maaltijdcheques.
Het protocol beoogt een gestructureerde uitwisseling van (gerechtelijke) informatie mogelijk te maken om de openbare orde te handhaven, criminaliteit te voorkomen en een integrale aanpak van onveiligheid te realiseren, zonder bestaande regels inzake informatiedeling te wijzigen. De stad Aarschot en haar partners engageren zich om binnen het juridisch kader maximaal samen te werken, met inzet van bestuurlijke maatregelen en afstemming via veiligheidsorganen, om criminele beïnvloeding van de bovenwereld te voorkomen en prioritaire domeinen gericht aan te pakken.
De gemeenteraad neemt kennis van het protocolakkoord bestuurlijke handhaving criminaliteit en onveiligheid (in bijlage), afgesloten tussen de stad Aarschot, de politiezone Aarschot, het openbaar ministerie arrondissement Leuven, het arbeidsauditoraat arrondissement Leuven, de Dirco en Dirjud van de federale politie met zetel te Leuven en geeft zijn goedkeuring voor het ondertekenen van dit protocolakkoord.
Het uitwisselen van informatie is noodzakelijk met het oog op de goede handhaving van de openbare orde, het voorkomen van het plegen van misdrijven en meer in het algemeen de integrale en geïntegreerde aanpak van criminaliteit en onveiligheid. De stad Aarschot kan zowel in de huidige context, als in de toekomst, te maken krijgen met een aantal maatschappelijke problematieken (vormen van criminaliteit en/of overlast). Het bestuur en het openbaar ministerie hebben dan ook de specifieke doelstelling om te voorkomen dat criminelen en/of criminele organisaties door de overheid onbewust of ongewild, rechtstreeks dan wel onrechtstreeks worden gefaciliteerd in hun criminele doelstellingen en/of te voorkomen dat er een vermenging ontstaat tussen onder- en bovenwereld en de economische machtsposities te doorbreken die zijn opgebouwd met behulp van illegaal vergaard kapitaal.
Bestuurlijke overheden beschikken hiervoor over meerdere tools zoals het opleggen van een administratieve sanctie (vb. een administratieve geldboete of de administratieve sluiting van een instelling), een bestuurlijke politiemaatregel (vb. een tijdelijk plaatsverbod) dan wel een gewone administratieve beslissing (vb. de uitsluiting van deelname aan een openbare aanbesteding).
Dit protocol heeft als voorwerp deze gerechtelijke informatie-uitwisseling te regelen. Het wijzigt dus niets aan bestaande interne regels inzake informatiedeling bij de andere partners (bv. binnen de bestuurlijke overheid zelf). De partners gaan het engagement aan om, binnen de perken van hun budgettaire en personeelsmatige mogelijkheden, maximaal inspanningen te leveren teneinde, binnen het bestaande juridische kader, op de meest ruime wijze informatie uit te wisselen in functie van de strafrechtelijke en/of bestuurlijke handhaving.
Overwegende dat het uitwisselen van informatie noodzakelijk is met het oog op de goede handhaving van de openbare orde, het voorkomen van het plegen van misdrijven en meer in het algemeen de integrale en geïntegreerde aanpak van criminaliteit en onveiligheid;
Overwegende dat de stad Aarschot binnen de politiezone Aarschot zowel in de huidige context, als in de toekomst te maken kan krijgen met een aantal maatschappelijke problematieken (vormen van criminaliteit en/of overlast;
Overwegende dat het bestuur en het openbaar ministerie dan ook de specifieke doelstelling hebben om te voorkomen dat criminelen en/of criminele organisaties door de overheid onbewust of ongewild, rechtstreeks dan wel onrechtstreeks worden gefaciliteerd in hun criminele doelstellingen en/of te voorkomen dat er een vermenging ontstaat tussen onder- en bovenwereld en de economische machtsposities te doorbreken die zijn opgebouwd met behulp van illegaal vergaard kapitaal;
Overwegende dat bestuurlijke overheden hiervoor beschikken over meerdere tools zoals het opleggen van een administratieve sanctie (vb. een administratieve geldboete of de administratieve sluiting van een instelling), een bestuurlijke politiem aatregel (vb. een tijdelijk plaatsverbod) dan wel een gewone administratieve beslissing (vb. de uitsluiting van deelname aan een openbare aanbesteding). Hierbij kunnen gerechtelijke gegevens dienstig zijn, waaronder verstaan wordt hetzij politionele informatie van gerechtelijke aard dan wel gerechtelijke informatie sensu stricto, conform de omzendbrief bestuurlijke handhaving (BH) 13/2020 randnummer 6. Dit protocol heeft als voorwerp deze gerechtelijke informatie-uitwisseling te regelen. Het wijzigt dus niets aan bestaande interne regels inzake informatiedeling bij de andere partners (bv. binnen de bestuurlijke overheid zelf);
Overwegende dat de onderhavige partners het engagement aangaan om, binnen de perken van hun budgettaire en personeelsmatige mogelijkheden, maximaal inspanningen te leveren teneinde, binnen het bestaande juridische kader, op de meest ruime wijze informatie uit te wisselen in functie van de strafrechtelijke en/of bestuurlijke handhaving;
Overwegende dat het openbaar ministerie, conform de omzendbrief BH 1312020 en de daarin vermelde rechtsgronden, zich engageert om bij te dragen aan de bestuurlijke handhaving van criminaliteit en onveiligheidsfenornenen binnen de contouren van huidig protocolakkoord en binnen het bestaande juridisch kader;
De bestuurlijke overheid dient de gerechtelijke overheden in kennis te stellen van de domeinen/materies waarin er absoluut nood is om aan bestuurlijke handhaving te doen en waarin men nood heeft aan gerechtelijke gegevens. Na beeldvorming werden deze domeinen besproken op de zonale veiligheidsraad of een zonaal veiligheidsoverleg dan wel een ander strategisch ad hoc overleg, teneinde het domein van de bestuurlijke handhaving te laten inpassen in de overige prioriteiten, de capaciteitsinvesteringen bij de diverse partners correct te kunnen inschatten en een realistisch, efficiënt en effectief werkproces op te zetten.
De domeinen die voor bestuurlijke handhaving in aanmerking komen worden ook opgenomen in het zonale veiligheidsplan. In casu gebeurde dit op de vergadering van 5.5.2026.
De nodige budgetten zullen voorzien worden in de begroting 2026 e.v.
De gemeenteraad neemt kennis van het protocolakkoord bestuurlijke handhaving criminaliteit en onveiligheid (in bijlage), afgesloten tussen de stad Aarschot, de politiezone Aarschot, het openbaar ministerie arrondissement Leuven, het arbeidsauditoraat arrondissement Leuven, de Dirco en Dirjud van de federale politie met zetel te Leuven en geeft zijn goedkeuring voor het ondertekenen van dit protocolakkoord.
De gemeenteraad neemt kennis van de wijziging van de WGP. De hervorming wijzigt de bestuurlijke structuur van de lokale politiezones fundamenteel. Ze centraliseert de besluitvorming in het politiecollege en verschuift de democratische controle naar de gemeenteraad.
Ééngemeentezones krijgen rechtspersoonlijkheid. De politiezone krijgt één jaar na inwerkingtreding (10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad) de tijd om volgende zaken te regelen: overdracht van personeel, inventaris van goederen, rechten en plichten en lopende geschillen.
De politiezone bedankt de leden van de gemeenteraad voor hun inzet. Zij zullen zoals voorheen op de hoogte worden gehouden over de activiteiten binnen de politiezone.
De federale regering hervormt de Wet op de Geïntegreerde Politie. Dat heeft impact op het bestuur, de organisatie en de financiering van de politiezone. De wetswijziging regelt niet alleen de verplichte fusie van de zes Brusselse politiezones, maar hervormt ook het bestuur, de organisatie en de financiering van alle lokale politiezones. De politieraad verdwijnt namelijk als bestuursorgaan en het politiecollege wordt het enige bestuursorgaan van de politiezone. De gemeenteraad krijgt versterkte controle- en informatierechten en ééngemeentezones krijgen eigen rechtspersoonlijkheid.
De wetswijziging is goedgekeurd in het federaal parlement. Eind juni verwachten we de publicatie in het Belgisch Staatsblad. De inwerkingtreding volgt 10 dagen later wat wil zeggen dat de politieraad dan ophoudt te bestaan.
De politiezone wil de leden van de gemeenteraad reeds inlichten over de wetwijziging en bedanken voor hun inzet. Zij zullen zoals voorheen op de hoogte worden gehouden over de activiteiten binnen de politiezone. Zo is de goede praktijk in onze politiezone om het jaarverslag ter kennis te brengen van de gemeenteraad nu een wettelijke verplichting. De politiezone wenst daarenboven de gegeven uitgebreide toelichtingen en rondleidingen voor de gemeenteraadscommissie 'veiligheid' te blijven doen. Veiligheid en politiewerking leven in Aarschot en worden ook actief beleefd door de hele gemeenteraad. Deze wederzijdse erkenning is een voorbeeld van goed bestuur, die we ondanks de verschuiving van de bevoegdheden van de raad naar het college wensen te behouden.
De federale regering hervormt de Wet op de Geïntegreerde Politie. Dat heeft impact op het bestuur, de organisatie en de financiering van de politiezone. De wetswijziging regelt niet alleen de verplichte fusie van de zes Brusselse politiezones, maar hervormt ook het bestuur, de organisatie en de financiering van alle lokale politiezones. De politieraad verdwijnt namelijk als bestuursorgaan en het politiecollege wordt het enige bestuursorgaan van de politiezone. De gemeenteraad krijgt versterkte controle- en informatierechten en ééngemeentezones krijgen eigen rechtspersoonlijkheid.
De wetswijziging is goedgekeurd in het federaal parlement. Eind juni verwachten we de publicatie in het Belgisch Staatsblad. De inwerkingtreding volgt 10 dagen later, wat wil zeggen dat de politieraad dan ophoudt te bestaan. Wij wensen daarom hier alvast de kennisgeving te doen aan de leden van de gemeenteraad.
Politieraad verdwijnt
Het wetsontwerp schaft de politieraad af. Er is geen overgangsperiode voorzien. Tien dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad treedt de afschaffing in werking.
Concreet betekent dit: De politieraad houdt op te bestaan en het politiecollege is het enige bestuursorgaan. Het neemt ook de bevoegdheden van de politieraad over, onder meer over:
Hierdoor verschuift de volledige besluitvorming naar dit orgaan.
Voorzitterschap en mandaatregeling
In een ééngemeentezone zit de burgemeester automatisch het politiecollege voor.
Wat betekent dit voor de gemeenteraad?
De hervorming versterkt de rol van de gemeenteraad in de democratische controle op de politiezone.
Vragenrecht en interpellaties
Gemeenteraadsleden kunnen schriftelijke en mondelinge vragen stellen aan het politiecollege. Ze kunnen de burgemeester interpelleren over beslissingen die hun politiezone raken.
Inzagerecht in bestuursdocumenten
Gemeenteraadsleden krijgen inzage in bestuursdocumenten van de politiezone. Dat versterkt de transparantie.
Jaarlijkse rapportering
De gemeenteraad ontvangt jaarlijks een uitgebreid verslag over:
De burgemeester en de korpschef lichten dit verslag toe in de gemeenteraad.
Rol bij goedkeuring van de begroting
De gemeenteraad kan de burgemeester een mandaat geven om de begroting van de politiezone al dan niet goed te keuren.
Wat verandert er in organisatie en mandaten
De hervorming wijzigt ook de regels over sleutelmandaten binnen de politiezone.
Mandaat van de korpschef
Mandaat van vijf jaar.
Eén keer hernieuwbaar binnen dezelfde politiezone.
Bij definitieve beëindiging verklaart het politiecollege de functie binnen drie maanden vacant.
Uitzondering: deze verplichting vervalt wanneer het politiecollege van een fusiezone een gezamenlijke aanvraag heeft ingediend tot vrijwillige samensmelting.
Er worden in de wet overgangsbepalingen voorzien:
Huidige mandaten en lopende hernieuwingsprocedures tellen niet mee.
De periode van 3 maanden start voor alle vacante verklaringen op het moment van de inwerkingtreding van de wet.
Rol en aanstellingsvoorwaarden van de bijzonder rekenplichtige
De bijzonder rekenplichtige krijgt een expliciete onafhankelijke rol.
Verplicht financieel advies bij elk dossier met budgettaire impact.
Aanwezig op elk politiecollege met financiële weerslag.
Op vraag van VVSG zijn de aanstellingsvoorwaarden voor de bijzonder rekenplichtige niet gewijzigd.
Ondersteuning door de politiesecretaris
De politiesecretaris ondersteunt de politieraad niet meer, maar voortaan uitsluitend het politiecollege en, indien van toepassing, het bureau. Het politiecollege bepaalt de toelage, met als bovengrens de toelage van de bijzonder rekenplichtige.
Ééngemeentezones krijgen rechtspersoonlijkheid. De politiezone kan daardoor:
Dat zorgt voor een uniforme juridische structuur voor alle politiezones.
Voor de oprichting van de eigen rechtspersoonlijkheid krijgt de politiezone één jaar na inwerkingtreding (10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad) de tijd om volgende zaken te regelen met het bestuur:
Met het oog op de continuïteit van de politiewerking en de logische afstemming op de activiteiten van de gemeenteraad, lijkt het ons opportuun de rechtspersoonlijkheid te laten ingaan op 1/1/2027.
Let op: voor de afschaffing van de politieraad is er geen overgangsperiode. Dit wil zeggen dat de bevoegdheden van de Aarschotse gemeenteraad aangaande de politiewerking 10 dagen na publicatie in het Staatsblad worden overgeheveld naar het schepencollege.
De gemeenteraad neemt kennis van de wijziging van de WGP. De hervorming wijzigt de bestuurlijke structuur van de lokale politiezones fundamenteel. Ze centraliseert de besluitvorming in het politiecollege en verschuift de democratische controle naar de gemeenteraad.
Ééngemeentezones krijgen rechtspersoonlijkheid. De politiezone krijgt één jaar na inwerkingtreding (10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad) de tijd om volgende zaken te regelen: overdracht van personeel, inventaris van goederen, rechten en plichten en lopende geschillen.
De politiezone wil de leden van de gemeenteraad bedanken voor hun inzet. Zij zullen zoals voorheen op de hoogte worden gehouden over de activiteiten binnen de politiezone.
De gemeenteraad neemt kennis van het langdurig publiek gebruik van het pad tussen Elsestraat en Blakerstraat te Langdorp en beslist de procedure tot erkenning van dit pad als gemeenteweg op te starten overeenkomstig artikel 13 van het Gemeentewegendecreet.
Het College van Burgemeester en Schepenen wordt gelast om een rooilijnplan of grafisch plan te laten opmaken door een erkend landmeter-expert, het dossier verder voor te bereiden en het openbaar onderzoek te organiseren overeenkomstig artikel 12 van het Gemeentewegendecreet en na afloop van het openbaar onderzoek de ontvangen bezwaren en adviezen te bundelen en ter definitieve beslissing voor te leggen aan de gemeenteraad.
Het departement technische zaken ontving verschillende klachten over een pad gelegen tussen Elsestraat en Blakerstraat te Langdorp. Dit pad werd afgesloten door een van de aangelanden.
Uit onderzoek door de dienst mobiliteit blijkt dat het huidig pad reeds meer dan dertig jaar in gebruik is als doorgaand voetpad.
Het pad is zichtbaar op historische topografische kaarten, oude luchtfoto’s en komt voor in diverse getuigenverklaringen.
Gezien deze elementen lijkt het aannemelijk dat het pad gedurende minstens dertig jaar publiek gebruikt werd op de huidige ligging.
Overeenkomstig artikel 13 van het Gemeentewegendecreet kan de gemeenteraad, na dertigjarig publiek gebruik, overgaan tot de opname van een grondstrook als gemeenteweg.
Om de feitelijke situatie te objectiveren en de verdere procedure correct te doorlopen, is het aangewezen een rooilijn- grafisch plan te laten opmaken door een landmeter, waarna het openbaar onderzoek kan worden georganiseerd.
Het departement technische zaken ontving verschillende klachten over een pad gelegen tussen Elsestraat en Blakerstraat te Langdorp. Dit pad werd afgesloten door een van de aangelanden.
Uit onderzoek door de dienst mobiliteit blijkt dat het huidig pad reeds meer dan dertig jaar in gebruik is als doorgaand voetpad.
Het pad is zichtbaar op historische topografische kaarten, oude luchtfoto’s en komt voor in diverse getuigenverklaringen.
Gezien deze elementen lijkt het aannemelijk dat het pad gedurende minstens dertig jaar publiek gebruikt werd op de huidige ligging.
Overeenkomstig artikel 13 van het Gemeentewegendecreet kan de gemeenteraad, na dertigjarig publiek gebruik, overgaan tot de opname van een grondstrook als gemeenteweg.
Om de feitelijke situatie te objectiveren en de verdere procedure correct te doorlopen, is het aangewezen een rooilijn- grafisch plan te laten opmaken door een landmeter, waarna het openbaar onderzoek kan worden georganiseerd.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt kennis van het langdurig publiek gebruik van het pad tussen Elsestraat en Blakerstraat te Langdorp en beslist de procedure tot erkenning van dit pad als gemeenteweg op te starten overeenkomstig artikel 13 van het Gemeentewegendecreet.
Artikel 2
De gemeenteraad geeft het College van Burgemeester en Schepenen opdracht om:
een rooilijnplan of grafisch plan te laten opmaken door een erkend landmeter-expert;
het dossier verder voor te bereiden en het openbaar onderzoek te organiseren overeenkomstig artikel 12 van het Gemeentewegendecreet;
na afloop van het openbaar onderzoek de ontvangen bezwaren en adviezen te bundelen en ter definitieve beslissing voor te leggen aan de gemeenteraad.
De gemeenteraad gaat akkoord met de verlenging van het bestaande subsidiereglement voor Aarschotse verenigingen voor het onderhoud van de trage wegen op het grondgebied van Aarschot voor de periode 2026 tot 2027.
Als wegbeheerder is de stad verplicht de trage wegen op haar grondgebied te onderhouden.
Het bestuur wenst de plaatselijke verenigingen mee te betrekken bij het onderhoud van de Aarschotse trage wegen. De verenigingen die zich hiervoor engageren, zullen van de stad een subsidie ontvangen.
Er zal een nieuw subsidiereglement opgemaakt worden, gezien de verenigingen de huidige overeenkomsten nog uitvoeren stellen wij voor om deze opdracht te verlengen voor de periode van 1 jaar. Door de bestaande overeenkomsten te verlengen kan het nieuwe subsidiereglement uitgewerkt worden in samenspraak met de verenigingen. Hierna kunnen we tijdig werk maken van nieuwe overeenkomsten voor de volgende periode.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld akkoord te gaan met verlenging van het bestaande subsidiereglement voor Aarschotse verenigingen voor het onderhoud van de trage wegen op het grondgebied van Aarschot voor de periode 2026 tot 2027.
Als wegbeheerder is de stad verplicht de trage wegen op haar grondgebied te onderhouden.
Het bestuur wenst de plaatselijke verenigingen mee te betrekken bij het onderhoud van de Aarschotse trage wegen. De verenigingen die zich hiervoor engageren, zullen van de stad een subsidie ontvangen.
Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen 'onderstaand subsidiereglement voor Aarschotse verenigingen voor het onderhoud van de trage wegen op het grondgebied van Aarschot opgesteld voor de periode 2026-2027', verlenging van 1 het bestaande reglement met 1jaar.
MJP103938 ‘toelage aan verenigingen in het kader van het onderhoud van de trage wegen’ onder de actie ‘AC000048 4.2.1. We onderhouden onze wegenis’, ARK ‘64930000 Toegestane werkingssubsidies aan verenigingen’.
Artikel 1. Toepassingsgebied
Voor de periode 2026 - 2027 worden Aarschotse verenigingen en landbouwers (in hoofd- en bijberoep) ingeschakeld in het onderhoud van de Aarschotse trage wegen.
Zowel de verenigingen als de landbouwers die zich hiervoor engageren, zullen van de stad een subsidie ontvangen.
Met deze verenigingen en de landbouwers zal een overeenkomst ('engagementsverklaring') worden afgesloten. Deze overeenkomst kan door elke partij te allen tijde opgezegd worden met inachtneming van een opzegtermijn van 3 maanden.
Artikel 2. Omschrijving van de opdracht
Het onderhoud van de trage wegen dient op een duurzame manier te gebeuren zonder gebruik te maken van herbiciden.
Onder ‘onderhoud’ moet worden verstaan wat volgt:
Het maaien kan op twee manieren:
Verenigingen worden geacht zelf materieel te voorzien voor het maaien van het gras (grasmachine, bosmaaier, zeis, …) alsook het onderhoud van machines op zich te nemen.
Aan de verenigingen wordt ook gevraagd het gebruik van de trage wegen te promoten bij hun leden en de buurt. Principe: ‘wees een ambassadeur van de trage wegen’
Vermits de overeenkomst een resultaatsverbintenis betreft, geldt het algemeen netheidsbeeld als belangrijkste criterium.
Artikel 3. Tijdstip van de uitvoering
De vereniging of de landbouwer gaat het engagement aan om, in functie van het groeiseizoen, de onderhoudsbeurten te organiseren. Het uitvoeren van het onderhoud op de trage wegen is niet noodzakelijk gebonden aan bepaalde dagen. Praktisch gezien kan er op elke dag gewerkt worden behalve zondag en wettelijke feestdagen.
De bepalingen van het algemeen politiereglement van de stad inzake geluidshinder moeten hierbij gerespecteerd worden.
“Het gebruik van grasmaaimachines, boomzagen, houtzagen en andere machines voor het gebruik buitenshuis, die door een explosiemotor of elektromotor worden aangedreven, is verboden op zondagen en wettelijke feestdagen. Op andere dagen is het gebruik ervan verboden tussen 22u en 7u.”
Artikel 4. Gedragscode
De vereniging en de landbouwer verbinden er zich toe om enkel medewerkers ouder dan 16 jaar te laten werken met gemotoriseerd materieel.
Alle medewerkers zijn verplicht de nodige persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s) te dragen tijdens de werken.
Artikel 5. Controle en evaluatie
Het stadsbestuur staat in voor het algemene toezicht en de coördinatie.
De dienst mobiliteit van de stad zal periodieke controles uitvoeren.
Tweemaandelijks dienen er foto’s gemaakt te worden van het pad. Deze foto’s dienen aangeleverd te worden in een template die wordt voorzien door de stad.
Na het onderhoud verwittigt de vereniging de dienst mobiliteit zodat er een controle kan plaatsvinden.
Het niet naleven van de voorwaarden zal leiden tot een waarschuwing. Indien er herhaaldelijk problemen opduiken, kan de overeenkomst eenzijdig opgezegd worden.
Artikel 6. Engagementsverklaring en verzekering
De vereniging en de landbouwers die instaan voor het onderhoud van de trage wegen onderschrijft jaarlijks een engagementsverklaring, waarvan model in bijlage. Elke vereniging duidt twee verantwoordelijken aan. Elke wijziging binnen het bestuur of leiding dient zo snel mogelijk doorgegeven te worden.
De stad sluit zelf een polis burgerlijke aansprakelijkheid en lichamelijke ongevallen af voor de personen die de trage wegen onderhouden. De stad is dan de verzekeringsnemer en de verzekerden zijn de personen die de trage wegen onderhouden.
Artikel 7. Subsidiebedrag
Het subsidiebedrag wordt als volgt berekend:
| Type trage weg |
Omschrijving |
Basisbedrag |
Moeilijkheidsfactor |
Bedrag per lopende meter |
| Trage weg A |
Pad van 1,65m breedte met weinig begroeiing (bv. bospad) |
1 euro |
1 |
1 euro |
| Trage weg B |
Pad van 1,65m breedte met begroeiing |
1 euro |
1,5 |
1,50 euro |
| Trage weg C |
Pad van 1,65m breedte met begroeiing maar moeilijk bereikbaar |
1 euro |
2 |
2 euro |
| Trage weg D |
Weg van 3,30m breedte met begroeiing |
2 euro |
1 |
2 euro |
| Trage weg E |
Weg breder dan 6m met begroeiing |
3 euro |
1 |
3 euro |
Type A is een pad van 1,65m breed met voornamelijk een aarden ondergrond met minimale begroeiing zoals opschietende boompjes of enkele bramen. Indien het pad voor meer dan 50% begroeid is bij aanvang van de overeenkomst valt dit onder type B.
Type B is een pad van 1,65m breed met meer dan 50% begroeiing zoals gras, kruidachtigen, bramen, opschietende boompjes,..
Type C is een pad van 1,65m breed met meer dan 50% begroeiing dat niet bereikbaar is met een gemotoriseerd voertuig, bijvoorbeeld een lang pad op een heuvel.
Type D is een weg tussen 1,65m tot 6m breedte met meer dan 50% begroeiing zoals gras, kruidachtigen, bramen, opschietende boompjes,…
Type E is een weg breder dan 6m met meer dan 50% begroeiing zoals gras, kruidachtigen, bramen, opschietende boompjes,…
Artikel 8. Tijdstip van uitbetaling subsidiebedrag en sancties
Indien uit de controles blijkt dat het onderhoud niet beantwoordt aan de voorwaarden bepaald in dit reglement, zal de dienst mobiliteit de vereniging/ landbouwer een mail/brief sturen met de vraag het onderhoud binnen een termijn van 2 weken in orde te brengen.
Indien het onderhoud na deze termijn nog niet in orde is, zal de dienst mobiliteit opdracht geven aan derden om dit onderhoud uit te voeren. De werkelijke kosten die dit onderhoud met zich meebrengt, zullen in mindering gebracht worden van de nog te ontvangen subsidie of in voorkomend geval zal de reeds ontvangen subsidie volledig of deels teruggevorderd worden.
Bij herhaaldelijk niet naleven van de voorwaarden (zoals herhaaldelijk gebrekkig onderhoud, gebruik van herbiciden of andere chemische middelen, …) zal de overeenkomst automatisch beëindigd worden.
Artikel 9. Inwerkingtreding
Het huidige reglement gaat in voege vanaf 1 januari 2026 tot 1 januari 2027.
Het aanvullend snelheidsreglement over het invoeren van een vaste zone 30 in de Albertlaan, Begijnhof en Statiestraat, wordt goedgekeurd
Het college van burgemeester en schepenen besliste in vergadering van 05.06.2026 om een vaste zone 30 in te richten in de straten Begijnhof, Albertlaan en Statiestraat.
De aanpassing van het snelheidsreglement is opgenomen in artikel 4.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld onderhavig reglement goed te keuren.
De gemeenteraad keurt onderhavig snelheidsreglement goed:
Artikel 1
Op de gewestwegen en gemeentewegen van de gebiedsomschrijving Aarschot wordt een snelheidsbeperking ingesteld overeenkomstig de volgende artikelen.
Artikel 2
Volgende gedeelten van het grondgebied Aarschot maken deel uit van een zone waarin de snelheid beperkt is tot 50 km per uur. Deze zone wordt afgebakend door de verkeerstekens ZC43 en ZC43/ met opschrift “50” met zonale geldigheid.
Omgeving Gelrode + industrie
Omgeving Gelrode
Omgeving Dubbeekstraat en Rillaar
Omgeving Rillaar (tussen Schoonderbeukenweg en Tieltseweg)
Omgeving Rillaar (tussen Schoonderbeukenweg en N10-Diestsesteenweg
Omgeving Rillaar (tussen N10-Diestsesteenweg en Langestraat)
Omgeving Ourodenberg
Omgeving Rillaar – Langdorp – Wolfsdonk
Artikel 3
De in dit artikel vermelde bebouwde kommen ‘Aarschot en ‘Rillaar’ worden bij begin en einde afgebakend wordt afgebakend door de verkeerstekens F1a en F3a op volgende plaatsen.
Een bebouwde kom in het centrum van Aarschot wordt afgebakend langs:
Een bebouwde kom in het centrum van Aarschot Rillaar wordt afgebakend langs:
Artikel 4
Een zone waarin de snelheid beperkt wordt tot 30 km per uur, waarvan het begin en het einde aangeduid wordt met de verkeerstekens F4a en F4b met zonale geldigheid wordt ingesteld in schoolomgevingen ter hoogte van de volgende straten:
Artikel 5
Een zone waar de snelheid beperkt wordt tot 30 km per uur, waarvan het begin en het einde aangeduid wordt door middel van dynamische verkeersborden F4a en F4b (telkens met opschrift 30), wordt ingesteld ter hoogte van de volgende schoolomgevingen.
De zonale snelheidsbeperking wordt afgesteld op de begin- en einduren van de scholen.
Schoolomgeving Sint-Pieter en huis Verdonck
De Dynamische snelheidsbeperkingen gelden slechts bij het zichtbaar oplichten van de verkeersborden waarvan de uren beperkt worden tot de schooldagen van:
Ma, Di, Do en Vr van 08.00 uur tot 9.15 uur, 11.30 uur tot 13.10 uur en van 14.45 uur tot 16 uur
Wo van 08 uur tot 9.15 uur en van 11.30 uur tot 13.10 uur
Schoolomgeving Sint-Jozefscollege (centrum)
De Dynamische snelheidsbeperkingen gelden slechts bij het zichtbaar oplichten van de verkeersborden waarvan de uren beperkt worden tot de schooldagen van:
Ma, Di, Do en Vr van 08.00 uur tot 9.15 uur, 11.30 uur tot 13.10 uur en van 14.45 uur tot 16 uur
Wo van 08 uur tot 9.15 uur en van 11.30 uur tot 13.10 uur
Schoolomgeving Site A
De Dynamische snelheidsbeperkingen gelden slechts bij het zichtbaar oplichten van de verkeersborden waarvan de uren beperkt worden tot de schooldagen van:
Ma, Di, Do en Vr van 08.00 uur tot 9.15 uur, 11.30 uur tot 13.10 uur en van 14.45 uur tot 16 uur
Wo van 08 uur tot 9.15 uur en van 11.30 uur tot 13.10 uur
Schoolomgevingen langs gewestwegen
De Dynamische snelheidsbeperkingen gelden slechts bij het zichtbaar oplichten van de verkeersborden waarvan de uren beperkt worden tot de schooldagen van:
Ma, Di, Do en Vrij van 8 uur tot 9.15 uur en van 15.15 uur van 16.45 uur
Wo van 8 uur tot 9.15 uur en van 11.30 uur tot 13.10 uur
Artikel 6
Op volgende gedeelten van het grondgebied Aarschot worden zones met een snelheidsbeperking tot 30 km/u afgebakend, het begin en het einde van deze zones worden afgebakend door middel van de verkeerstekens F4a en F4b (met vermelding 30) met zonale draagwijdte
Aarschot-centrum
Tuinwijk in het centrum Aarschot
Wijk Homberg te Langdorp
Omgeving van Poortvelden
Wijk Roodhuisberg te Ourodenberg
Sint-Antoniusstraat (wijk Wolfsdonk)
Artikel 7
Op volgende gemeenteweg wordt een fietszone afgebakend waarbij de maximumsnelheid 30km/u bedraagt, het begin en het einde van deze zone worden afgebakend door middel van de verkeerstekens F111 en F113 met zonale draagwijdte.
Artikel 8
Op volgende gemeentewegen of gedeelten ervan wordt in beide rijrichtingen een snelheid van 30km/u ingesteld. Deze maatregel wordt afgebakend door de verkeerstekens C43 met vermelding 30 die na ieder kruispunt zullen herhaald worden.
Artikel 9
Op volgende gemeentewegen of gedeelten wordt een zone woonerf afgebakend waarbij de maximumsnelheid 20km/u bedraagt, het begin en het einde van deze zones worden afgebakend door middel van de verkeerstekens F12a en F12b met zonale draagwijdte
Wijk Ter Heide
Artikel 10
Op gedeelten van de Gewestwegen van de N223 en R25 wordt een snelheid ingesteld van 90 km/u in beide rijrichtingen. Voornoemde verkeersmaatregel wordt afgebakend door de verkeerstekens C43 (90) dat wordt ingeplant op de volgende kilometerpunten:
Artikel 11
Op volgende gewestwegen en gemeentewegen of gedeelten ervan wordt in beide rijrichtingen een snelheid van 50 km/u ingesteld. Voornoemde verkeersmaatregel wordt afgebakend door de verkeerstekens C43 (met vermelding 50):
Artikel 12
Dit reglement vervangt de voorgaande genomen besluiten en reglementen die betrekking hebben op eerdergenoemde straten of straatgedeelten inzake snelheidsregimes op gemeentewegen en gewestwegen.
Artikel 13
Dit aanvullend reglement wordt ter goedkeuring overgemaakt aan de afdeling Beleid, Departement Mobiliteit en Openbare Werken, Vlaamse Overheid, Marie-Elisabeth Belpairegebouw, Simon Bolivarlaan 17, 1000 Brussel.
De gemeenteraad geeft goedkeuring aan de ontwerpakte houdende schenking van het deel van het perceel kadastraal gekend als 24029A0384/00B000 met een oppervlakte van 3a42ca.
Gelet op de beslissing van de gemeenteraad van 14.11.2024 houdende wijziging van een gemeenteweg in het kader van de omgevingsvergunningsaanvraag gemeentelijke ref. OM/2024/00155 of ref. omgevingsloket OMV_2023153981;
De gemeenteraad keurde de aanleg van de nieuwe wegenis en de rooilijn zoals aangevraagd in de omgevingsvergunningsaanvraag met referentie OMV_2023153981, ingediend door de stad Aarschot op 6 mei 2024 voor de aanleg van een fietssnelweg, voorwaardelijk goed.
Hierbij werd o.a. volgende voorwaarde opgelegd.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld de bijgevoegde ontwerpakte goed te keuren.
Gelet op de beslissing van de gemeenteraad van 14.11.2024 houdende wijziging van een gemeenteweg in het kader van de omgevingsvergunningsaanvraag gemeentelijke ref. OM/2024/00155 of ref. omgevingsloket OMV_2023153981;
De gemeenteraad keurde de aanleg van de nieuwe wegenis en de rooilijn zoals aangevraagd in de omgevingsvergunningsaanvraag met referentie OMV_2023153981, ingediend door de stad Aarschot op 6 mei 2024 voor de aanleg van een fietssnelweg, voorwaardelijk goed.
Hierbij werd o.a. volgende voorwaarde opgelegd.
Gelet op de ontwerp van schenkingsakte opgemaakt door notariskantoor Boogaerts;
Artikel 1
De gemeenteraad geeft goedkeuring aan de ontwerpakte zoals opgemaakt door het notariskantoor Boogaerts, houdende schenking van het deel van het perceel kadastraal gekend als 24029A0384/00B000 met een oppervlakte van 3a42ca, in eigendom van de erfgenamen van dhr. Michel de Wouters d'Oplinter.
Artikel 2
Deze schenking gebeurt ten voordele van het algemeen belang en ter realisatie van het project van de fietssnelweg. De stad neemt de kosten die daarmee gepaard gaan voor haar rekening.
Artikel 3
Bij het verlijden van de notariële akte zal de stad Aarschot vertegenwoordigd worden door de algemeen directeur en de voorzitter van de gemeenteraad (of hun afgevaardigden).
Artikel 4
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de verdere dossiervorming.
Aan de gemeenteraad wordt een aanpassing voorgesteld van het aanvullend reglement inzake betalend parkeren en parkeren met beperkte parkeertijd (blauwe zone) op het grondgebied van Aarschot. De aanleiding is de werken op de Bekaflaan in functie van het rioleringsdossier Collector Bekaflaan. De werken zullen met veel hinder gepaard gaan voor de bewoners. Daarom wordt er voorgesteld een deel van parking Centrum in te richten als zone "Voorbehouden voor vergunningshouders". De bestaande, tijdelijke, Kiss and Ride-zone wordt bijgevolg opgeschoven richting het zwembad. De parking voor kampeerauto's wordt tijdelijk ingericht als parking voor schoolbussen.
Het reglement dient aangepast te worden voor het signaleren van een zone voor vergunningshouders op parking Demervallei tijdens de werken aan de Bekaflaan:
Aan de gemeenteraad wordt een aanpassing voorgesteld van het aanvullend reglement inzake betalend parkeren en parkeren met beperkte parkeertijd (blauwe zone) op het grondgebied van Aarschot. De aanleiding is de werken op de Bekaflaan in functie van het rioleringsdossier Collector Bekaflaan. De werken zullen met veel hinder gepaard gaan voor de bewoners. Daarom wordt er voorgesteld een deel van parking Centrum in te richten als zone "Voorbehouden voor vergunningshouders". De bestaande, tijdelijke, Kiss and Ride-zone wordt bijgevolg opgeschoven richting het zwembad. De parking voor kampeerauto's wordt tijdelijk ingericht als parking voor schoolbussen.
Het reglement dient aangepast te worden voor het signaleren van een zone voor vergunningshouders op parking Demervallei tijdens de werken aan de Bekaflaan:
Op 17 augustus starten de nuts- en rioleringswerken in functie van het dossier Collector Bekaflaan binnen de ring R25.
Eerst starten de nutsmaatschappijen met de aanleg van hun kabels, vervolgens wordt de riolering aangelegd, gevolgd door de aanleg van de bovenbouw.
Deze werkzaamheden zullen aanzienlijke hinder met zich meebrengen, waardoor het voor vele bewoners op bepaalde momenten onmogelijk zal zijn om hun woning met de wagen te bereiken.
In functie daarvan wordt een gedeelte van parking Demervallei voorbehouden voor deze bewoners, zoals aangeduid op bijgevoegde foto.
Het College van Burgemeester en Schepenen zal de nodige vergunningen toekennen op basis van de domiciliegegevens en de inschrijving van het voertuig.
Met parkeerbedrijf Moovia worden de nodige afspraken gemaakt om de controles ter plaatse uit te voeren.
Artikel 1
Huidig reglement wijzigt het aanvullend reglement inzake betalend parkeren en parkeren met beperkte parkeertijd (Blauwe Zone) op het grondgebied van Aarschot, goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 20.06.2024.
De regeling m.b.t. het invoeren van de blauwe zone op de gewestwegen, zoals goedgekeurd door de secretaris-generaal van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken van 23.08.2017, blijft gehandhaafd.
Artikel 2
In Aarschot-centrum wordt in de zone begrensd door de volgende plaatsbepalingen het parkeren toegelaten voor een maximumduur van drie uren (Blauwe Zone):
Artikel 3
De in artikel 2 vermelde zone wordt afgebakend door middel van de verkeersborden E9a met zonale geldigheid voorzien van het symbool van de parkeerschijf, opschrift "uitgezonderd bewoners" en onderbord ”max. 3 uur”.
Artikel 4
In de omgeving van de NMBS-parking gelegen langsheen het Statieplein tussen de Demerstraat en de Statiestraat en in de Nieuwlandlaan in de omgeving van de in- en uitrit van de NMBS-parking worden er in de zones begrensd door de volgende plaatsbepalingen het parkeren toegelaten voor een maximumduur van vier uren (Blauwe Zone):
Artikel 5
De in artikel 4 omschreven zones worden afgebakend door middel van de verkeersborden E9a met zonale geldigheid voorzien van het symbool van de parkeerschijf en onderbord “max. 4u”.
Artikel 6
Op de Demervallei Parking Centrum wordt in de zone aangeduid op het plan in bijlage, het parkeren toegelaten voor een maximumduur van drie uren (Blauwe Zone). Deze zone situeert zich voor wat betreft het eerste deel op de parkeerplaatsen tegenover het gebouw Demervallei 6 langs de rijbaan dewelke enkel bestemd is voor bestuurders van voertuigen van De Lijn (busbaan) en voor wat betreft het tweede deel op de 6 rijen parkeerplaatsen aan de andere zijde van de busbaan.
Artikel 7
De in artikel 6 omschreven zone wordt afgebakend door middel van de verkeersborden E9a met zonale geldigheid voorzien van het symbool van de parkeerschijf en onderbord “max. 3 uur”.
Artikel 8
In Rillaar-centrum wordt op de Diestsesteenweg N10 voor wat betreft het gedeelte begrepen tussen de aansluiting met de Blankestraat en Kapelleke, het parkeren toegelaten voor een maximumduur van drie uren (Blauwe Zone).
Artikel 9
De in artikel 8 omschreven zone wordt afgebakend door middel van de verkeersborden E9a met zonale geldigheid voorzien van het symbool van de parkeerschijf en onderbord “max. 3 uur”
Artikel 10
In Rillaar-centrum wordt in de Blankestraat het parkeren toegelaten voor een maximumduur van drie uren (Blauwe Zone).
Artikel 11
De in artikel 10 omschreven zone wordt afgebakend door middel van de verkeersborden E9a met zonale geldigheid voorzien van het symbool van de parkeerschijf, opschrift "uitgezonderd bewoners" en onderbord “max. 3 uur”.
Artikel 12
In de zone begrensd door de volgende plaatsbepalingen wordt betalend parkeren ingevoerd:
Artikel 13
De in artikel 12 vermelde verkeersmaatregel wordt gesignaleerd door de verkeersborden E9a met zonale geldigheid voorzien van het opschrift “Betalend”.
Artikel 14
Op de Demervallei Parking Centrum wordt het parkinggedeelte bestemd voor kampeerauto's tijdelijk opgeheven gedurende de werken aan de Bekaflaan.
Artikel 15
De in artikel 14 vermelde verkeersmaatregel wordt aangeduid met een oranje informatiebord.
Artikel 16
Op de Grote Markt ter hoogte van huisnummers 13 en 14 is het parkeren op drie parkeerplaatsen enkel toegelaten voor een maximumduur van 30 minuten.
Artikel 17
De 13 parkeerplaatsen vooraan het station ter hoogte van de dienst VELO zijn parkeerplaatsen voor kort parkeren. Op deze parkeerplaatsen mag men max. 30 minuten parkeren.
Artikel 18
De 6 parkeerplaatsen in het straatgedeelte Ebdries met huisnummers 43-55, ter hoogte van de aansluiting met Schoondereukenweg, zijn parkeerplaatsen voor kort parkeren. Op deze parkeerplaatsen mag men max. 30 minuten parkeren.
Artikel 19
In de Martelarenstraat ter hoogte van huisnummers 52/54 en 56 is het parkeren op twee parkeerplaatsen enkel toegelaten voor een maximumduur van 30 minuten.
Artikel 20
Op de Kapitein Gilsonplein ter hoogte van huisnummer 31 is het parkeren op één parkeerplaats enkel toegelaten voor een maximumduur van 30 minuten.
Artikel 21
De in artikel 16, 17, 18, 19 en 20 vermelde verkeersmaatregel wordt gesignaleerd door de verkeersborden E9a met het symbool van de parkeerschijf en voorzien van een onderbord met opschrift “30 min”.
Artikel 22
De modaliteiten met betrekking tot het betalend parkeren worden duidelijk op de parkeerautomaten aangebracht.
Artikel 23
Op de Nieuwlandlaan voor wat betreft het gedeelte begrepen tussen de Demerstraat en de Westelijke Ring R25, dit met uitzondering van de doodlopende straatgedeelten, geldt er stilstaan- en parkeerverbod.
Artikel 24
Het in artikel 21 vermelde stilstaan- en parkeerverbod wordt gesignaleerd door middel van het teken E3 voorzien van de onderborden type Xa, type Xb of type Xd.
Artikel 25
Op parking Demervallei wordt een zone afgebakend die, zoals aangeduid op de bij dit besluit gevoegde kaart, wordt voorbehouden voor vergunningshouders
Artikel 26
De in artikel 25 vermelde verkeersmaatregel wordt gesignaleerd door het teken E1 met het onderbord 'voorbehouden vergunningshouders'
Artikel 27
Dit aanvullend reglement vervangt de voorgaande genomen besluiten en reglementen die betrekking hebben op eerder genoemde straten en straatgedeelten.
Artikel 28
Onderhavig reglement wordt ter kennisgeving overgemaakt aan de afdeling Beleid Mobiliteit en Verkeersveiligheid, Vlaams Huis voor de Verkeersveiligheid.
Aan de gemeenteraad wordt een aanpassing voorgesteld van het algemeen reglement op de gemeentelijke parkeerkaarten en de retributies met betrekking tot het parkeren op de openbare weg. De aanleiding is de werken op de Bekaflaan in functie van het rioleringsdossier Collector Bekaflaan. De werken zullen met veel hinder gepaard gaan voor de bewoners. Daarom wordt er voorgesteld een deel van parking Centrum in te richten als zone "Voorbehouden voor vergunningshouders". De bestaande, tijdelijke, Kiss and Ride-zone wordt bijgevolg opgeschoven richting het zwembad. De parking voor kampeerauto's wordt tijdelijk ingericht als parking voor schoolbussen.
Dit impliceert dat sommige artikels moeten geschrapt worden, en dat er enkele bijkomende bepalingen in het reglement worden opgenomen.
Aan de gemeenteraad wordt een aanpassing voorgesteld van het algemeen reglement op de gemeentelijke parkeerkaarten en de retributies met betrekking tot het parkeren op de openbare weg. De aanleiding is de werken op de Bekaflaan in functie van het rioleringsdossier Collector Bekaflaan. De werken zullen met veel hinder gepaard gaan voor de bewoners. Daarom wordt er voorgesteld een deel van parking Centrum in te richten als zone "Voorbehouden voor vergunningshouders". De bestaande, tijdelijke, Kiss and Ride-zone wordt bijgevolg opgeschoven richting het zwembad. De parking voor kampeerauto's wordt tijdelijk ingericht als parking voor schoolbussen.
Dit impliceert dat sommige artikels moeten geschrapt worden, en dat er enkele bijkomende bepalingen in het reglement worden opgenomen.
Specifiek worden de volgende artikels gewijzigd: Art. 11 tot Art. 17 worden tijdelijk opgeheven. Art. 29, Art. 31§6, Art. 34, Art. 38.
Op 17 augustus starten de nuts- en rioleringswerken in functie van het dossier Collector Bekaflaan binnen de ring R25.
Eerst starten de nutsmaatschappijen met de aanleg van hun kabels, vervolgens wordt de riolering aangelegd, gevolgd door de aanleg van de bovenbouw.
Deze werkzaamheden zullen aanzienlijke hinder met zich meebrengen, waardoor het voor vele bewoners op bepaalde momenten onmogelijk zal zijn om hun woning met de wagen te bereiken.
In functie daarvan wordt een gedeelte van parking Demervallei voorbehouden voor deze bewoners. Deze bewoners zullen op aanvraag kunnen beschikken over een gemeentelijke parkeerkaart die hen de toestemming geeft om in de daarvoor voorziene zone te parkeren.
Het College van Burgemeester en Schepenen zal de nodige vergunningen toekennen op basis van de domiciliegegevens en de inschrijving van het voertuig.
Bijkomend wordt de parking voor kampeerauto's tijdelijk ingericht als parkeerplaats voor schoolbussen.
Met parkeerbedrijf Moovia worden de nodige afspraken gemaakt om de controles ter plaatse uit te voeren.
DEEL 1: RETRIBUTIES MET BETREKKING TOT HET PARKEREN OP DE OPENBARE WEG
Hoofdstuk 1: Toepassingsgebied en vaststellingsmodaliteiten
Artikel 1
Dit reglement beoogt het parkeren van een motorvoertuig op plaatsen waar dat parkeren met beperkte parkeertijd, betalend parkeren en parkeren op plaatsen voorbehouden aan houders van een gemeentelijke parkeerkaart toegelaten is volgens het koninklijk besluit van 1 december 1975 betreffende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer (hierna verkort geciteerd als Wegverkeersreglement).
Onder openbare weg verstaat men de wegen en hun trottoirs of nabijgelegen bermen die eigendom zijn van de gemeentelijke, provinciale of gewestelijke overheden.
Onder met een openbare weg gelijkgestelde plaatsen verstaat men de parkeerplaatsen gelegen op de openbare weg, zoals vermeld in artikel 4, § 2, van de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening van ambulante activiteiten en de organisatie van openbare markten.
Artikel 2
Er wordt ten voordele van de stad een retributie gevestigd:
Artikel 3
De retributie is verschuldigd door:
Hoofdstuk 2: Betalend parkeren
Artikel 4
Er wordt een retributie ingevoerd voor het parkeren op parkeerplaatsen waar het betalend parkeren van toepassing is overeenkomstig artikel 27.3 van het KB van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
De retributie wordt als volgt vastgesteld:
In afwijking van Tarief 1 en Tarief 2 kan de bestuurder een parkeerticket uit de automaat verkrijgen, dat toelaat om 15 minuten gratis te parkeren, zonder dat hiervoor tarief 1 of 2 moet betaald worden. De bestuurder mag dit systeem niet ononderbroken gebruiken voor eenzelfde parkeerplaats. Wanneer er betaald wordt op een van de wijzen zoals bepaald in artikel 5 zijn de eerste 15 minuten eveneens gratis en wordt Tarief 2 bijgevolg pas aangerekend vanaf de 16de minuut.
Artikel 5
De retributie van tarief 2 (artikel 4, 2.) wordt voorafgaand betaald op een van volgende manieren:
a) door het inbrengen in de parkeerautomaat van de daartoe geschikte in België gangbare muntstukken op de wijze zoals weergegeven op de parkeerautomaat;
b) door betaling via sms op de wijze aangeduid op de parkeerautomaten;
c) door betaling via een smartphone-applicatie, op de wijze weergegeven op de parkeerautomaten.
d) op een andere wijze weergegeven op de parkeerautomaten.
Artikel 6
Wanneer een parkeerticket wordt afgeleverd door de parkeerautomaat (tarief 2) moet dit zichtbaar achter de voorruit van het voertuig worden aangebracht of, als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig. Wanneer er geen geldig parkeerbewijs zichtbaar achter de voorruit of, indien er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig aangetroffen wordt, of wanneer de parkeerduur vermeld op het parkeerticket verstreken is, of wanneer – bij afwezigheid van een ticket – geen aanmelding wordt gedetecteerd via sms-parkeren of via de voorzien smartphone-applicatie of een andere op de parkeerautomaat vermelde betaalwijze, wordt geacht dat er wordt gekozen voor tarief 1.
Artikel 7
"De retributie voor het betalen parkeren is verschuldigd op alle dagen en dit van 9u tot 18u, uitgezonderd zondagen, wettelijke feestdagen en 11 juli en uitgezonderd tijdens volgende uren:
Artikel 8
Zijn vrijgesteld van de retributie bepaald in artikel 4:
Artikel 9
De retributieplichtige blijft de retributie verschuldigd wanneer hij, niettegenstaande de verschuldigde retributie betaald werd, voortijdig bij politiebevel tot het ontruimen van de parkeerplaats wordt verplicht.
Artikel 10
De gebruiker kan geen verhaal uitoefenen tegen het stadsbestuur of tegen de concessiehouder ingeval van slechte werking van een parkeerautomaat. In geval van defect dient de retributie voldaan te worden aan de dichtst bijzijnde parkeerautomaat. Indien ook deze defect is, dient de parkeerschijf op een zichtbare wijze achter de voorruit van het voertuig te worden aangebracht.
Hoofdstuk 3: Betalend parkeren op de Demervallei – Parking Centrum op het parkinggedeelte voor kampeerauto’s
Artikel 11 - WORDT OPGEHEVEN
Er wordt een retributie ingevoerd voor het parkeren op parkeerplaatsen waar het betalend parkeren van toepassing is overeenkomstig artikel 27.3 van het KB van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg. De retributie wordt als volgt vastgesteld: Tarief 1: 25 euro voor een periode van 4 uur Tarief 2: 7 euro per 24 uur, met gebruik van alle nutsvoorzieningen Tarief 3: 4 euro per 24 uur, zonder gebruik van nutsvoorzieningen
Dit artikel gaat in voege van zodra de signalisatie op het terrein is aangebracht.
Artikel 12 - WORDT OPGEHEVEN
De retributie van tarief 2 (artikel 11. 2) wordt voorafgaand betaald op een van volgende manieren:
a) door het inbrengen in de parkeerautomaat van de daartoe geschikte in België gangbare muntstukken op de wijze zoals weergegeven op de parkeerautomaat;
b) door betaling via sms op de wijze aangeduid op de parkeerautomaten;
c) door betaling via een smartphone-applicatie, op de wijze weergegeven op de parkeerautomaten.
d) op een andere wijze weergegeven op de parkeerautomaten.
Artikel 13 - WORDT OPGEHEVEN
Wanneer een parkeerticket wordt afgeleverd door de parkeerautomaat (tarief 2) moet dit zichtbaar achter de voorruit van het voertuig worden aangebracht of, als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig.
Wanneer er geen geldig parkeerbewijs zichtbaar achter de voorruit of, indien er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig aangetroffen wordt, of wanneer de parkeerduur vermeld op het parkeerticket verstreken is, of wanneer – bij afwezigheid van een ticket – geen aanmelding wordt gedetecteerd via sms-parkeren of via de voorzien smartphone-applicatie of een andere op de parkeerautomaat vermelde betaalwijze, wordt geacht dat er wordt gekozen voor tarief 1.
Artikel 14 - WORDT OPGEHEVEN
De retributie is verschuldigd op alle dagen.
Artikel 15 - WORDT OPGEHEVEN
Zijn vrijgesteld van de retributie bepaald in artikel 11:
Artikel 16 - WORDT OPGEHEVEN
De retributieplichtige blijft de retributie verschuldigd wanneer hij, niettegenstaande de verschuldigde retributie betaald werd, voortijdig bij politiebevel tot het ontruimen van de parkeerplaats wordt verplicht.
Artikel 17 - WORDT OPGEHEVEN
De gebruiker kan geen verhaal uitoefenen tegen het stadsbestuur of tegen de concessiehouder ingeval van slechte werking van een parkeerautomaat. In geval van defect dient de retributie voldaan te worden aan de dichtst bijzijnde parkeerautomaat. Indien ook deze defect is, dient de parkeerschijf op een zichtbare wijze achter de voorruit van het voertuig te worden aangebracht.
Hoofdstuk 4: Parkeren in 'blauwe zone'
Artikel 18
De retributie wordt als volgt vastgesteld:
1. gratis voor de maximale duur die toegelaten is voor het parkeren:
2. 25 euro voor een periode van 4 uur van zodra de maximale parkeerduur zoals bepaald in artikel 18.1 wordt overschreden.
Artikel 19
De toegelaten parkeerduur wordt vastgesteld door het zichtbaar aanbrengen achter de voorruit van het voertuig van de parkeerschijf, overeenkomstig artikel 27.1.1 van het Wegverkeersreglement.
Artikel 20
Zijn vrijgesteld van de retributie bepaald in artikel 18:
Hoofdstuk 5: Parkeren op parkeerplaatsen waar het parkeren enkel toegelaten wordt voor een maximumduur van 30 minuten
Artikel 21
De retributie wordt als volgt vastgesteld:
Artikel 22
Wanneer de maximale parkeertijd van 30 minuten verstreken is, wordt de houder van de nummerplaat geacht te kiezen voor tarief 2 (25 euro voor 4 uur parkeren). Deze keuze blijkt uit het feit dat de bestuurder het voertuig langer dan 30 minuten niet verplaatst heeft. De uitnodiging tot het betalen van de retributiebon wordt gericht aan de houder van de nummerplaat van het betrokken motorvoertuig. Dit artikel gaat in voege van zodra de signalisatie op het terrein is aangebracht.
Artikel 23
Zijn vrijgesteld van de retributie bepaald in artikel 21:
Hoofdstuk 6: Parkeren op plaatsen voorbehouden aan houders van een gemeentelijke parkeerkaart
Artikel 24
Er wordt een retributie ingevoerd voor het parkeren op plaatsen voorbehouden aan houders van een gemeentelijke parkeerkaart. Het tarief van de retributie wordt vastgesteld op 25 euro voor een periode van 4 uur voor alle personen die parkeren op een parkeerplaats voorbehouden voor houders van een gemeentelijke parkeerkaart doch niet beschikken over een gemeentelijke parkeerkaart die geldig is in de zone waarin de voorbehouden plaats zich bevindt.
Hoofdstuk 7: Betalingsmodaliteiten
Artikel 25
De retributies bedoeld in artikel 4, 1., artikel 11, 1., artikel 18,2., artikel 21,2. en artikel 24 dienen volgens de richtlijnen van de betalingsuitnodiging, te worden overgeschreven binnen de acht dagen vanaf de verzendingsdatum van deze uitnodiging. Aanmaningen en invorderingen met betrekking tot onbetaald gebleven retributies gebeuren overeenkomstig de wijze en de tarieven zoals hierna bepaald. De retributie die niet betaald wordt volgens de richtlijnen vermeld op de retributieheffing (afgeleverd door de parkeerwachter op de wagen of toegestuurd per post ) volgt de minnelijke aanmaningsprocedure (hetzij B2B, hetzij B2C), met administratieve kosten ten laste van de wanbetaler:
- 20,00 euro als het verschuldigde saldo lager dan of gelijk is aan 150,00 euro
- 30,00 euro vermeerderd met 10 % van het verschuldigde bedrag op de schijf tussen 150,01 euro en 500,00 euro als het verschuldigde saldo tussen 150,01 euro en 500,00 euro is
- 65,00 euro vermeerderd met 5 % van het verschuldigde bedrag op de schijf boven 500,00 euro met een maximum van 2000,00 euro als het verschuldigde saldo hoger is dan 500,00 euro
De gevorderde verwijlintresten worden gerekend vanaf de ingebrekestelling op de nog te betalen som tegen de referentie-intrestvoet vermeerderd met acht procentpunten bedoeld in art 5, lid 2 van de Wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betaalachterstand bij handelstransacties. (zie ook : Art XIX.4, 1° W.E.R.)
DEEL 2: GEMEENTELIJKE PARKEERKAARTEN
Hoofdstuk 1: Digitale gemeentelijke parkeerkaarten
Artikel 26
De gemeentelijke parkeerkaarten voor bewoners, zorgverstrekkers en personen die in Aarschot werken wordt vervangen door een elektronisch toezichtsysteem op basis van het kenteken van het voertuig zoals bepaald in art 1 van het MB van 9 januari 2007 betreffende de gemeentelijke parkeerkaart en in art 27 quater van het KB van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
Artikel 27
Er worden digitale gemeentelijke parkeerkaarten ingevoerd voor bewoners, zorgverstrekkers en personen die in Aarschot werken.
Artikel 28
De digitale gemeentelijke parkeerkaarten worden online aangevraagd op de website zoals bepaald door het college van burgemeester en schepenen of in het stadhuis op de uren die nog verder zullen bepaald worden door het college van burgemeester en schepenen en worden afgeleverd door het stadsbestuur volgens de bepalingen van het ministerieel besluit van 9 januari 2007. De digitale gemeentelijke parkeerkaarten kunnen enkel gebruikt worden in de zones waarvoor deze wordt uitgereikt, welke ook vermeld worden op deze kaarten.
Hoofdstuk 2: Afbakening van de zones
Artikel 29
De zones van toepassing op de gemeentelijke parkeerkaarten worden als volgt afgebakend:
- zone GP2 en zone GP3 zoals bepaald in dit artikel;
- zone GP4: de blauwe zone in Rillaar-centrum;
- de blauwe zone op de Demervallei Parking Centrum;
- Zone GP5: de blauwe zone op het industrieterrein (Nieuwlandlaan tussen de aansluiting met de Demerstraat en de aansluiting met de Westelijke Ring R25).
Hoofdstuk 3: Categorieën en voorwaarden van uitreiking
Artikel 30: Gemeentelijke parkeerkaart voor zorgverstrekkers
§ 1
De gemeentelijke parkeerkaart wordt uitgereikt aan zorgverstrekkers.
Onder zorgverstrekkers wordt verstaan zij die voor (dringende) medische en zorgverstrekkende hulp van personen aan huis moeten kunnen instaan. Onder hen worden gerekend de huisartsen, de thuisverpleegkundigen (organisatie), de kinesisten en de persoonsverzorgers. De parkeerkaart kan niet gebruikt worden voor poetshulp, het doen van boodschappen en het uitvoeren van klusjes in huis of huishoudelijke hulp.
De gemeentelijke parkeerkaart geeft recht op het parkeren van voertuigen. Op de parkeerkaart kan maximum 1 nummerplaat worden vermeld. De gemeentelijke parkeerkaart mag enkel gebruikt worden voor een voertuig waarvan de nummerplaat op de kaart vermeld is.
Er kan slechts één gemeentelijke parkeerkaart voor zorgverstrekkers worden verkregen per zorgverstrekker.
§ 2
De voorwaarden voor het verkrijgen van de gemeentelijke parkeerkaart voor zorgverstrekkers zijn:
§ 3
De gemeentelijke parkeerkaart voor zorgverstrekkers mag gebruikt worden in alle zones vermeld in artikel 29 doch geeft slechts recht op een ½ uur gratis parkeren. Teneinde de begintijd van het parkeren te kunnen vaststellen voor zorgverstrekkers die gebruik wenst te maken van hun gemeentelijke parkeerkaart voor zorgverstrekkers moet door hen ook steeds de parkeerschijf geplaatst worden, en dit zowel in de blauwe zone als in de zone waar betalend parkeren van toepassing is.
Artikel 31: Gemeentelijke parkeerkaart voor bewoners
§ 1
De gemeentelijke parkeerkaart wordt uitgereikt aan inwoners van de Stad Aarschot die gedomicilieerd zijn op een adres gelegen in een van de zones zoals omschreven in artikel 29.
§ 2
De gemeentelijke parkeerkaart geeft recht op het parkeren van voertuigen. Op de parkeerkaart kan maximaal 1 nummerplaat worden vermeld. De gemeentelijke parkeerkaart mag enkel gebruikt worden voor een voertuig waarvan de nummerplaat op de kaart vermeld is.
§ 3
Er kunnen slechts twee gemeentelijke parkeerkaarten voor bewoners per gezin worden verkregen. Onder gezin wordt verstaan alle personen die gedomicilieerd zijn op één adres.
§ 4
De voorwaarden voor het verkrijgen van de gemeentelijke parkeerkaart voor bewoners zijn:
§ 5
De gemeentelijke parkeerkaart voor bewoners mag enkel gebruikt worden in de volgende zones:
Deze zones waarin de gemeentelijke parkeerkaarten mogen gebruikt worden, worden tevens vermeld op de gemeentelijke parkeerkaart.
§ 6 Specifieke bepalingen voor zone GP6
Elk individueel adres geeft het recht op 1 bewonerskaart, gekoppeld aan 1 nummerplaat.
- alle adressen van de Bekaflaan, gelegen in het gedeelte tussen de August Reyerslaan en de Gasthuisstraat/Bogaardenstraat;
- alle adressen van de Bogaardenlaan.
Artikel 32: Gemeentelijke parkeerkaart voor personen die in Aarschot werken
§ 1
De gemeentelijke parkeerkaart voor personen die in Aarschot werken wordt uitgereikt aan natuurlijke personen die in Aarschot werken als zelfstandige of in dienstverband.
§ 2
De gemeentelijke parkeerkaart geeft recht op het parkeren van voertuigen. Op de parkeerkaart kan maximaal 1 nummerplaat worden vermeld. De gemeentelijke parkeerkaart mag enkel gebruikt worden voor een voertuig waarvan de nummerplaat op de kaart vermeld is.
§ 3
Er kan per persoon slechts één gemeentelijke parkeerkaart voor personen die in Aarschot werken worden verkregen.
§ 4
De voorwaarden voor het verkrijgen van de gemeentelijke parkeerkaart voor personen die in Aarschot werken zijn:
- ofwel een bewijs van de kruispuntbank van ondernemingen waaruit blijkt dat hij/zij een eenmanszaak uitbaat met zetel en/of vestigingseenheid opeen adres gelegen in een zone vermeld in artikel 19, welk bewijs eenuitprint kan zijn van de website van de KBO (http://kbopub.economie.fgov.be);
- ofwel een bewijs dat de aanvrager zaakvoerder of bestuurder is van een vennootschap met maatschappelijke zetel en/of vestigingseenheid op een adres gelegen in een zone vermeld in artikel 19, welk bewijs een uitprint kan zijn van de website van de KBO (http://kbopub.economie.fgov.be) samen met de kopie van de publicatie in het Belgisch staatsblad van de aanstelling van de aanvrager als zaakvoerder of bestuurder;
- ofwel een verklaring van de werkgever van de aanvrager waarin deze verklaart dat de aanvrager werkzaam is in een zone vermeld in artikel 19, welke werkgever zijn maatschappelijke zetel of een vestigingseenheid moet hebben op een adres in een zone vermeld in artikel 19, wat bewezen kan worden aan de hand van een uitprint van de website van de KBO (http://kbopub.economie.fgov.be);
§ 5
De gemeentelijke parkeerkaart voor personen die in Aarschot werken mag enkel gebruikt worden in GP1 en GP5. Deze zone wordt tevens vermeld op de gemeentelijke parkeerkaart.
Hoofdstuk 4: Tarieven en betalingswijze
Artikel 33: Gemeentelijke parkeerkaarten voor zorgverstrekkers
De uitreiking van een gemeentelijke parkeerkaart voor zorgverstrekkers is gratis.
Artikel 34: Gemeentelijke parkeerkaarten voor bewoners
De retributie voor de uitreiking van de eerste gemeentelijke parkeerkaart voor bewoners binnen een gezin wordt vastgesteld op 40 euro per jaar.
De retributie voor de uitreiking van de tweede gemeentelijke parkeerkaart voor bewoners binnen een gezin wordt vastgesteld op 80 euro per jaar.
De uitreiking van een gemeentelijke parkeerkaart voor bewoners die het recht geeft op parkeren in zone GP6, wordt gratis uitgereikt.
Artikel 35: Gemeentelijke parkeerkaart voor personen die werken in Aarschot
De retributie voor de uitreiking van een gemeentelijke parkeerkaart voor personen die in Aarschot werken wordt vastgesteld op 60 euro voor de kaarten met een geldigheidsduur van 3 maanden en op 200 euro voor de kaarten met een geldigheidsduur van 1 jaar.
Artikel 36
Indien een gemeentelijke parkeerkaart wordt geschrapt om welke reden dan ook voordat de geldigheidsduur van 1 jaar verstreken is, blijft de reeds betaalde retributie integraal verschuldigd aan de stad Aarschot.
Artikel 37
De retributies voor de gemeentelijke parkeerkaarten die door de aanvrager worden aangevraagd en afgeleverd in het stadhuis moeten onmiddellijk betaald worden. De retributies voor de gemeentelijke parkeerkaarten die online worden aangevraagd moeten betaald worden nadat de aanvrager hiervoor een uitnodiging tot betaling ontvangt. De gemeentelijke parkeerkaarten worden pas geactiveerd nadat de stad Aarschot de betaling van de retributie heeft ontvangen.
Hoofdstuk 5: Geldigheidstermijn
Artikel 38
De gemeentelijke parkeerkaarten voor bewoners en voor zorgverstrekkers zijn geldig voor een periode van 1 jaar.
De gemeentelijke parkeerkaarten voor personen die werken in Aarschot is naar keuze van de aanvrager geldig voor een periode van 3 maanden of van 1 jaar.
De gemeentelijke parkeerkaarten worden bij het verstrijken van de geldigheidsduur automatisch verlengd, tenzij de houder ervan de stad verzoekt deze niet te verlengen of tenzij deze geschrapt worden om een van de redenen vermeld in dit reglement.
De gemeentelijke parkeerkaart voor bewoners, die het recht geeft op parkeren in zone GP6, is geldig zolang de werken in functie van het rioleringsdossier Collector Bekaflaan niet afgerond zijn.
Hoofdstuk 6: Schrapping van de gemeentelijke parkeerkaart
Artikel 39
De digitale gemeentelijke parkeerkaart wordt geschrapt wanneer:
Indien het stadsbestuur vaststelt dat een van voormelde redenen tot schrapping zich voordoet wordt de gemeentelijke parkeerkaart ambtshalve geschrapt. De houder van de geschrapte kaart wordt binnen de 8 dagen in kennis gesteld van de schrapping.
De houder van de gemeentelijke parkeerkaart stelt het stadsbestuur binnen de 8 dagen nadat een van voormelde redenen tot schrapping zich voordoet hiervan schriftelijk in kennis.
Een gemeentelijke parkeerkaart kaart bekomen op valse verklaringen of gebruikt op frauduleuze wijze, zal onmiddellijk worden geschrapt. Deze kaart zal niet worden hernieuwd, noch vervangen.
DEEL 3: OPHEFFING VOORGAANDE REGLEMENTEN
Artikel 40
Huidig reglement vervangt alle voorgaande reglementen inzake de gemeentelijke parkeerkaarten en de retributies met betrekking tot het parkeren op de openbare weg.
De gemeenteraad keurt de rooilijnplannen zoals opgenomen in dit besluit goed.
Op 31.03.2026 diende INFRABEL gevestigd te Marcel Broothaersplein 2 te 1060 Brussel, een omgevingsvergunningsaanvraag bij de Vlaamse Overheid in met als onderwerp:
het aanleggen van een fietstunnel en fietssnelweg (inclusief IIOA en vegetatiewijziging) + zaak der wegen
Deze aanvraag heeft als referentie OMV_2025061132 en OM/2026/000112, is gelegen op Goorstraat en Goorveldweg en vindt plaats op de percelen met capakey
24652G0425/00G000, 24652G0604/00G000, 24652D0208/00B000, 24652G0601/00F000, 24652G0451/00L000, 24652G0442/00C000, 24652G0430/00S000, 24652G0443/00B000, 24652D0211/00B000, 24652D0207/00S000, 24652D0207/00G000, 24652G0451/00K000, 24652G0444/00F000, 24652G0453/00G000, 24652G0424/00H000, 24652G0426/00L000, 24652H0400/00E000, 24652G0430/00V000, 24652G0401/00K000, 24652G0425/00L000, 24652G0442/00D000, 24652H0400/00D000, 24652G0453/00H000, 24652G0444/00E000
Er werd een openbaar onderzoek gehouden van 10.04.2026 tot 09.05.2026 en hierbij werden geen bezwaarschriften ingediend.
In bijlage zijn de relevantste documenten en plannen m.b.t. de omgevingsvergunningsaanvraag opgenomen. Het volledige dossier kan geraadpleegd worden bij het Departement Omgeving van de stad.
Voorstel van besluit:
Enig artikel
De gemeenteraad keurt de rooilijnplannen in bijlage goed.
Gelet op
het aanleggen van een fietstunnel en fietssnelweg (inclusief IIOA en vegetatiewijziging) + zaak der wegen,
Overwegende dat
- de bijgevoegde rooilijnplannen met de vestiging van de bestaande en nieuwe rooilijnen langs de Goorstraat en Goorveldweg staan in het teken van de realisatie van een duurzame fietsverbinding;
- uit de concrete plannen voor de omgevingsvergunningsaanvraag blijkt dat er geen negatieve impact is op de verkeersveiligheid;
- de voorliggende wijzigingen aan het gemeentewegennet hebben geen gemeentegrensoverschrijdende impact.
Enig artikel
De gemeenteraad keurt de rooilijnplannen zoals opgenomen in dit besluit goed.
De stad wenst op de sporthal van de Laaksite PV-panelen te laten plaatsen door de energiecoöperatieve EcoOb en de opgewekte zonnestroom (1) te gebruik op de site zelve, alsook (2) deze energie ter beschikking te laten stellen voor externe afnamepunten.
De stad Aarschot heeft daarom reeds voor de Laaksite een stroomafnameovereenkomst aangegaan met EcoOb, de regionale energiecoöperatieve, die de stroomafname behandelt volgens raamcontract voor 20 jaar zonnestroom tegen vast geïndexeerd tarief (2%) (dienstig voor het eigen verbruik op de Laaksite, als voor externe afnamepunten).
Met onderhavig besluit wordt akkoord gegaan tot het vestigen van een opstalrecht op het dakdeel van de sporthal om door EcoOb de PV-installatie te laten plaatsen.
De energiecoöperatieve EcoOb zal instaan voor zowel de investering als het onderhoud van de PV-installatie op de Laaksite.
Dit agendapunt behandelt de overeenkomst recht van opstal.
De stad wenst op de sporthal van de Laaksite PV-panelen te laten plaatsen door de energiecoöperatieve EcoOb en de opgewekte zonnestroom (1) te gebruik op de site zelve, alsook (2) deze energie ter beschikking te laten stellen voor externe afnamepunten.
De stad Aarschot heeft daarom reeds voor de Laaksite een stroomafnameovereenkomst aangegaan met EcoOb, de regionale energiecoöperatieve, die de stroomafname behandelt volgens raamcontract voor 20 jaar zonnestroom tegen vast geïndexeerd tarief (2%) (dienstig voor het eigen verbruik op de Laaksite, als voor externe afnamepunten).
Met onderhavig besluit wordt akkoord gegaan tot het vestigen van een opstalrecht op het dakdeel van de sporthal om door EcoOb de PV-installatie te laten plaatsen.
De energiecoöperatieve EcoOb zal instaan voor zowel de investering als het onderhoud van de PV-installatie op de Laaksite.
Dit agendapunt behandelt de overeenkomst recht van opstal.
Gelet op:
Overwegende:
3.1 Registratie van de aanvraag
De Klant kan, op basis van de Raamovereenkomst, binnen elk perceel een aanvraag voor een Opdracht registreren. De Klant registreert de aanvraag voor de Opdracht via het online Energie-Efficiëntieportaal.
Het VEB kent aan elke Opdracht een uniek identificatienummer toe, dit is het Aanvraagnummer.
3.2 Gunnen en sluiten van de Opdracht
Het VEB neemt de gunningsbeslissing met betrekking tot de aanduiding van de Opdrachtnemer die de door de Klant geregistreerde Opdracht zal uitvoeren. Het VEB wijst de Opdracht aan een Opdrachtnemer toe op grond van het toewijzingsmechanisme beschreven in de Administratieve bepalingen van het Bestek.
De Opdracht wordt rechtstreeks tussen de Opdrachtnemer en de Klant gesloten (=Bestelling). Tussen de Klant en de Opdrachtnemer gelden de contractuele voorwaarden van toepassing op de Opdracht, zoals voorzien in zowel de Administratieve- als de Operationele en Technische bepalingen van het Bestek.
Het VEB is als aankoopcentrale geen partij bij de Opdracht. De Opdrachtnemer is aansprakelijk voor de uitvoering van de Opdracht.
De Klant is verantwoordelijk voor de opvolging van de uitvoering van de door hem bestelde Opdracht, m.i.v. het opleggen van sancties in geval van gebeurlijke tekortkomingen door de Opdrachtnemer. De Klant kan gebruik maken van het mechanisme van kwaliteitsbewaking, zoals verder beschreven in artikel 4.
- het VEB stelt aan de Opdrachtgever het online Energie-Efficiëntieportaal ter beschikking waarmee zowel met het VEB als met de Opdrachtnemer kan worden gecommuniceerd. Dit Portaal zal ook gebruikt worden indien de Opdrachtgever een situatie wenst te escaleren of eventueel een klacht over de uitvoering van de lopende Opdracht wenst kenbaar te maken;
- het VEB zal adequaat reageren op escalatie en klachten, en kan indien nodig sanctioneren zoals beschreven in §3 van de Operationele en technische bepalingen van het Bestek voor deze Opdracht;
- het VEB zal steekproefsgewijs inhoudelijk het werk van de Opdrachtnemer controleren;
Overwegende dat het om voormelde redenen opportuun was om in te tekenen op de raamovereenkomst “Stroomafname EE_2022_0_029”, als door het VEB toegewezen;
Overwegende de haalbaarheidsstudie als in bijlage, als in opdracht van het VEB door de opdrachtnemer, zijnde de dienstverlener waarmee het Vlaams EnergieBedrijf de raamovereenkomst gesloten heeft, d.i. de “Maatschap Coöperatieve zonnepanelen Vlaams-Brabant”, met zetel te Posthoflei 3 bus 3, 2600 Berchem, met ondernemingsnummer 0799.631.178, waarvoor optreden de vennoten van de maatschap, zijnde (1) Ecopower erkende cv (KBO 445.389.356), (2) Pajopower erkende cvso (KBO 561.746.992), (3) Klimaan cvso (KBO 0727.378.650) en (4) ECoOB cv (KBO 0696 887 689);
Overwegende dat de haalbaarheidsstudie de opbrengsten en kosten duidelijk weergeven;
Overwegende dat het College van Burgemeester en Schepenen de haalbaarheidsstudie 'Zonnepanelen via een stroomafnameovereenkomst' op datum van 23.01.2026 goedgekeurd heeft;
Overwegende dat navolgend door het College van Burgemeester en Schepenen op datum van 19/03/2026 een besluit genomen werd houdende de intekening op de raamovereenkomst Energie-efficiëntie van het VEB (Vlaams EnergieBedrijf): "Stroomafname EE_2022_0_029" houdende oprichting van een energiecoöperatie - Zonne-energie voor sporthal Laaksite (ref. CBS/2026/1343):
Overwegende dat voormelde beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen op datum van 19.03.2026 geldt als de goedkeuring van de ontwerpstudie(s) tot aanneming van de diensten / producten, d.i. tot:
Overwegende dat de rechten van opstal tot het facilitair gebruik van de dakdelen nog gemandateerd dienen te worden door de resp. houders van het zakelijk recht: de rechten tot het gebruik van de daken worden geformaliseerd bij onderhavige beslissing, als dient dit te worden bestendigd bij notariële akte;
Overwegende dat een looptijd van 20 jaar als financieel rendabel wordt geacht voor een stroomafnameovereenkomst;
Overwegende dat een opstalrecht de opdrachtnemer(leverancier) faciliteert tot het plaatsen en exploiteren van zonnepanelen, en de duurtijd van de stroomafnameovereenkomst gelijk dient te lopen met de duur van het opstalrecht;
Overwegende dat bij faillissement of stopzetting specifieke overdrachts- en waarborgregelingen gelden;
Overwegende dat het om voormelde redenen opportuun en noodzakelijk lijkt om een opstalrecht, als in bijlage gevoegd, te vestigen voor de plaatsing van de PV-installaties: De overeenkomst tot vestiging van een opstalrecht voor de PV-installatie wordt beschreven als volgt:
Overwegende dat er wordt geadviseerd om de goedkeuring te willen hechten aan de overeenkomst tot vestiging van een opstalrecht voor een PV-installatie aan de Coöperatieve zonnepanelen Vlaams-Brabant via VEB, waarbij ECoOB optreedt als opstalnemer, waardoor de stad kosteloos dakruimte in opstal geeft voor een zonne-installatie die eigendom blijft van de coöperatie tijdens de looptijd, met duidelijke afspraken over duur, aansprakelijkheid, kosten en einde van het opstalrecht;
zie advies bij agendapunt CBS/2026/1343
Geen standpunt ingenomen visum ecoob Laaksite van Geert Wijns van 17 maart 2026
Artikel 1
§1. De gemeenteraad geeft de goedkeuring aan de Overeenkomst tot vestigen van een opstalrecht als in bijlage gevoegd, nl. de overeenkomst tot vestiging van een opstalrecht voor een PV-installatie, tussen (1) enerzijds de Stad Aarschot, met zetel te Ten Drossaarde 1, 3200 Aarschot, met ondernemingsnummer 0207.515.464, RPR Leuven, en (2) anderzijds de opstalnemer, de Maatschap Coöperatieve zonnepanelen Vlaams-Brabant via VEB, met zetel te Posthoflei 3 bus 3, 2600 Berchem, met ondernemingsnummer 0799.631.178.
Artikel 2
Het College van Burgemeester en Schepenen wordt de opdracht gegeven om het Opstalrecht verder op te volgen.
Artikel 3
Een afschrift van onderhavig besluit wordt overgemaakt aan:
De gemeenteraad keurt de documenten gewijzigd in het kader van het revisietraject 2025 van het Organisme voor de Financiering van Pensioenen (OFP) Prolocus goed.
De stad Aarschot is met ingang van 01.01.2022 toegetreden tot het Organisme voor de Financiering van Pensioenen (OFP) Prolocus voor de tweede pensioenpijler. In de eerste helft van 2025 heeft het OFP Prolocus een aantal sleuteldocumenten herzien in het kader van haar revisietraject “passiva-zijde” (*), met name het financieringsplan en de beheersovereenkomst. Het betreft voornamelijk technisch-juridische aanpassingen, met als doel om de teksten beter te laten aansluiten bij de praktijk. Daarnaast werden er ook een aantal inhoudelijke wijzigingen aangebracht. In het kader van het revisietraject werden ook een aantal technisch-juridische wijzigingen aan het Kaderreglement Tweede Pensioenpijler Contractanten en aan het Bijzonder (pensioen)Reglement voorgesteld, hoofdzakelijk met als doel om het beheer van het DC-Plan te vereenvoudigen. Het Kaderreglement zelf bepaalde dat het begin 2025 door de sociale partners moest geëvalueerd worden, met mogelijks een bijsturing tot gevolg. De voorgestelde wijzigingen aan het Kaderreglement werden besproken in het Comité C1, goedgekeurd op de Raad van Bestuur van het OFP Prolocus van 23.05.2025, en bekrachtigd op de Algemene Vergadering van 17.06.2025.
Aan de gemeenteraad wordt dan ook gevraagd om de wijzigingen aan het Bijzonder (pensioen)Reglement voor de contractuele personeelsleden van MIPS_Aarschot (multi-inrichterspensioenstelsel) goed te keuren, en om in te stemmen met de Bijlage bij de Toetredingsakte tot goedkeuring van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan van het OFP Prolocus.
(*) Dit is het revisietraject dat betrekking heeft op de pensioenverplichtingen. In 2026 wordt het revisietraject met betrekking tot de “activa-zijde” (de assets) uitgevoerd.
het OFP Prolocus in de eerste helft van 2025 een aantal sleuteldocumenten herzien heeft in het kader van haar revisietraject “passiva-zijde” (*) , met name:
het financieringsplan;
de beheersovereenkomst.
het voornamelijk gaat om technisch-juridische aanpassingen, met als doel om de teksten beter te laten aansluiten bij de praktijk;
er daarnaast ook een aantal inhoudelijke wijzigingen werden aangebracht, zoals bijvoorbeeld in de beheersovereenkomst:
de transparante beschrijving van de aangepaste (goedkopere) kostenregeling;
het inschrijven van een aantal aansprakelijkheidsbeperkingen n.a.v. een wijziging van het Burgerlijk Wetboek;
het bepalen van een praktische regeling m.b.t. de verworven pensioenrechten van aangeslotenen van een fusiebestuur dat haar pensioenverplichtingen niet langer toevertrouwt aan het OFP Prolocus, enz.;
en in het financieringsplan:
het vervangen van een aantal niet-gebruikte RSZ-inningspercentages door andere RSZ-inningspercentages die moeten toelaten om in de toekomst voor een aantal besturen fijnmaziger te innen;
beschrijving van de praktische toepassing van de pre-financiering bij fusies van besturen enz.;
in het kader van het revisietraject ook een aantal technisch-juridische wijzigingen aan het Kaderreglement Tweede Pensioenpijler Contractanten (hierna “het Kaderreglement”) en aan het Bijzonder Reglement werden voorgesteld, hoofdzakelijk met als doel om het beheer van het DC-Plan te vereenvoudigen;
ook het Kaderreglement zelf bepaalde dat het begin 2025 door de sociale partners moest geëvalueerd worden, met mogelijks een bijsturing tot gevolg;
de voorgestelde wijzigingen aan het Kaderreglement besproken werden in het Comité C1;
bovenvermelde documenten goedgekeurd werden op de Raad van Bestuur van het OFP Prolocus van 23.05.2025, en bekrachtigd werden op de Algemene Vergadering van 17.06.2025;
het Kaderreglement werd goedgekeurd in het Protocol van Akkoord van 12.11.2025 van het Comité C1;
in navolging van het bovenvermelde aan het bestuur gevraagd wordt om de wijzigingen aan haar Bijzonder Reglement goed te keuren, en om in te stemmen met de Bijlage bij de Toetredingsakte tot goedkeuring van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan, in concreto:
het Bijzonder (pensioen)Reglement van het Defined Contribution Plan in uitvoering van het Kaderreglement gehecht aan het Protocol nr. 2025/02 van het Onderhandelingscomite C1 voor de contractuele personeelsleden van MIPS_Aarschot (multi-inrichterspensioenstelsel), zoals gevoegd in bijlage 1;
de Bijlage bij de Toetredingsakte van de stad Aarschot tot goedkeuring van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan van het OFP Prolocus, zoals gevoegd in bijlage 2;
(*) Dit is het revisietraject dat betrekking heeft op de pensioenverplichtingen. In 2026 wordt het revisietraject met betrekking tot de “activa-zijde” (de assets) uitgevoerd.
Artikel 1
De gemeenteraad heeft kennis genomen van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan van het Organisme voor de Financiering van Pensioenen (OFP) Prolocus, alsook van het gewijzigde Kaderreglement en het in uitvoering daarvan gewijzigde Bijzonder (pensioen)Reglement.
Artikel 2
De gemeenteraad keurt de wijzigingen aan het Bijzonder (pensioen)Reglement van het Defined Contribution Plan in uitvoering van het Kaderreglement gehecht aan het Protocol nr. 2025/02 van het Onderhandelingscomite C1 voor de contractuele personeelsleden van MIPS_Aarschot (multi-inrichterspensioenstelsel), zoals gevoegd in bijlage 1 bij dit besluit, goed.
Artikel 3
De gemeenteraad stemt in met de Bijlage bij de Toetredingsakte tot goedkeuring van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan, zoals gevoegd in bijlage 2 bij dit besluit.
Artikel 4
De gemeenteraad geeft aan de algemeen directeur en de voorzitter van de gemeenteraad, het mandaat om het Bijzonder (pensioen)Reglement en de Bijlage bij de Toetredingsakte - respectievelijk bijlage 1 en bijlage 2 bij dit besluit - te ondertekenen, en verzoekt de personeelsdienst om deze documenten op de gevraagde wijze zo spoedig mogelijk ter beschikking te stellen van het OFP Prolocus.
De gemeenteraad neemt kennis van het overzicht van de terugbetaalde reiskosten aan de mandatarissen van de stad Aarschot met betrekking tot het jaar 2025.
Op 23 juni 2014 keurde de gemeenteraad het besluit goed houdende de terugbetaling van reiskosten aan de burgemeester en schepenen van de stad Aarschot, waardoor zij aanspraak kunnen maken op een terugbetaling van:
Het jaarlijks kilometercontingent voor verplaatsingen gemaakt met het eigen motorvoertuig gerelateerd aan de uitoefening van het mandaat werd voor de burgemeester en schepenen vastgesteld op 2.500 kilometer.
Alleen de kosten die verband houden met de uitoefening van het mandaat en die noodzakelijk zijn voor de uitoefening van het mandaat kunnen worden terugbetaald. De kosten voor verplaatsingen van en naar het stadhuis zitten voor de burgemeester en schepenen vervat in de bezoldiging die ze maandelijks ontvangen en komen bijgevolg niet voor terugbetaling in aanmerking. De kosten dienen verantwoord te worden met bewijsstukken. Alle nota’s ter rechtvaardiging van de gemaakte reiskosten (formulieren ‘reiswijzer-schuldvordering’) van een kalenderjaar dienen uiterlijk op 31 januari van het daaropvolgende kalenderjaar door de mandataris binnengebracht te zijn op de personeelsdienst met het oog op de verdere administratieve opvolging. De algemeen directeur beoordeelt of de kosten voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor terugbetaling.
Jaarlijks wordt een overzicht van de terugbetaalde reiskosten aan de mandatarissen met inbegrip van de parkeerkosten voorgelegd aan de gemeenteraad. Hierbij gaat dan ook het overzicht ter zake houdende het jaar 2025 op basis van de ingediende formulieren.
Op 23 juni 2014 keurde de gemeenteraad het besluit goed houdende de terugbetaling van reiskosten aan de burgemeester en schepenen van de stad Aarschot, waardoor zij aanspraak kunnen maken op een terugbetaling van:
Het jaarlijks kilometercontingent voor verplaatsingen gemaakt met het eigen motorvoertuig gerelateerd aan de uitoefening van het mandaat werd voor de burgemeester en schepenen vastgesteld op 2.500 kilometer.
Alleen de kosten die verband houden met de uitoefening van het mandaat en die noodzakelijk zijn voor de uitoefening van het mandaat kunnen worden terugbetaald. De kosten voor verplaatsingen van en naar het stadhuis zitten voor de burgemeester en schepenen vervat in de bezoldiging die ze maandelijks ontvangen en komen bijgevolg niet voor terugbetaling in aanmerking. De kosten dienen verantwoord te worden met bewijsstukken. Alle nota’s ter rechtvaardiging van de gemaakte reiskosten (formulieren ‘reiswijzer-schuldvordering’) van een kalenderjaar dienen uiterlijk op 31 januari van het daaropvolgende kalenderjaar door de mandataris binnengebracht te zijn op de personeelsdienst met het oog op de verdere administratieve opvolging. De algemeen directeur beoordeelt of de kosten voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor terugbetaling.
Jaarlijks wordt een overzicht van de terugbetaalde reiskosten aan de mandatarissen met inbegrip van de parkeerkosten voorgelegd aan de gemeenteraad. Hierbij gaat dan ook het overzicht ter zake houdende het jaar 2025 op basis van de ingediende formulieren.
De financiering is voorzien in het budget en meerjarenplan via BBC-artikel:
MJP 204002 - AC000001/0100/61430050/10/CBS/IP−GEEN/KP−GEEN
NEEMT KENNIS VAN:
Artikel 1
De burgemeester en schepenen van de stad Aarschot kunnen aanspraak maken op een terugbetaling van:
Artikel 2
Het jaarlijks kilometercontingent voor verplaatsingen gemaakt met het eigen motorvoertuig gerelateerd aan de uitoefening van het mandaat werd voor de burgemeester en schepenen vastgesteld op 2.500 kilometer.
Artikel 3
Het bedrag van de kilometervergoeding wordt vastgesteld conform de bepalingen die in dit verband van toepassing zijn voor het gemeentepersoneel. Bij carpooling kan de vergoeding voor de bestuurder worden verhoogd conform de modaliteiten die van toepassing zijn voor het gemeentepersoneel.
Voor het jaar 2025 betekent dit in concreto:
Artikel 4
Het bedrag van de fietspremie wordt vastgesteld conform de bepalingen die in dit verband van toepassing zijn voor het gemeentepersoneel voor dienstverplaatsingen met de eigen fiets.
Voor het jaar 2025 betekent dit in concreto:
Artikel 5
Onderstaande reiskosten met betrekking tot verplaatsingen gemaakt in het jaar 2025 werden terugbetaald aan de mandataris(sen) op basis van de ingediende verantwoordingsnota’s:
| naam en voornaam | jaar |
eigen motorvoertuig - aantal kilometer |
parkeerkosten-bedrag in euro | openbaar vervoer- bedrag in euro | fiets- bedrag in euro |
| Geyskens Annick | 2025 | 1.301 (waarvan 189 carpooling) | 24,55 | / | / |
De gemeenteraad gaat akkoord met de visie, bijhorende acties en het erkenningskader voor de uitrol van BOA in Aarschot en geeft daarnaast haar goedkeuring voor het retributiereglement voor het aanbod van Ferm Kinderopvang vzw.
Via het decreet BOA streeft de Vlaamse overheid naar een geïntegreerd aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) voor àlle kinderen en gezinnen. Dat wil zeggen dat alle lokale spelers (onderwijs, welzijn, cultuur, jeugd en sport) zo goed als mogelijk dienen samen te werken.
Als lokaal bestuur krijgt de stad Aarschot vanaf 01.09.2026 de regie in handen om het BOA-verhaal op lokaal niveau vorm te geven. Deze regierol houdt ook een aantal keuzes in op het gebied van visie, verdeling van middelen, ...
Visie en erkenningskader BOA in Aarschot
Naar aanleiding van het decreet BOA werden in Aarschot verschillende bevragingen en overlegmomenten georganiseerd, cijfers verzameld en ideeën en noden in kaart gebracht. Op basis van al deze bevragingen (kinderen, ouders, schooldirecties, Home-Start, stuurgroep BOA en LOKA+), cijfers (Ferm en vakantieaanbod) en de richtlijnen van de Vlaamse overheid in het kader van BOA, werd een visie en erkenningskader vormgegeven voor de stad Aarschot. Beide voorstellen kregen een positief advies van de algemene vergadering van LOKA+ (Lokaal Overleg Kinderopvang Aarschot/Activiteiten) van 26.03.2026.
Zie bijlagen 'BOA - visie en acties 2026-2031' en 'BOA - erkenningskader'.
Opdracht Ferm Kinderopvang
Op 05.12.2025 werd de opdracht 'aanstellen van een organisator van de voor- en naschoolse kinderopvang en een vakantieaanbod voor kleuters (BOA-decreet)' gegund aan Ferm Kinderopvang vzw. Zij zullen in opdracht van de stad Aarschot instaan voor het volgende aanbod:
Voor- en naschoolse opvang
Elke schooldag van 07.00 uur tot een kwartier voor de start van de school, en van een kwartier na het einde van de lesdag tot 18.30 uur, verbonden aan de volgende basisscholen:
Vakantieaanbod
Tijdens alle schoolvakanties wordt opvang georganiseerd voor kinderen van 2,5 tot 6 jaar in VBS Sint-Jozefscollege Aarschot, elke werkdag van 07.00 tot 18.30 uur.
Retributiereglement ouderbijdragen Ferm Kinderopvang
Vanuit de regierol van de stad Aarschot en de hernieuwde opdracht met Ferm, bepaalt de stad Aarschot de prijzen voor de voor- en naschoolse opvang en het vakantieaanbod dat wordt uitgevoerd door Ferm en dienen deze tarieven te worden opgenomen in een retributiereglement. De prijzen werden weloverwogen bepaald, o.a. in vergelijking met de bedragen die worden gehanteerd door de omliggende gemeenten.
Samenvatting van de tarieven (zie bijlage voor het volledige retributiereglement):
De volgende documenten werden opgenomen in de bijlage:
Tot 31.08.2026 ontvangt Ferm subsidies via het Agentschap Opgroeien, vanaf 01.09.2026 ontvangt de stad Aarschot deze subsidies om vanuit een regierol te verdelen (BOA-decreet).
In de meerjarenplanning zijn in het kader van BOA de volgende lijnen voorzien:
Artikel 1
De gemeenteraad gaat akkoord met de visie, acties en bijhorend erkenningskader voor de uitvoering van BOA in Aarschot van 01.09.2026 tot 01.09.2031.
Artikel 2
De gemeenteraad gaat akkoord met het retributiereglement voor het aanbod van Ferm Kinderopvang vzw:
Artikel 1: Aanbod
Ferm Kinderopvang vzw biedt, in opdracht van de stad Aarschot, het volgende aanbod aan:
Voor- en naschoolse opvang
Elke schooldag van 07.00 uur tot een kwartier voor de start van de school, en van een kwartier na het einde van de lesdag, tot 18.30 uur, verbonden aan de volgende basisscholen:
Vakantieaanbod
Tijdens alle schoolvakanties wordt een gevarieerd aanbod georganiseerd voor kinderen van 2,5 tot 6 jaar in VBS Sint-Jozefscollege Aarschot, elke werkdag van 07.00 tot 18.30 uur. Tijdens de zomer- en kerstvakantie kunnen er extra sluitingsdagen zijn.
Artikel 2: Tarieven administratiebijdrage
Voor deelname aan de buitenschoolse kinderopvang van Ferm Kinderopvang vzw betaalt elk gezin per schooljaar een administratiebijdrage.
De volgende tarieven zijn van toepassing:
Artikel 3: Tarieven voor- en naschoolse kinderopvang
Voor de deelname aan de voor- en naschoolse opvang betalen ouders per deelnemer een bijdrage.
De volgende tarieven zijn van toepassing:
Artikel 4: Tarieven vakantieaanbod
Voor de deelname aan het vakantieaanbod van Ferm Kinderopvang vzw betalen ouders per deelnemer een bijdrage.
De volgende tarieven zijn van toepassing:
Normaal tarief
Niet-inwoners van Aarschot
Sociaal tarief
Artikel 5: Sociaal tarief
Voor de deelname aan het aanbod van Ferm Kinderopvang vzw, kan een sociaal tarief worden aangevraagd via de medewerkers van Ferm.
Een sociaal tarief kan worden toegekend op vertoon van één de volgende documenten:
Een sociaal tarief kan ook worden verkregen na een doorverwijzing van de sociale dienst van de stad Aarschot, Sociaal Huis, Bekaflaan 31A in Aarschot, tel 016 55 07 09, sociaalhuis@ocmw aarschot.be. Voor meer informatie omtrent de UiTPAS met kansentarief kan men eveneens terecht bij het Sociaal Huis of via uitpas@aarschot.be.
Artikel 6: Bijkomende kosten
De volgende kosten kunnen bijkomend aangerekend worden:
Artikel 7: Huishoudelijk reglement Ferm Kinderopvang vzw
Het huishoudelijk reglement van Ferm Kinderopvang vzw is van toepassing m.b.t. facturatie, fiscale attesten, annulaties en de dagelijkse werking van de opvang.
Artikel 8: Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking vanaf 1 september 2026. De vermelde tarieven worden jaarlijks geïndexeerd.
De gemeenteraad gaat akkoord met het in erfpacht geven van het gebouw gelegen Kerkstraat 12 te 3200 Aarschot voor de organisatie van jeugdactiviteiten tegen een canon van 1 euro voor de duur van 50 jaar en keurt bijgevoegd ontwerp van erfpachtovereenkomst goed.
De stad is eigenaar van het gebouw gelegen Kerkstraat 12 te 3200 Aarschot (capakey 24001A0141/00P005) en wenst dit gebouw via een erfpachtrecht ter beschikking te stellen aan de Blok Chiro Ourodenberg (BCO) vzw met zetel te 3200 Aarschot, Kerkstraat 21 (ondernemingsnummer 0838.963.292).
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld om
De stad is eigenaar van het gebouw gelegen Kerkstraat 12 te 3200 Aarschot (capakey 24001A0141/00P005) en wenst dit gebouw via een erfpachtrecht ter beschikking te stellen aan de Blok Chiro Ourodenberg (BCO) vzw met zetel te 3200 Aarschot, Kerkstraat 21 (ondernemingsnummer 0838.963.292).
Gelet op de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 17.03.2026 houdende intentieverklaring om het gebouw gelegen Kerkstraat 12 te 3200 Aarschot in erfpacht te geven voor de organisatie van jeugdactiviteiten tegen een canon van 1 euro voor de duur van 50 jaar.
De BCO vzw is een erkende jeugdvereniging die actief is binnen de gemeente en activiteiten organiseert voor kinderen en jongeren.
De werking van de vereniging:
De ondersteuning van jeugdverenigingen maakt deel uit van het strategisch meerjarenplan van de stad.
Het stadsbestuur streeft ernaar:
Het toekennen van een erfpacht aan de BCO past binnen deze doelstelling.
Gelet op de OMZENDBRIEF KB/ABB 2019/3 van 03.05.2019 over de transacties van onroerende goederen door lokale en provinciale besturen en door de erkende erediensten, die bepaalt dat bij de vestiging van een erfpachtrecht een recent en objectief schattingsverslag vereist is, evenals dat toewijzingen in principe gebeuren via een voldoende openbaar en transparant proces;
Motivering - afwijking van schattingsprijs
De stad is voornemens om het voornoemd gebouw tegen een canon van 1 euro in erfpacht te geven aan de BCO vzw in het kader van haar jeugdbeleid en ter ondersteuning van het verenigingsleven.
De chiro engageert zich om op eigen kosten investeringen te doen in het gebouw waaronder onderhouds-, renovatie- en/of renovatiewerken. Deze investeringen verhogen de waarde en de functionaliteit van het onroerend goed zonder dat de gemeente hiervoor financiële middelen moet aanwenden. Op die manier wordt een tegenprestatie geleverd die het kosteloos karakter van de erfpacht gedeeltelijk compenseert.
Het schattingsverslag blijft evenwel relevant om de waarde van het toegekende recht objectief vast te stellen en de proportionaliteit van de beslissing te kunnen aantonen. Het laat het bestuur toe om te onderbouwen dat de toegekende erfpacht, ook gebeurt deze tegen een canon van 1 euro, verantwoord is in het licht van het nagestreefde algemeen belang en de door de erfpachter geleverde tegenprestaties.
Gelet op het voorgaande kan de kosteloze erfpacht worden verantwoord als een beslissing die gesteund is op legitieme beleidsdoelstellingen en die in verhouding staat tot de maatschappelijke meerwaarde en de engagementen van de erfpachter.
Motivering - transactie zonder mededinging
De bestemming van het goed is specifiek gericht op jeugdactiviteiten en functioneel verbonden is met de ondersteuning van een concrete lokale jeugdwerking waardoor de kring van potentiële kandidaten in aanzienlijke mate wordt beperkt.
De toewijzing is gericht op de ondersteuning van een concreet bestaande en lokaal verankerde jeugdvereniging met een aantoonbare nood aan aangepaste infrastructuur. De continuïteit van de jeugdwerking, de lokale verankering en de concrete invulling van het gebruik vormen essentiële elementen die een gerichte toewijzing verantwoorden. Een openbare oproep zou in dit geval geen meerwaarde bieden voor de realisatie van het beoogde algemeen belang, gelet op de specifieke bestemming van het goed en de nagestreefde beleidsdoelstelling.
De rechtstreekse toewijzing aan de betrokken vereniging is objectief en redelijk verantwoord door de lokale verankering, de continuïteit van de werking en de concrete invulling van het gebruik.
Deze werkwijze is proportioneel en houdt geen schending in van het gelijkheidsbeginsel, aangezien het onderscheid berust op relevante en objectieve criteria.
Het schattingsverslag opgemaakt door het landmeterskantoor Van Eester BV van 26.05.2026 gaat als bijlage.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld om
Artikel 1
De gemeenteraad gaat akkoord met het in erfpacht geven van het gebouw gelegen Kerkstraat 12 te 3200 Aarschot aan de Blok Chiro Ourodenberg (BCO) vzw voor de organisatie van jeugdactiviteiten tegen een canon van 1 euro voor de duur van 50 jaar.
Artikel 2
Bijgevoegd ontwerp van erfpachtovereenkomst wordt goedgekeurd en zal ondertekend worden door de voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur (of hun afgevaardigden).
De gemeenteraad hecht goedkeuring aan de agenda van de algemene vergadering van IGO div op 26 juni 2026 en draagt de vertegenwoordiger van de stad op zijn stemgedrag hierop af te stemmen.
IGO div organiseert op 26 juni 2026 een algemene vergadering met volgende agendapunten:
De gemeenteraad in vergadering van 13.02.2025 stelde mevrouw Els Wouters aan als afgevaardigd vertegenwoordiger van de stad Aarschot in de algemene vergaderingen van IGO en dit voor de duur van de legislatuur.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld de agenda goed te keuren.
Gelet op
Artikel 1
De gemeenteraad keurt de agenda van de algemene vergadering van IGO div op 26 juni 2026 goed.
Artikel 2
Raadslid Els Wouters wordt aangeduid als vertegenwoordiger om namens het bestuur alle akten en bescheiden met betrekking tot deze algemene vergadering van IGO div te onderschrijven en hun stemgedrag af te stemmen op het in de beslissing van de gemeenteraad van heden bepaalde standpunt met betrekking tot de agendapunten van voormelde algemene vergadering.
De gemeenteraad neemt kennis van de motie betreffende het waarborgen van patiëntveiligheid en taalrechten in de Dringende Geneeskundige Hulpverlening en in de Brusselse ziekenhuizen
De Provincieraad van Vlaams-Brabant
- Gelet op de schending van de taalrechten van de patiënten uit Vlaams-Brabant.
- Gelet op het arrest van de Raad van State van 08.10.2025 dat de zogenaamde 12-minutenregel buiten werking stelt bij gebrek aan formele federale bekrachtiging, waardoor opnieuw enkel het principe geldt dat patiënten naar het dichtstbijzijnde erkende spoedziekenhuis worden vervoerd; dit leidt tot rechtsonzekerheid op het terrein.
- Gelet op de gezamenlijke oproep van de burgemeesters van de Vlaamse Rand (Toekomstforum Halle-Vilvoorde) van 18 maart 2O26 aan de federale minister van Volksgezondheid om dringend een juridisch robuuste regeling te treffen die taalrechten van patiënten in de Dringende Geneeskundige Hulpverlening waarborgt.
- Gelet op de publieke acties en maatschappelijke onrust die het belang onderstrepen van zorg in de eigen officiële taal als onderdeel van kwalitatieve en veilige zorg.
Overwegende dat in 2023, in overleg met de gouverneur van Vlaams-Brabant, een pragmatische uitzondering is uitgewerkt die — binnen de medische veiligheid —tegemoetkwam aan de vraag van patiënten om in Brussel in hun eigen landstaal geholpen te worden; doch het fundamentele probleem
(naleving taalwetgeving en rechtsgrond) daarmee echter niet structureel was opgelost.Constaterende dat sinds de vernietiging van de 12-minutenregel:
1. de noodcentrale verplicht is de patiënt te sturen naar het dichtstbijzijnde erkende spoedziekenhuis;2. de taalgarantie voor patiënten om in de eigen landstaal geholpen te worden nog meer onder druk staat in het Brusselse Gewest, waar de wettelijke tweetaligheid in de praktijk niet wordt gehaald.
Erkennende de inspanningen die de gouverneur van Vlaams-Brabant en de Provinciale Commissie Dringende Geneeskundige Hulpverlening reeds leverden en blijven leveren om patiëntveiligheid en taalrechten in evenwicht te brengen.
Onderschrijvende de beslissing van het Bureau van de Provinciale Commissie voor Dringende Geneesl«undige Hulpverlening dd. 5 februari 2026 om de 12-minutenregel opnieuw in te voeren.
Ermee rekening houdende dat de Provinciale Commissie voor Dringende Geneeskundige Hulpverlening hiertoe inmiddels een geactualiseerd protocolakkoord heeft voorbereid met een sterkere bevoegdheidsgrondslag, een scherpere motivatie vanuit patiëntveiligheid en kwaliteit van zorg, en een duidelijke verankering in het KB van 17 maart 2024; evenals de Federale Gezondheidsinspecteur het mandaat heeft gegeven dit opnieuw ter goedkeuring voor te leggen aan de bevoegde federale instanties.
Spreekt zich nadrukkelijk uit voor
Verzoekt en dringt met aandrang aan bij
- De federale regeling en de minister van Volksgezondheid om onverwijld:
Een ministerieel besluit of, waar nodig, wetgevend initiatief te nemen dat de taalcomponent in de Dringende Geneeskundige Hulpverlening formeel verankert, zodat noodcentrale en ambulancediensten een duidelijke, rechtszekere uitzondering hebben wanneer taal essentieel is voor veilige zorg (met een objectieve tijdskap en strikte medische randvoorwaarden).
De operationele richtlijnen voor 112-noodcentrale te actualiseren en opleiding te voorzien, zodat de patiënttaal correct wordt bevraagd en gewogen bij de bepaling van het geschikte ziekenhuis wanneer de klinische toestand dat toelaat.
Transparante monitoring en rapportering in te richten (via FOD Volksgezondheid/lGJ), incl. meldingskanalen en opvolging van taalklachten in het Brusselse ziekenhuislandschap.
2. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering om onmiddellijk:
a. Concrete maatregelen te nemen om de tweetalige dienstverlening in alle Brusselse spoeddiensten en ziekenhuisafdelingen te garanderen, met inbegrip van voldoende Nederlandstalig en Franstalig gekwalificeerd personeel en correcte toepassing van de taalwetgeving in bestuurszaken.
b. Haar toezicht- en handhavingsbevoegdheden effectief in te zetten om de naleving van de taalwetgeving in Brussel te verzekeren, in het bijzonder in de spoeddiensten en ziekenhuisdiensten die inwoners van Vlaams-Brabant bedienen.
3. De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (Verenigde Vergadering) en de Brusselse ziekenhuisbesturen om op korte termijn:
a. Conforme taalactieplannen goed te keuren en publiek te maken (dienstverlening aan het loket, triage, spoed, telefonie, patiëntencommunicatie), met aanwijsbare, 24/7 toegankelijke, Nederlandstalige en Franstalige contactpunten.
b. Interne audits op te zetten en resultaten te delen met de toezichthoudende overheden; corrigerende maatregelen en sanctioneringspaden te voorzien bij herhaaldelijke nietnaleving.
4. De Vlaams-Brabantse en Brusselse ziekenhuizen om, in samenwerking met de gouverneur en de Provinciale Commissie Dringende Geneeskundige Hulpverlening bindende protocollen af te sluiten die:
a. de instroom en triage van patiënten uit Vlaams-Brabant met taalgarantie organiseren;
b. capaciteitsafspraken (opname/doorstroom) en financieringsneutraliteit bewaken;
c. de bereikbaarheid van teams die de patiënt in de eigen landstaal op de spoed (en andere kritieke diensten) expliciet borgen.
5. De Vlaamse Regering (minister bevoegd voor de Vlaamse Rand) om:
a. de juridische handhaving van taalverplichtingen in de Brusselse zorg mee te ondersteunen via gestructureerde klachtendoorgeleiding en strategische procedures waar nodig;
b. via het Toekomstforum Halle-Vilvoorde en partners informatie en begeleiding voor inwoners te versterken (o.m. heldere patiënteninfo bij 112-oproepen en rechten op spoed).
Beslist
1. De gouverneur van Vlaams-Brabant te verzoeken het coôrdinerend overleg met de Provinciale Commissie Dringende Geneeskundige Hulpverlening, de Federale Gezondheidsinspecteur, de 1 12-noodcentrale en de ziekenhuizen te intensiveren en de provinciale rol als brugfunctie ten volle op te nemen.
2. De deputatie te gelasten om, samen met de gouverneur, bovenvermelde instanties te bevragen, concrete tijdslijnen op te volgen en aan de provincieraad te rapporteren over voortgang, knelpunten en cijfers (noodcentrales en hun keuzes, omrijtijden, taalklachten, doorverwijzingen).
3. Deze motie te bezorgen aan: de federale minister van Volksgezondheid, de voorzitters en fracties van Kamer en Senaat, de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, de Verenigde Vergadering van de GGC, de Vlaamse minister bevoegd voor de Vlaamse Rand, het Vlaams Parlement, de Brusselse ziekenhuisnetwerken en alle gemeenteraden van Vlaams-Brabant.
Motie ingediend op 23 april 2026 door:
Joris Van den Cruijce (fractievoorzitter N-VA)
Elke Zenderloo (fractievoorzitter CD&V)
Joris De Vriendt (fractievoorzitter Vlaams Belang)
Marc Florquin (fractievoorzitter Vooruit)
Kris Peetermans (fractievoorzitter Anders)
Tie Roefs (fractievoorzitter Groen)
Frédéric Petit (fractievoorzitter UF)
De gemeenteraad neemt kennis van de motie betreffende het waarborgen van patiëntveiligheid en taalrechten in de Dringende Geneeskundige Hulpverlening en in de Brusselse ziekenhuizen
De gemeenteraad gaat akkoord met de voorgestelde wijziging aan het algemeen politiereglement van de stad Aarschot.
Het algemeen politiereglement is geen statisch document, maar moet geregeld up-to-date gebracht worden - ook aan de hogere wetgeving - om de gemeentelijke overheid in staat te stellen een gepast antwoord te bieden op vlak van bestuurlijke handhaving van fenomenen die de openbare orde verstoren en/of zorgen voor openbare overlast.
Naar aanleiding van de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek op 1 september 2026 dringen zich een aantal aanpassingen op aan het Algemeen Politiereglement.
Het algemeen politiereglement is geen statisch document, maar moet geregeld up-to-date gebracht worden - ook aan de hogere wetgeving - om de gemeentelijke overheid in staat te stellen een gepast antwoord te bieden op vlak van bestuurlijke handhaving van fenomenen die de openbare orde verstoren en/of zorgen voor openbare overlast.
Naar aanleiding van de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek op 1 september 2026 dringen zich een aantal aanpassingen op aan het Algemeen Politiereglement.
In februari 2024 werd een nieuw Strafwetboek aangenomen, dat vanaf 1 september 2026 het huidige Strafwetboek zal vervangen. Deze hervorming heeft niet alleen gevolgen voor het strafrechtelijk handhavingskader, maar ook voor de gemeentelijke administratieve sancties (GAS) en de inhoud van de gemeentelijke politiereglementen.
Een eerste wijziging betreft de afschaffing van de politiestraffen. Vanaf de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek zullen gemeenten voor de handhaving van hun politiereglementen enkel nog kunnen opteren voor gemeentelijke administratieve sancties. Aangezien de stad reeds eerder de keuze heeft gemaakt om overtredingen van het Algemeen Politiereglement uitsluitend via het GAS-systeem te handhaven, heeft deze wijziging geen gevolgen voor de huidige handhavingspraktijk of voor de inhoud van het Algemeen Politiereglement.
Daarnaast worden in het nieuwe Strafwetboek verschillende misdrijven die momenteel afzonderlijke gemengde inbreuken vormen, samengebracht in nieuwe en ruimer geformuleerde strafrechtelijke bepalingen. Hierdoor stemmen de huidige verwijzingen naar het Strafwetboek in het Algemeen Politiereglement niet langer overeen met de toekomstige strafrechtelijke regelgeving.
Een aanpassing van deze gemengde inbreuken in het Algemeen Politiereglement is momenteel evenwel niet mogelijk. De GAS-wet van 24 juni 2013 bepaalt immers limitatief welke strafrechtelijke inbreuken als gemengde inbreuken door gemeenten administratief kunnen worden gehandhaafd. Vooraleer de gemeentelijke regelgeving kan worden aangepast, dient de federale wetgever daarom eerst de GAS-wet te wijzigen en de nieuwe strafrechtelijke bepalingen daarin op te nemen.
Aangezien de bestaande bepalingen inzake gemengde inbreuken verwijzen naar artikelen uit het huidige Strafwetboek die vanaf 1 september 2026 worden opgeheven, zal vanaf die datum niet langer kunnen worden geverbaliseerd op basis van deze bepalingen. Om die reden is het aangewezen de betrokken artikelen van het Algemeen Politiereglement op te heffen in afwachting van een aanpassing van de GAS-wet en de daaropvolgende actualisering van het reglement.
Op dit ogenblik is nog geen concrete timing bekend voor deze noodzakelijke wijziging van de GAS-wet. Uit informele communicatie vanuit de federale administratie blijkt dat deze wijziging vermoedelijk zal worden opgenomen in een wet houdende diverse algemene bepalingen, waarvan de goedkeuring niet vóór de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek wordt verwacht. Dit betekent dat vanaf 1 september 2026 voor deze inbreuken tijdelijk geen gemeentelijke administratieve sancties meer zullen kunnen worden opgelegd. Bovendien zullen lopende GAS-procedures met betrekking tot deze feiten vanaf die datum door de sanctionerend ambtenaar moeten worden stopgezet.
Ten slotte worden door het nieuwe Strafwetboek ook een aantal feiten gedepenaliseerd. Het betreft onder meer nachtlawaai en feitelijkheden of lichte gewelddaden. Voor deze gedragingen kan de gemeente wel reeds anticiperend optreden. Aangezien deze feiten vanaf 1 september 2026 niet langer strafbaar zullen zijn op grond van hogere regelgeving, kunnen zij worden opgenomen als autonome, niet-gemengde GAS 1-inbreuken in het Algemeen Politiereglement.
Door deze gedragingen als GAS 1-inbreuken te kwalificeren, behoudt de gemeente de mogelijkheid om op te treden tegen vormen van openbare overlast die de openbare rust, veiligheid of leefbaarheid aantasten, en wordt vermeden dat deze feiten vanaf 1 september 2026 onbestraft zouden blijven.
De volgende aanpassingen worden voorgelegd ter goedkeuring.
Omzetting van gedepenaliseerde inbreuken naar GAS 1 - inbreuken
NACHTLAWAAI (huidig artikel 561, 1° Strafwetboek) - Afdeling 2. geluidshinder, Hoofdstuk IV. Milieu en openbare rust
Art. 8. Het is verboden tussen 22.00 uur en 7.00 uur geluiden, geruchten of rumoer te veroorzaken die de rust van de inwoners kunnen verstoren.
Art. 34. Degene die de bepalingen van de artikelen 5 tot 33 overtreedt, kan bestraft worden met een administratieve geldboete.
Kunnen gestraft worden met de respectievelijke straffen bepaald in het strafwetboek (artikel 561, 1°) of met een administratieve geldboete zij die zich schuldig maken aan nachtgerucht of nachtrumoer waardoor de rust van de inwoners kan worden verstoord en dit tussen 22 uur en 7 uur.
Motivering
Het huidige misdrijf van nachtgerucht of nachtrumoer, zoals opgenomen in artikel 561, 1° van het Strafwetboek, wordt met de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek op 1 september 2026 gedepenaliseerd. Hierdoor zal deze gedraging niet langer strafrechtelijk sanctioneerbaar zijn.
Om te voorkomen dat dergelijke overlast vanaf die datum onbestraft blijft, wordt voorgesteld deze gedraging op te nemen als een niet-gemengde gemeentelijke administratieve sanctie (GAS 1-inbreuk). Op die manier behoudt de gemeente de mogelijkheid om op te treden tegen nachtelijke geluidshinder die de openbare rust verstoort.
Voorstel wijziging
Art. 8. Nachtlawaai
§1. Doel en toepassingsgebied
Dit artikel heeft tot doel de openbare rust, veiligheid en leefbaarheid te vrijwaren door het beperken van nachtlawaai binnen het grondgebied van het lokaal bestuur.
De bepalingen zijn van toepassing op alle natuurlijke en rechtspersonen.
§2. Definitie
Onder nachtlawaai wordt verstaan:
Elk geluid dat tussen 22 uur en 7 uur de nachtrust van omwonenden kan verstoren, ongeacht de oorsprong, aard, duur of intensiteit ervan.
Dit omvat onder meer, niet-limitatief:
§3. Verbodsbepaling
Het is verboden nachtlawaai te veroorzaken of toe te laten tussen 22 uur en 7 uur wanneer dit
Bovenstaande betreft een niet-limitatieve opsomming.
§4. Uitzonderingen
De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op:
Deze uitzonderingen gelden enkel voor zover de hinder tot het strikt noodzakelijke wordt beperkt.
Art. 34. Degene die de bepalingen van de artikelen 5 tot 33 overtreedt, kan bestraft worden met een administratieve geldboete.
Artikel 563, 3° van het huidige Strafwetboek sanctioneert bepaalde feitelijkheden en lichte gewelddaden die geen verwonding of lichamelijk letsel veroorzaken.
Met de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek op 1 september 2026 wordt een onderscheid gemaakt tussen gedragingen die aanleiding kunnen geven tot lichamelijk letsel, pijn of schade aan de gezondheid enerzijds en gedragingen waarbij daarvan geen sprake is anderzijds. De eerstgenoemde gedragingen blijven strafbaar als misdrijf gewelddaden. De overige gedragingen worden gedepenaliseerd en vallen niet langer onder het toepassingsgebied van het Strafwetboek.
De gedepenaliseerde gedragingen hebben betrekking op feiten die waarbij geen enkele link kan worden gemaakt met een lichamelijk letsel, pijn of schade aan de gezondheid en die naar hun aard beperkt van ernst zijn. Het betreft onder meer handelingen zoals het afnemen van een hoed, het trekken aan kleding, het bevuilen van kleding of gelijkaardige gedragingen die geen lichamelijk letsel, pijn of gezondheidsschade veroorzaken. ((Parl. St. Kamer, 2022-2023, nr. 55-3518/001, 43)
De gemeente beschikt over de mogelijkheid om deze gedepenaliseerde gedragingen alsnog op te nemen als autonome GAS 1-inbreuken in het Algemeen Politiereglement. Na beoordeling wordt evenwel voorgesteld hiervan geen gebruik te maken.
De betrokken gedragingen worden geacht van beperkte ernst te zijn en beantwoorden niet aan de overlastfenomenen waarmee de stad vandaag in de praktijk wordt geconfronteerd. Bovendien wordt vastgesteld dat dergelijke feiten slechts uitzonderlijk voorkomen en geen wezenlijke impact hebben op de openbare orde, rust, veiligheid of leefbaarheid binnen de gemeente.
Om die redenen wordt voorgesteld geen nieuwe GAS 1-bepaling op te nemen ter vervanging van de gedepenaliseerde delen van artikel 563, 3° van het huidige Strafwetboek.
De gemeenteraad gaat akkoord met de vermelde aanpassingen aan het Algemeen Politiereglement.
Artikel 2
De gemeenteraad stelt de gecoördineerde versie van het Algemeen Politiereglement vast. (versie juni 2026)
Artikel 3
De voorgestelde wijzigingen treden in werking op 1 september 2026, tenzij de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek door de federale regering wordt uitgesteld. In dat geval treden de aanpassingen in werking op de door de federale regering bepaalde dat van inwerkingtreding van het nieuwe strafwetboek.
De gemeenteraad neemt kennis van de ontvangen klacht en het antwoord van de gouverneur aan de klager.
De administratie van de gouverneur ontving een klacht over het niet afleveren van een bewonerskaart.
De gouverneur verzocht naar aanleiding van die klacht op 27 maart 2026 het dossier, de betrokken besluiten en het standpunt van het bestuur over klacht op.
De gouverneur meldde op 03.06.2026 dat uit het dossier blijkt dat het bestuur het parkeerreglement correct toepaste. De beslissing om geen parkeerkaart toe te kennen werd bovendien voldoende gemotiveerd en is dus niet willekeurig. Wel bleek dat de informatieve communicatie, met name via de website, niet volledig overeenstemde met de bepalingen van het reglement.
De stad ondernam hiervoor intussen corrigerende acties.
Om voormelde redenen neemt de gouverneur geen maatregel van toezicht.
Overeenkomstig artikel 333, tweede lid decreet over het lokaal bestuur, wordt het antwoord aan de klager ter kennis gebracht van de gemeenteraad.
Gelet op de klacht over het niet afleveren van een bewonerskaart, gericht aan de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant en luidend als volgt:
"Geachte heer/mevrouw,
Hierbij dien ik een verzoek tot administratief toezicht in met betrekking tot de toepassing van het parkeerreglement door de Stad Aarschot op mijn adres: Bleekstraat 9B/0101. 3200 Aarschot.
Mijn aanvraag voor een bewonerskaart werd geweigerd op grond dat mijn straat volgens de officiële stratenlijst niet behoort tot de zones waar bewonerskaarten worden toegekend.
Ik betwist niet dat de stad zich baseert op een bestaande stratenlijst, maar stel ernstige vragen bij de kenbaarheid, transparantie en rechtszekerheid van deze regelgeving, en de wijze waarop deze in mijn concrete situatie werd toegepast.
1. Schending van het beginsel van rechtszekerheid en kenbaarheid van regelgeving
Overeenkomstig met artikel 333, tweede lid van het decreet over het lokaal bestuur wordt de beslissing van de gouverneur (antwoord aan de klager) ter kennis gebracht van de gemeenteraad.
De gemeenteraad neemt kennis van de ontvangen klacht en van het antwoord van de gouverneur aan de klager.
De gemeenteraad gaat akkoord met de verlenging van het gemeentelijk toelagereglement voor kadervorming, zonder inhoudelijke aanpassingen.
Het stadsbestuur erkent het belang van jeugdwerk en wil jongeren stimuleren om vormingen te volgen die de kwaliteit van het jeugdwerk bevorderen.
De financiële ondersteuning van dergelijke initiatieven gebeurt op basis van de beslissing van de gemeenteraad van 22.06.2023 houdende goedkeuring van het reglement van Jeugdwerkondersteuning en wordt met deze beslissing verlengd zonder inhoudelijke aanpassing.
Het stadsbestuur erkent het belang van jeugdwerk en wil jongeren stimuleren om vormingen te volgen die de kwaliteit van het jeugdwerk bevorderen.
De financiële ondersteuning van dergelijke initiatieven gebeurt op basis van de beslissing van de gemeenteraad van 22.06.2023 houdende goedkeuring van het reglement van Jeugdwerkondersteuning en wordt met deze beslissing verlengd zonder inhoudelijke aanpassing.
In het meerjarenplan 2026 - 2031 op MJP200456 zijn volgende kredieten beschikbaar met betrekking tot het bovenvermeld gemeentelijk toelagereglement:
Van 2026 tem. 2031, jaarlijks 4030 euro.
Artikel 1 - doel
Binnen de kredieten voorzien in het lopende meerjarenplan wordt onder de hierna vermelde voorwaarden aan de doelgroep een gemeentelijke toelage verleend die tot doel heeft jongeren in het jeugdwerk te stimuleren om vormingsinitiatieven te volgen.
Artikel 2 - doelgroep
Alle jongeren (tot 30 jaar) die behoren tot het Aarschots jeugdwerk komen in aanmerking voor een toelage.
Bedoeld worden hier:
Ook jongeren die geen lid zijn van een jeugdbeweging, maar wel inwoner van Aarschot, die deelnemen aan vormingsinitiatieven komen in aanmerking voor een toelage, op voorwaarde dat de aanvrager zicht dienstbaar maakt voor het Aarschotse jeugdwerk.
Artikel 3 - definitie(s)
Onder jeugdwerk wordt in dit reglement verstaan: “groepsgericht sociaal-cultureel werk op basis van niet-commerciële doelen voor of door kinderen en jongeren van 3 tot 30 jaar, in de sfeer van de vrije tijd, onder educatieve begeleiding en ter bevordering van de algemene en integrale ontwikkeling van de jeugd die daaraan deelneemt op vrijwillige basis en georganiseerd door particuliere jeugdverenigingen, of door gemeentelijke of provinciale openbare besturen”.
Artikel 4 - aanvraagprocedure
Elke aanvraag moet gericht worden aan het college van burgemeester en schepenen.
De aanvraag kan gebeuren via het standaard aanvraagformulier of via het digitaal loket.
De verleende toelage wordt uitbetaald aan de betaler van de cursus. Dit kan zowel de cursist als een derde zijn. Op het aanvraagformulier kan de cursist aangeven wie de cursus heeft gefinancierd. Deze gegevens moeten overeenstemmen met het bijgevoegd deelnameattest van de gevolgde cursus.
Aanvragen dienen te gebeuren ten laatste 12 maand na het volgen van de cursus. Aanvragen die voor 15 november worden ingediend, worden in hetzelfde jaar betoelaagd. Aanvragen die na 15 november van datzelfde jaar worden ingediend, worden pas in het jaar hierop volgend betoelaagd.
Het college van burgemeester en schepenen zal na controle van het aanvraagdossier door de bevoegde ambtenaar al dan niet zijn goedkeuring verlenen tot uitbetaling van de toelage. Na goedkeuring van de toelage door het college van burgemeester en schepenen wordt de toelage binnen een periode van 30 kalenderdagen uitbetaald.
Artikel 5 - voorwaarden/beoordelingscriteria
Om voor subsidiëring in aanmerking te komen dient een cursus een minimumduur te hebben van 4 uur werkelijke vorming en dient de cursus georganiseerd door erkende jeugdorganisaties, koepels of federaties van jeugdwerkinitiatieven die opgenomen zijn in de lijst van de erkende landelijk georganiseerde jeugdverenigingen opgesteld door het agentschap voor sociaal-cultureel werk voor jeugd- en volwassenen. Andere soorten van vorming komen hiervoor niet in aanmerking. De cursus moet een duidelijke meerwaarde kunnen bieden in de dagelijkse werking van het Jeugdwerkinitiatief. De Jeugdraad het stadsbestuur behouden zich het recht om een aanvraag niet ontvankelijk te verklaren.
Artikel 6 - bedrag
De toelage wordt procentueel berekend en verdeeld aan de hand van het aantal aanvragen en het beschikbare budget op de toelagepost kadervorming.
Het College van burgemeester en schepenen stelt het principiële bedrag van de betoelaging vast na advies van de jeugdraad.
De toelage voorzien volgens dit gemeentelijk toelagereglement is niet combineerbaar met andere (gemeentelijke) toelagen.
Artikel 7 - controle/sancties
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de verdere uitwerking en de controle op de aanwending van de toelage overeenkomstig de bepalingen van de beslissing van de gemeenteraad van 10.03.2022 houdende goedkeuring van het reglement 'controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen'
Het college van burgemeester en schepenen kan de subsidie geheel of gedeeltelijk terugvorderen in de gevallen waarbij:
Indien de bewijsstukken onjuist of onvolledig zijn, kan het stadsbestuur de subsidie of een gedeelte ervan terugvorderen en/of toekomstige subsidiëring uitsluiten.
De gemeenteraad keurt de verlenging van het gemeentelijk toelage reglement voor de ondersteuning van jeugdwerk goed, zonder inhoudelijke aanpassingen.
Het stadsbestuur erkent het belang van jeugdwerk en wil daarom jeugdverenigingen in Aarschot ondersteunen.
De financiële ondersteuning van dergelijke initiatieven gebeurt op basis van de beslissing van de gemeenteraad van 09.10.25 houdende goedkeuring van het reglement van Jeugdwerkondersteuning en wordt met deze beslissing verlengd zonder inhoudelijke aanpassingen.
Het reglement dat aan de gemeenteraad wordt voorgelegd, bevat drie grote ondersteuningsdoelen:
Het stadsbestuur erkent het belang van jeugdwerk en wil daarom jeugdverenigingen in Aarschot ondersteunen.
De financiële ondersteuning van dergelijke initiatieven gebeurt op basis van de beslissing van de gemeenteraad van 09.10.25 houdende goedkeuring van het reglement van Jeugdwerkondersteuning en wordt met deze beslissing verlengd zonder inhoudelijke aanpassingen.
Het reglement dat aan de gemeenteraad wordt voorgelegd, bevat drie grote ondersteuningsdoelen:
In het meerjarenplan 2026-2031 zijn volgende kredieten beschikbaar met betrekking tot het bovenvermeld gemeentelijk toelagereglement:
Op MJP200453, van 2026 tem. 2031, jaarlijks 16.000 euro.
Op MJP200454, van 2026 tem. 2031, jaarlijks 9.500 euro.
Op MJP200558, van 2026 tem. 2031, met een jaarlijks basisbedrag 26.000 euro.
Artikel 1 - doel
Binnen de kredieten voorzien in het lopende meerjarenplan wordt onder de hierna vermelde voorwaarden aan de doelgroep een gemeentelijke toelage verleend die tot doel heeft jeugdwerkinitiatieven te ondersteunen in hun werking.
Artikel 2 - doelgroep
Komen in aanmerking voor een toelage: alle erkende jeugdwerkinitiatieven (jeugdbewegingen en jeugdverenigingen) die als hoofddoel hebben het organiseren van initiatieven en activiteiten door vrijwillige jongeren, waarbij jongeren en kinderen centraal staan.
2.1 - erkenning
Voorwaarden om erkend te worden als jeugdbeweging in Aarschot
De erkenning wordt voorgelegd aan de Jeugdraad en het college van burgemeester en schepenen. Na goedkeuring heeft de jeugdvereniging recht op een toelage vanaf het volgende werkingsjaar.
Wanneer het jeugdwerkinitiatief niet aan bovenstaande vereisten voldoet, kan deze alsnog als jeugdbeweging erkend worden na gunstig advies van de Jeugdraad maar heeft deze geen recht op financiële ondersteuning, wel logistieke ondersteuning.
De Jeugdraad behoudt de machtiging tot schorsing
Artikel 3 - definitie(s)
Onder jeugdwerkinitiatief wordt in dit reglement verstaan: Elke vereniging of beweging die jeugdwerk uitoefent en als hoofddoel heeft het organiseren van initiatieven en activiteiten door vrijwillige jongeren, waarbij jongeren en kinderen centraal staan.
Onder jeugdwerk wordt in dit reglement verstaan: “groepsgericht sociaal-cultureel werk op basis van niet-commerciële doelen voor of door kinderen en jongeren van 3 tot 30 jaar, in de sfeer van de vrije tijd, onder educatieve begeleiding en ter bevordering van de algemene en integrale ontwikkeling van de jeugd die daaraan deelneemt op vrijwillige basis en georganiseerd door particuliere jeugdverenigingen, of door gemeentelijke of provinciale openbare besturen”.
Onder Kampvervoer wordt in dit reglement verstaan: Het vervoer van bagage en/of materiaal van het jeugdlokaal te Aarschot naar de kampplaats en terug.
Onder Kampplaats wordt in dit reglement verstaan: Een accommodatie voor overnachting hetzij onder de vorm van een daartoe bestemd gebouw, hetzij onder de vorm van een tentenkamp of een combinatie van beide.
Artikel 4 - aanvraagprocedure
Elke aanvraag moet gericht worden aan het college van burgemeester en schepenen voor 15 november van het jaar waarop de toelage is voorzien.
De aanvraag kan gebeuren via het standaard aanvraagformulier of via het digitaal loket.
De aanvraag bevat ten minste volgende gegevens/documenten:
Het college van burgemeester en schepenen zal na controle van het aanvraagdossier door de bevoegde ambtenaar en advies van de Jeugdraad al dan niet zijn goedkeuring verlenen tot uitbetaling van de toelage. Na goedkeuring van de toelage door het college van burgemeester en schepenen wordt de toelage binnen een periode van 30 kalenderdagen uitbetaald.
Artikel 5 - voorwaarden/beoordelingscriteria
Het gebruik van het Nederlands in Vlaanderen is belangrijk. Om actief gebruik van het Nederlands te promoten, wordt bepaald dat de subsidieontvanger het engagement moet aangaan om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten.
Artikel 5.1 ONDERSTEUNING VAN JEUGDWERKINITATIEVEN
Artikel. 5.1.1: Puntensysteem
De verdeling van de toelagen gebeurt op basis van een puntensysteem. Volgende zaken komen in aanmerking voor de toekenning van punten:
1° Aantal actieve leden
De ledenlijst, ingediend op moment van aanvraag, telt als controle.
2° Activiteiten: aanbod
Volgende activiteiten komen in aanmerking:
Per activiteit kan er slechts in één categorie punten worden toegekend.
De jeugddienst bezorgt de jeugdverenigingen een lijst ter indicatie welke activiteiten in aanmerking komen. Deze lijst is niet bindend.
3° Lid van de Jeugdraad
Aanwezigheid van minstens 2 personen per jeugdbeweging op 2 Algemene Vergaderingen van jeugdraad Aarschot: 20 punten
(Bestuursleden vallen niet onder deze regeling)
Lid van het dagelijks bestuur van de jeugdraad:
4° Kwaliteit van de begeleiding
Per leider/leidster wordt een bonus van 10 punten toegekend per behaald brevet:
Per persoon kan er slechts in één categorie punten worden toegekend.
Kopieën van de brevetten moeten samen met het aanvraagformulier aan de jeugddienst bezorgd worden.
5°. De jeugdverenigingen moeten één keer per jaar (voor 15 november) een controle uitvoeren in hun lokalen om de brandveiligheid in kaart te brengen.
Als de brandveiligheid in orde is, worden er 50 punten toegekend aan de jeugdvereniging.
Indien de brandveiligheid niet conform is en de jeugdvereniging laat na om dit in orde te brengen, kan de uitbetaling van de toelage geschorst worden.
6° Alle berekeningen gebeuren op basis van de gegevens van het voorafgaande werkingsjaar dat ingaat vanaf 1 september en loopt tot 31 augustus.
Artikel. 5.1.2: Financiële waarde van een punt
Elke jeugdbeweging die voldoet aan de voorwaarden en een aanvraag heeft ingediend ontvangt een forfaitaire bijdrage van € 1000,00.
Het resterende bedrag wordt verdeeld aan de hand van bovenstaand puntensysteem
Het restbedrag voor ondersteuning van jeugdverenigingen voorzien volgens het reglement, gedeeld door het totaal aantal toegekende punten geeft de financiële waarde van 1 punt. Dit bedrag wordt vermenigvuldigd met het behaalde aantal punten van de vereniging om de jaarlijkse ondersteuning te bekomen.
Artikel 5.2 KAMPONDERSTEUNING
Artikel 5.2.1 Voorwaarden
Alle erkende jeugdbewegingen kunnen beroep doen op de toelage van kampondersteuning.
Iedere jeugdbeweging organiseert zelfstandig het kamp. Per jeugdvereniging komt maximaal 1 kamp in aanmerking.
Eén rit is een heen- en terugreis en dient te gebeuren in de maanden juni tot september.
Een rit bestaat uit de kortste weg tussen het jeugdbewegingslokaal en de kampplaats. Enkel onkosten op het Belgisch grondgebied worden vergoed.
Artikel 5.2.2: Financiële waarde van een punt
Elke jeugdbeweging die tijdens het uit te keren werkjaar een kamp heeft georganiseerd ontvangt een forfaitaire bijdrage van € 400,00.
Het resterende bedrag wordt verdeeld aan de hand van onderstaand puntensysteem
Volgende zaken komen in aanmerking voor de toekenning van de punten:
1. Het aantal kilometers tussen het jeugdbewegingslokaal en de kampplaats. Heen- en terugrit hebben een percentagegewicht van 20%.
De jeugddienst berekent het aantal kilometers tussen het jeugdbewegingslokaal en kampplaats. De kortste route komt in aanmerking voor de telling.
2. Aantal leden ingeschreven in het werkjaar van het kamp heeft een percentagegewicht van 50%
3. Het soort kamp heeft een percentagegewicht van 30%
Onderverdeeld als:
Artikel 5.3 BOUW - OF VERBOUWINGSWERKEN
Artikel 5.3.1 Onderwerp van de betoelaging
Een erkende jeugdbeweging kan betoelaagd worden bij de nieuwbouw van een lokaal, bij verbouwings- of verbeteringswerken aan een lokaal waar de vereniging het gebruikersrecht van bezit, bij aankoop van een lokaal, binnen het krediet daartoe voorzien in het budget van Stad Aarschot en volgens de voorwaarden hieronder bepaald. De jeugdbeweging dient niet noodzakelijk de bouwheer te zijn.
Artikel 5.3.2 Eigendoms- en gebruiksvoorwaarden
Bij nieuwbouw moet de grond waarop het gebouw wordt opgetrokken ofwel eigendom zijn van de vereniging ofwel van de stad Aarschot ofwel moet er een schriftelijke overeenkomst zijn tussen de vereniging en de eigenaar of de titularis van zakelijk recht van opstal van de grond, aangaande het gebruiksrecht van de grond, die op het moment van de aanvraag nog tenminste 30 jaar loopt.
Bij verbouwings- of verbeteringswerken moet de grond of het gebouw waarop dit gebeurt ofwel eigendom zijn van de vereniging ofwel van de stad Aarschot ofwel moet er een schriftelijke overeenkomst zijn tussen de vereniging en de eigenaar of de titularis van zakelijk recht van opstal van de grond, aangaande het gebruiksrecht van de grond, die op het moment van de aanvraag nog tenminste 30 jaar loopt.
Bij aankoop van een lokaal moet het lokaal volledig eigendom worden van de jeugdbeweging.
Artikel 5.3.3 Voor betoelaging in aanmerking komende kosten
§1. Komen voor betoelaging in aanmerking:
§2. Komen niet voor betoelaging in aanmerking:
Artikel 5.3.4 Berekening van de toelage.
Indien de totale toelage voor alle aanvragen in een bepaald jaar het in het budget van de stad voorziene bedrag voor deze betoelaging overschrijdt, wordt de toelage per aanvraag procentueel berekend. Dit wordt telkens berekend na de uiterste datum voor het indienen van de aanvragen, bijgevolg kunnen de toelagen pas vanaf dan worden uitgekeerd. Het overschot van de kosten die in aanmerking komen, wordt automatisch meegenomen naar het volgende jaar.
De maximale toelage per jaar is gelijk aan het bedrag dat jaarlijks wordt voorzien met aftrekking van de reeds toegekende toelagen betreffende die werken.
Artikel 5.3.6. Gewaarborgd bedrag
Voor grote bouwprojecten (aanpassingen van het speelterrein zijn hiervoor uitgesloten) die het jaarlijks voorziene bedrag automatisch overschrijden, wil De Stad Aarschot een maximum gewaarborgd bedrag in geval van lening kunnen garanderen. Zodat projecten zeker kunnen zijn van hun gekregen bedrag om zo een lening te kunnen aangaan. Deze lening moet worden aangegaan bij een vereniging/instelling/dienst. Indien ze door de bovenstaande verdeling dit gewaarborgde bedrag mogen ontvangen, vervalt onderstaande regel. De periode is bepaald op 10 jaar met een mogelijkheid de termijn op te trekken wanneer het ontvangen bedrag van de bouwtoelage ontoereikend is.
Procedure: 1 jaar voor de start van de bouw, stelt de aanvrager een financieel plan voor aan het college van burgemeester en schepenen. Het financiële plan is een omschrijving van de inkomsten en uitgaven in functie van het bouwproject. Samen met dit plan wordt een vermoedelijke datum van de aanvang van de werken doorgegeven. Nadat dit financiële plan is voorgelegd, wordt er een voorstel van gewaarborgd bedrag meegedeeld aan de vereniging.
Dit bedrag kan enkel ook terug betaald worden na voorleggen van afschriften van facturen en voor kosten zoals omschreven in artikel 5.3.3.
In totaal kan het gewaarborgde bedrag maximum 5% van het geleende bedrag zijn. Dit bedrag kan jaarlijks herzien worden in functie van de lening. (bv. als men een hoger bedrag in het voorbije jaar heeft ontvangen, wordt dit herzien voor het jaar erop.) Het bedrag wordt voorzien uit de post van bouwtoelage.
Volgende bewijsstukken dienen extra te worden ingediend:
Beroep doen op deze vorm van betoelaging kan voor dezelfde vereniging maar 1 maal op een termijn van 10 jaar. Dit houdt in dat er wel een uitbetaling kan gebeuren gedurende meerdere jaren van het afgesproken gewaarborgd bedrag, maar dat er geen tweede aanvraag kan worden ingediend binnen een periode van 10 jaar. Uitgezonderd voor een heroprichting t.g.v. overmacht (brand, storm).
Artikel 6 - bedrag
Het subsidiebedrag wordt berekend aan de hand van de beschikbare budgetten en bovenstaande criteria.
Het College van burgemeester en schepenen stelt het principiële bedrag van de betoelaging vast na advies van de jeugdraad.
Eenzelfde jeugdwerkinitiatief of een duidelijk afgebakend gedeelte ervan komt slechts éénmaal per jaar in aanmerking voor de ondersteuning.
De toelage voorzien volgens dit gemeentelijk toelagereglement is niet combineerbaar met andere (gemeentelijke) toelagen gericht op dezelfde doelstelling van de vereniging/aanvrager.
Indien kredieten voorzien voor de uitvoering van dit reglement (met uitzondering van de bouwtoelage) niet zijn opgebruikt, kan de Jeugdraad het college van burgemeester adviseren over de verdeling van de overschotten.
Artikel 7 - controle/sancties
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de verdere uitwerking en de controle op de aanwending van de toelage overeenkomstig de bepalingen van de beslissing van de gemeenteraad van 10.03.2022 houdende goedkeuring van het reglement 'controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen'
Het college van burgemeester en schepenen kan de subsidie geheel of gedeeltelijk terugvorderen in de gevallen waarbij:
Het stadsbestuur kan na afloop van de activiteiten bewijsstukken opvragen om de effectieve kosten vast te stellen. Indien de bewijsstukken onjuist of onvolledig zijn, kan het stadsbestuur de subsidie of een gedeelte ervan terugvorderen en/of toekomstige subsidiëring uitsluiten.
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 van het AGB Aarschot, die door de raad van bestuur van het AGB Aarschot werd vastgesteld op 25 juni 2026, goed. Hierdoor is de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031, in bijlage, in zijn geheel definitief vastgesteld. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor 2026.
De raad van bestuur van het AGB Aarschot heeft de beleids- en financiële planning vastgelegd in een meerjarenplan voor de periode 2026 tot 2031. Gelet op de noodzaak tot wijziging van het meerjarenplan wordt het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan, zie bijlage, eerst vastgesteld door de raad van bestuur en vervolgens voorgelegd aan de gemeenteraad ter goedkeuring. Na goedkeuring door de gemeenteraad is de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 definitief vastgesteld.
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Het budget is geen afzonderlijk beleidsrapport meer, maar wordt geïntegreerd in het meerjarenplan. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor dat jaar.
Het meerjarenplan van het AGB Aarschot is financieel in evenwicht als het geraamd beschikbaar budgettair resultaat in geen enkel jaar negatief is.
In toepassing van de bepalingen van het decreet lokaal bestuur werd het ontwerp van de aanpassing van het meerjarenplan op 10 juni 2026 aan de raadsleden bezorgd.
Voorstel van besluit:
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 van het AGB Aarschot, die door de raad van bestuur van het AGB Aarschot werd vastgesteld op 25 juni 2026, goed. Hierdoor is de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031, in bijlage, in zijn geheel definitief vastgesteld. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor 2026.
In toepassing van de bepalingen van het decreet lokaal bestuur werd het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan op 10 juni 2026 aan de raadsleden bezorgd.
Het meerjarenplan 2026-2031, zie bijlagen, bestaat uit volgende onderdelen:
Het meerjarenplan van het AGB Aarschot is financieel in evenwicht vermits het geraamd beschikbaar budgettair resultaat in geen enkel jaar negatief is.
Enig artikel
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 van het AGB Aarschot, die door de raad van bestuur van het AGB Aarschot werd vastgesteld op 25 juni 2026, goed. Hierdoor is de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031, in bijlage, in zijn geheel definitief vastgesteld. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor 2026.
De gemeenteraad stelt haar deel van de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 vast, zoals in bijlage toegevoegd. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor 2026.
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Gelet op de noodzaak tot wijziging van het meerjarenplan wordt het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031, zie bijlage, voorgelegd aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst het eigen deel van de aanpassing van het meerjarenplan vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van de aanpassing van het meerjarenplan, die de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 definitief is vastgesteld. Door die goedkeuring wordt het beleidsrapport in zijn geheel definitief vastgesteld.
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Het budget is geen afzonderlijk beleidsrapport meer, maar wordt geïntegreerd in het meerjarenplan. Vermits elke rechtspersoon (stad en OCMW) voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in het meerjarenplan wel een duidelijk onderscheid tussen de kredieten van de stad en die van het OCMW. Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (M3), waarin de kredieten voor de stad en het OCMW apart worden opgenomen.
Omdat de stad en het OCMW een geïntegreerd meerjarenplan maken, wordt het financieel evenwicht voor de twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld. Het meerjarenplan is financieel in evenwicht als het voldoet aan de volgende voorwaarden:
De twee bovenvermelde normen worden aangevuld met indicatoren over het geconsolideerd financieel evenwicht en de gecorrigeerde autofinancieringsmarge. Dit zijn evenwel geen afdwingbare normen.
In toepassing van de bepalingen van het decreet lokaal bestuur werd het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan op 10 juni 2026 aan de raadsleden bezorgd.
Voorstel van besluit:
De gemeenteraad stelt haar deel van de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 vast, zoals in bijlage toegevoegd.
Gelet op
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Gelet op de noodzaak tot wijziging van het meerjarenplan wordt het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031, zie bijlage, voorgelegd aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn. Het budget is geen afzonderlijk beleidsrapport meer, maar wordt geïntegreerd in het meerjarenplan. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor 2026.
In toepassing van de bepalingen van het decreet lokaal bestuur werd het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan op 10 juni 2026 aan de raadsleden bezorgd.
Het meerjarenplan 2026-2031, zie bijlagen, bestaat uit volgende onderdelen:
Het meerjarenplan 2026-2031 van stad en OCMW Aarschot is financieel in evenwicht vermits het voldoet aan de volgende voorwaarden:
Enig artikel
De gemeenteraad stelt haar deel van de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 vast, zoals in bijlage toegevoegd. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor 2026.
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031, die de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld op 25 juni 2026, goed, zoals in bijlage toegevoegd. Hierdoor is de aanpassing van het meerjarenplan in zijn geheel definitief vastgesteld. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor 2026.
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Gelet op de noodzaak tot wijziging van het meerjarenplan wordt het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031, zie bijlage, voorgelegd aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst het eigen deel van de aanpassing van het meerjarenplan vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van de aanpassing van het meerjarenplan, die de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 definitief is vastgesteld. Door die goedkeuring wordt het beleidsrapport in zijn geheel definitief vastgesteld.
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Het budget is geen afzonderlijk beleidsrapport meer, maar wordt geïntegreerd in het meerjarenplan. Vermits elke rechtspersoon (stad en OCMW) voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in het meerjarenplan wel een duidelijk onderscheid tussen de kredieten van de stad en die van het OCMW. Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (M3), waarin de kredieten voor de stad en het OCMW apart worden opgenomen.
Omdat de stad en het OCMW een geïntegreerd meerjarenplan maken, wordt het financieel evenwicht voor de twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld. Het meerjarenplan is financieel in evenwicht als het voldoet aan de volgende voorwaarden:
De twee bovenvermelde normen worden aangevuld met indicatoren over het geconsolideerd financieel evenwicht en de gecorrigeerde autofinancieringsmarge. Dit zijn evenwel geen afdwingbare normen.
In toepassing van de bepalingen van het decreet lokaal bestuur werd het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan op 10 juni 2026 aan de raadsleden bezorgd.
Voorstel van besluit:
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2026 - 2031, die de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld op 25 juni 2026, goed, zoals in bijlage toegevoegd. Hierdoor is de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 in zijn geheel definitief vastgesteld.
Gelet op
Het meerjarenplan vormt de basis voor het beleid van het bestuur. Gelet op de noodzaak tot wijziging van het meerjarenplan wordt het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031, zie bijlage, voorgelegd aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn. Het budget is geen afzonderlijk beleidsrapport meer, maar wordt geïntegreerd in het meerjarenplan. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor 2026.
In toepassing van de bepalingen van het decreet lokaal bestuur werd het ontwerp van aanpassing van het meerjarenplan op 10 juni 2026 aan de raadsleden bezorgd.
Het meerjarenplan 2026-2031, zie bijlagen, bestaat uit volgende onderdelen:
Het meerjarenplan 2026-2031 van stad en OCMW Aarschot is financieel in evenwicht vermits het voldoet aan de volgende voorwaarden:
Enig artikel
De gemeenteraad keurt de aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031, die de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld op 25 juni 2026, goed, zoals in bijlage toegevoegd. Hierdoor is de aanpassing van het meerjarenplan in zijn geheel definitief vastgesteld. De ramingen, die voor het boekjaar 2026 in het meerjarenplan zijn ingeschreven voor de exploitatie, investeringen en financiering, zijn ook de kredieten voor 2026.
De gemeenteraad stelt de aangepaste lijst van nominatieve werkings- en investeringstoelagen 2026 vast.
In toepassing van artikel 41, 23° van het decreet lokaal bestuur kan de gemeenteraad haar bevoegdheid voor het toekennen van nominatieve subsidies niet toevertrouwen aan het college van burgemeester en schepenen. De bevoegdheid voor de toekenning van nominatieve subsidies ligt dus volledig bij de gemeenteraad. Tot en met 2019 was de lijst met nominatieve subsidies een verplichte bijlage bij het budget, de goedkeuring van het budget impliceerde automatisch ook de goedkeuring van de nominatieve subsidies. Vanaf BBC 2020 bestaat het beleidsrapport 'budget' en haar verplichte bijlagen niet meer. De nominatieve subsidies nemen vanaf BBC 2020 de vorm aan van een afzonderlijk besluit van de gemeenteraad. Aan de gemeenteraad wordt daarom de aangepaste lijst van nominatieve werkings- en investeringstoelagen van 2026 voorgelegd, zoals bepaald in het document in bijlage.
Ontwerp besluit:
De gemeenteraad stelt de aangepaste lijst van nominatieve werkings- en investeringstoelagen van 2026 vast, zoals bepaald in het document in bijlage.
Gelet op
In het meerjarenplan 2026-2031, zoals goedgekeurd door de raad op 18 december 2025 en gewijzigd op 25 juni 2026, zijn de nominatieve werkings- en investeringstoelagen opgenomen.
Artikel 1
De gemeenteraad stelt de aangepaste lijst van nominatieve werkings- en investeringstoelagen 2026 vast, zoals bepaald in het document in bijlage.
Artikel 2
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de verdere uitvoering conform het gemeentelijk reglement 'Controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen' zoals vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 10.03.2022.
De gemeenteraad neemt kennis van het besluit van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant houdende goedkeuring van de jaarrekening 2025 van de politiezone Aarschot.
Het besluit van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant over de goedkeuring van de jaarrekening 2025 van de politiezone Aarschot wordt ter kennisgeving voorgelegd aan de gemeenteraad.
Enig artikel
Kennisname van het besluit van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant houdende goedkeuring van de jaarrekening 2025 van de politiezone Aarschot.
De gemeenteraad neemt kennis van de beslissing van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant van 19.05.2026 houdende goedkeuring van de personeelsformatie van de politiezone Aarschot.
De gemeenteraad wordt kennis gegeven van de beslissing van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant van 19.05.2026 houdende goedkeuring van de personeelsformatie van de politiezone Aarschot.
Gelet op het bijgevoegd besluit van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant van 19.05.2026 houdende goedkeuring van de personeelsformatie van de politiezone Aarschot.
Enig artikel
De gemeenteraad neemt kennis van bovengenoemd besluit van de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant van 19.05.2026.
Door de uitrol van UiTPAS bij de sportverenigingen en de erkenning van sportverenigingen met een beperkte zomerwerking dringt de aanpassing van het toelagereglement zich op. De gemeenteraad stemt in met de aanpassing gemeentelijk toelagereglement voor de ondersteuning van sportverenigingen.
Door de uitrol van UiTPAS naar de sportverenigingen en de erkenning van sportverenigingen met een beperkte zomerwerking dringt de aanpassing van het toelagereglement zich op.
Aan de gemeenteraad wordt daarom een voorstel tot aanpassing van het reglement voorgelegd, om van toepassing te zijn in het volgende werkingsjaar dat start vanaf 01.07.2026.
VOORSTEL tot aanpassingen
Door de uitrol van UiTPAS bij de sportverenigingen en de erkenning van sportverenigingen met een beperkte zomerwerking dringt de aanpassing van het toelagereglement zich op.
Aan de gemeenteraad wordt daarom een voorstel tot aanpassing van het reglement voorgelegd, om van toepassing te zijn in het volgende werkingsjaar dat start vanaf 01.07.2026.
VOORSTEL tot aanpassingen
In het meerjarenplan 2026-2031 op MJP200433 zijn volgende kredieten beschikbaar met betrekking tot het bovenvermeld gemeentelijk toelagereglement:
(ter vervanging van de beslissing van de gemeenteraad van 22.06.2023 houdende goedkeuring van het reglement betreffende het gemeentelijk toelagereglement voor de ondersteuning van sportverenigingen)
Artikel 1 - doel
Binnen de kredieten voorzien in het lopende meerjarenplan wordt onder de hierna vermelde voorwaarden aan de doelgroep een gemeentelijke toelage verleend die tot doel heeft bij te dragen tot de kwalitatieve verbetering van de begeleiding van de leden van de sportverenigingen.
Artikel 2 - doelgroep
Feitelijke verenigingen en vzw’s, die op recreatief en/of competitief vlak activiteiten ontwikkelen ten voordele van de eigen inwoners kunnen beroep doen op dit subsidiereglement.
De sportvereniging moet door de stad Aarschot erkend zijn en voldoen aan de in het erkenningsreglement omschreven erkenningsvoorwaarden.
Artikel 3 - definitie(s)
Artikel 4 - aanvraagprocedure
Elke aanvraag moet gericht worden aan het college van burgemeester en schepenen.
De aanvraag kan gebeuren via het standaard aanvraagformulier of via het digitaal loket.
De aanvraag bevat ten minste volgende gegevens/documenten:
Het college van burgemeester en schepenen zal na controle van het aanvraagdossier door de bevoegde ambtenaar al dan niet zijn goedkeuring verlenen tot uitbetaling van de toelage. Na goedkeuring van de toelage door het college van burgemeester en schepenen wordt de toelage binnen een periode van 30 kalenderdagen uitbetaald.
Artikel 5 - voorwaarden/beoordelingscriteria
Het gebruik van het Nederlands in Vlaanderen is belangrijk. Om actief gebruik van het Nederlands te promoten, wordt bepaald dat de subsidieontvanger het engagement moet aangaan om het belang van het gebruik van het Nederlands te erkennen bij de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten.
Elke vereniging moet binnen het werkingsjaar een actieve werking van minstens 8 maanden hebben.
Elke aanvraag zal getoetst worden aan de hand van volgende voorwaarden/beoordelingscriteria:
Vereniging heeft een werking voor leden vanaf 40 jaar op regelmatige basis (bv wekelijks seniorenuurtje), vermeld op de eigen website/sociale media 5p
Vereniging heeft een G-Sport afdeling, vermeld op de eigen website/sociale media 5p
Vereniging werkt met het systeem van de UiTPAS van de stad Aarschot mee aan een optimale integratie van specifieke doelgroepen 10p
Vereniging heeft leden aangesloten met het systeem van UiTPAS: terugbetaling van 10% van het lidgeld per aangesloten lid met kansentarief
2.b. Een regelmatig en aantrekkelijk activiteitenaanbod op competitieniveau aanbieden.
Vereniging treedt met 1 ploeg of 5 individuele leden aan in competitie 5p
Vereniging treedt met 3 ploegen of 15 individuele leden aan in competitie 15p
Vereniging treedt met 5 ploegen of 25 individuele leden aan in competitie 25p
Vereniging treedt met minstens 7 ploegen of 35 individuele leden aan in competitie 35p
B. Kwantitatieve aspecten
1. Aantal leden
Vereniging heeft > 10 leden 3p
Vereniging heeft > 25 leden 6p
Vereniging heeft > 50 leden 9p
Vereniging heeft > 100 leden 15p
Vereniging heeft > 200 leden 24p
2. Aanwezigheid op vergaderingen van de sportraad
Vereniging is aanwezig geweest op de algemene vergadering en minstens 1 sectievergadering 15p
Artikel 6 - bedrag
De toelage voorzien volgens dit gemeentelijk toelagereglement is niet combineerbaar met andere gemeentelijke toelagen gericht op dezelfde doelstelling van de vereniging.
Artikel 7 - controle/sancties
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de verdere uitwerking en de controle op de aanwending van de toelage overeenkomstig de bepalingen van de beslissing van de gemeenteraad van 10.03.2022 houdende goedkeuring van het reglement 'controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen'
Het college van burgemeester en schepenen kan de subsidie geheel of gedeeltelijk terugvorderen in de gevallen waarbij
Het stadsbestuur kan na afloop van de activiteiten bewijsstukken opvragen om de effectieve kosten vast te stellen. Indien de bewijsstukken onjuist of onvolledig zijn, kan het stadsbestuur de subsidie of een gedeelte ervan terugvorderen en/of toekomstige subsidiëring uitsluiten.
Artikel 8 - inwerkingtreding
Het huidige reglement is van toepassing vanaf 01.07.2026.
De gemeenteraad hecht goedkeuring aan het reglement tussenkomst voor de vervanging van LED-verlichting door erkende sportvereniging.
Reglement waardoor het mogelijk wordt een forfaitaire tussenkomst van 2.000 euro toe te kennen aan erkende sportverenigingen die hun terreinverlichting willen vervangen door LED-verlichting, dit kadert binnen het duurzaam energiebeleid van de stad Aarschot.
Reglement waardoor het mogelijk wordt een forfaitaire tussenkomst van 2.000 euro toe te kennen aan erkende sportverenigingen die hun terreinverlichting willen vervangen door LED-verlichting, dit kadert binnen het duurzaam energiebeleid van de stad Aarschot.
Budget van 2.000 euro wordt aangevraagd in de aanpassing meerjarenplan juni 2026.
Enig artikel
De gemeenteraad hecht goedkeuring aan het reglement tussenkomst voor de vervanging van LED-verlichting door erkende sportvereniging, luidend als volgt:
Artikel 1
Binnen de mogelijkheden van de kredieten, voorzien in het budget van de stad Aarschot, kan eenmalig een subsidie verleend worden aan een erkende sportvereniging die hun terreinverlichting willen vervangen door LED-verlichting.
Artikel 2
Het bedrag is een eenmalige forfaitaire tussenkomst van 2.000 euro per erkende sportvereniging.
Artikel 3
Deze subsidie staat los van andere subsidies waar een erkende sportvereniging aanspraak op kan maken.
Artikel 4
Een subsidieaanvraag wordt schriftelijk of per e-mail ingediend bij de sportdienst van de stad Aarschot, Demervallei 8, 3200 Aarschot of sportdienst@aarschot.be
De aanvraag omvat een factuur van de plaatsing van LED-verlichting en toebehoren en een bewijs van betaling.
Het college stemt in met dit voorstel, verzoekt een gelijkaardige regeling toe passen voor zowel zwembad als Schoonhoven en beide overeenkomsten te agenderen voor de raden van 25 juni 2026.
De Stad Scherpenheuvel-Zichem wenst tussen te komen in de verhoogde toegangsprijzen van de zwemzone van Park Schoonhoven voor bezoekers die behoren tot Cultuurregio Oost-Brabant 'Cobra'.
Door de registratie van de ticketverkoop van inwoners uit Scherpenheuvel-Zichem kan er maandelijks een factuur worden opgemaakt met het verschil tussen het tarief inwoner Aarschot en inwoners van Scherpenheuvel-Zichem die behoren tot Cultuurregio Oost-Brabant 'Cobra':
|
|
Inwoner Aarschot | Cultuurregio Oost-Brabant 'Cobra' | Prijsverschil |
| Inkom +12 jaar | € 5 | € 10 | € 5 |
| Inkom 3-12 jaar | € 2,5 | € 5 | € 2,5 |
| 10 beurtenkaart | € 40 | € 80 | € 40 |
| Seizoensabonnement | € 100 | € 200 | € 100 |
Praktisch uitwerking:
Enig artikel
De gemeenteraad hecht goedkeuring aan de samenwerkingsovereenkomst tussen Stad Aarschot en stad Scherpenheuvel-Zichem m.b.t. zwemmen in Park Schoonhoven, als volgt:
Tussen enerzijds
Stad Scherpenheuvel-Zichem met zetel August Nihoulstraat 13, 3270 Scherpenheuvel-Zichem, met ondernemingsnummer 0216.769.462, hier vertegenwoordigd door de burgemeester, Kris Peetermans, handelend ingevolge de algemene delegatieverlening door de voorzitter van de gemeenteraad, mevrouw Esther Schoolmeesters en de algemeen directeur, Bruno Claes.
hierna "stad Scherpenheuvel-Zichem " genoemd
En anderzijds
Stad Aarschot met zetel Ten Drossaarde 1,3200 Aarschot met ondernemingsnummer 0207.515.464, hier vertegenwoordigd door de burgemeester, Gwendolyn Rutten en de algemeen directeur, Christi Van Calster.
hierna "stad Aarschot" genoemd
Artikel 1. Samenwerkingverband
Stad Scherpenheuvel-Zichem wenst samen te werken met stad Aarschot rond zwemmen in Park Schoonhoven.
Op die manier kunnen de inwoners van Scherpenheuvel-Zichem genieten van een zwemaanbod over de gemeentegrenzen heen tegen democratische tarieven.
Artikel 2. Definities
Artikel 3. Voorwerp
Met het aangaan van een samenwerkingsverband stelt stad Aarschot zwemmen in Park Schoonhoven open aan inwoners van Scherpenheuvel-Zichem aan dezelfde voordeeltarieven als deze van hun eigen inwoners.
Artikel 4. Prijs
Stad Scherpenheuvel-Zichem betaalt aan stad Aarschot een bedrag in euro volgens afrekening op maandbasis. De administratie van stad Aarschot legt hiervoor een afrekening voor gebaseerd op postcodecijfers vermeerderd met een overheadkost van 10% op het totale bedrag.
Artikel 5. Betaling
Stad Aarschot verstuurt de facturen via Peppol.
Stad Scherpenheuvel-Zichem verbindt zich ertoe de facturen binnen een termijn van 30 kalenderdagen na ontvangst te betalen.
Artikel 6. Exploitatievorm
Park Schoonhoven wordt onafhankelijk uitgebaat door stad Aarschot. Stad Aarschot beheert deze infrastructuren volledig autonoom en staan zelfstandig in voor de dagelijkse kosten en investeringen. Deze verbintenis brengt geen verdere verplichtingen en/of rechten met zich mee buiten deze bepaald in deze samenwerkingsovereenkomst.
Artikel 7. Gebruik van het zwembad
De wijze van gebruik van Park Schoonhoven wordt bepaald door het Parkreglement van stad Aarschot.
Artikel 8. Voordelen
Stad Scherpenheuvel-Zichem geniet met het aangaan van de samenwerkingsovereenomst van volgend voordeel voor haar inwoners.
Inwoners van Scherpenheuvel-Zichem zwemmen aan inwonerstarief voor de inwoners van Aarschot.
Artikel 9. Duur
Deze overeenkomst is van onbepaalde duur.
Artikel 10. Vroegtijdige beëindiging
Elke partij kan deze overeenkomst beëindigen met een opzegtermijn van zes maanden, mits schriftelijke kennisgeving. Bij ernstige wanprestatie kan de overeenkomst onmiddellijk worden beëindigd, mits ingebrekestelling en een hersteltermijn van 15 dagen.
Artikel 11. GDPR
Partijen verbinden zich ertoe persoonsgegevens uitsluitend te verwerken in overeenstemming met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (EU 2016/679).
Artikel 12. Aansprakelijkheid
Partijen zijn niet aansprakelijk voor indirecte schade. Elke partij verzekert zich tegen burgerlijke aansprakelijkheid voor de uitvoering van deze overeenkomst.
Artikel 13. Overmacht
Stad Aarschot is niet aansprakelijk voor tekortkoming in de uitvoering van deze overeenkomst, indien de vertraging of tekortkoming het gevolg is van overmacht of bij het uitvoeren van herstellingswerken in kader van het goed beheer van de zweminfrastructuur
Onder overmacht worden alle onvoorzienbare gebeurtenissen verstaan die onafhankelijk zijn van de wil en/of buiten de controle van de lokale besturen.
Artikel 14. Diverse bepalingen
De onwettigheid van een bepaling van deze overeenkomst heeft niet tot gevolg dat de gehele overeenkomst onwettig wordt. De partijen verbinden zich ertoe in dat geval te goeder trouw te handelen en de ongeldige bepaling te vervangen door een geldige bepaling die zo dicht mogelijk aansluit bij de oorspronkelijke intentie. Indien dit niet mogelijk is, kan de rechtbank de bepaling matigen.
Artikel 15. Toepasselijk recht en bevoegde rechtbanken
§1. Deze overeenkomst wordt beheerst door het Belgisch recht.
§2. De bevoegde rechtbanken van arrondissement Leuven zijn bevoegd om kennis te nemen van de geschillen die voortspruiten uit de toepassing van deze overeenkomst.
Dit agendapunt werd besproken. Voor de volledige bespreking verwijzen we naar het audioverslag van deze vergadering.
Petra Vanlommel
Op 4, 5, 6 juni 2026 meldden verschillende buurtbewoners dat de waterloop de Motte, ter hoogte van de Mottestraat in Rillaar, was vervuild. Er hing een doordringende oliegeur en er dreef een olieachtige substantie.
Bewoners namen contact op via het Whatsapp-kanaal van Aarschot, via e-mail met de milieudienst van Aarschot en een ambtenaar, telefonisch met schepen Vrancken.
Brandweer en politie werden op de hoogte gebracht en namen de nodige maatregelen om de stookolievervuiling vlak voor park Schoonhoven, ter hoogte van de brug over de Motte, in te perken.
Na het weekend van 6 en 7 juni, hebben Aquafin en de Vlaamse Milieumaatschappij actie ondernomen.
Vragen:
Raadsleden Thomas Salaets en Petra Vanlommel
Groen
Gevolg dat aan dit agendapunt werd gegeven:
Dit agendapunt werd besproken. Voor de volledige bespreking verwijzen we naar het audioverslag van deze vergadering.
Dit agendapunt werd besproken. Voor de volledige bespreking verwijzen we naar het audioverslag van deze vergadering.
Nele Pelgrims
Vandaag wil CD&V Aarschot een eenvoudig voorstel op tafel leggen: "Iedereen een bank vooruit".
Wij stellen voor om verspreid over Aarschot en onze deelgemeenten 50 extra zitbanken te plaatsen. Banken lijken misschien een detail, maar voor ouderen, wandelaars, jonge gezinnen of bewoners van een woonzorgcentrum maken ze vaak een groot verschil. Ze bieden een plek om even uit te rusten, een babbeltje te slaan of gewoon van de omgeving te genieten.
Dit voorstel past perfect binnen een toegankelijk en menselijk mobiliteitsbeleid. Het maakt wandelen aantrekkelijker, versterkt onze deelgemeenten en helpt mee in de strijd tegen eenzaamheid.
Daarom willen we deze zomer aan inwoners, verenigingen en buurtcomités vragen waar volgens hen extra banken nodig zijn. Op basis van die suggesties kunnen we een lijst met geschikte locaties opmaken en een concreet uitvoeringsplan uitwerken.
Mijn vraag aan deze gemeenteraad is dan ook eenvoudig: kunnen we samen de schouders zetten onder dit initiatief en werk maken van 50 extra zitbanken verspreid over onze stad en deelgemeenten?
Want een warme en toegankelijke stad bouw je niet alleen met grote projecten. Soms begint dat gewoon met een bank op de juiste plaats.
Gevolg dat aan dit agendapunt werd gegeven:
Dit agendapunt werd besproken. Voor de volledige bespreking verwijzen we naar het audioverslag van deze vergadering.
Dit agendapunt werd besproken. Voor de volledige bespreking verwijzen we naar het audioverslag van deze vergadering.
Nele Pelgrims
Op de website van Stad Aarschot staat bij de informatie over de zorgverstrekkerskaart expliciet vermeld dat "zorgverstrekkers met de zorgverstrekkerskaart binnen alle zones kunnen parkeren".
Tegelijkertijd heeft parkeerbeheerder Moovia recent de informatie op haar website aangepast en wordt er nu vermeld dat zorgverstrekkers steeds de Europese parkeerschijf moeten plaatsen. Hierdoor ontstaat onduidelijkheid over de concrete parkeerrechten van zorgverstrekkers in Aarschot.
Bovendien werd in de kennisgeving naar aanleiding van een klacht van een bewoner over de parkeerkaarten door de Vlaamse overheid reeds gewezen op het belang van duidelijke communicatie en op de noodzaak dat de informatie op de website van de stad in overeenstemming wordt gebracht met het geldende reglement.
Daarnaast bestaan er vandaag verschillende regelingen voor zorgverleners, waaronder de zorgverstrekkerskaart en het systeem van zorgparkeerplaatsen met stickers. Dat laatste werd ingevoerd na een voorstel van CD&V, waarvoor dank. Net omdat er verschillende systemen naast elkaar bestaan, is het belangrijk dat de toepasselijke regels voor zorgverleners helder, volledig en op één plaats worden toegelicht.
Daarom heb ik volgende vragen:
Gezien de Vlaamse overheid zowel als cd&v eerder al hebben gewezen op het belang van correcte en reglementair conforme communicatie, lijkt het aangewezen dat hierover zo snel mogelijk duidelijkheid wordt verschaft. Tegenstrijdige of onvolledige informatie kan immers leiden tot onzekerheid bij zorgverleners en mogelijk ook tot betwistingen van opgelegde retributies.
Tot slot: het zou ook zinvol zijn om te bekijken of een aanvraag voor een parkeerduur van 1 uur in plaats van 30 minuten haalbaar en aangewezen is. Zorgverleners blijven immers doorgaans niet langer dan noodzakelijk, omdat ze van patiënt naar patiënt moeten doorwerken. In de praktijk kan 30 minuten echter te kort zijn, bijvoorbeeld wanneer een patiënt gevallen is, algemeen slecht is of wanneer het gaat om palliatieve zorg. In dergelijke situaties is het vaak onmogelijk om binnen 30 minuten klaar te zijn.
Gevolg dat aan dit agendapunt werd gegeven:
Dit agendapunt werd besproken. Voor de volledige bespreking verwijzen we naar het audioverslag van deze vergadering.
Notulen en zittingsverslag vergadering 21.05.2026
Notulen
Gelet op het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad en de gemeenteraadscommissies, goedgekeurd door de gemeenteraad in vergadering van 13.03.2025, inzonderheid artikel 24 §1;
Aangezien verder tijdens de vergadering geen bezwaren tegen de notulen van de vergadering van 21.05.2026 werden ingebracht;
zijn de notulen van de vergadering van 21.05.2026 goedgekeurd.
Zittingsverslag
In toepassing van artikel 278 §1 van het decreet over het lokaal bestuur en artikel 28 §2 van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad en de gemeenteraadscommissies is het zittingsverslag vervangen door de integrale audio-opname van de openbare zitting van de gemeenteraad.